Parlementaire vraag nr. 256 van de heer Bert Wollants d.d. 23.02.2021
Kamer, Vragen en Antwoorden, 2020-2021, QRVA 55/046 d.d. 07.04.2021, blz. 157
Vraag nr. 256 van de heer volksvertegenwoordiger Bert Wollants van 23 februari 2021 (N.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding:
Btw op steenkool.
VRAAG
De kostprijs van de verschillende energieproducten en hun effecten op ons klimaat zijn steeds belangrijke discussies als het aankomt op het stimuleren/ontmoedigen van "klimaatonvriendelijke" brandstoffen. Het btw-tarief van 12 % op steenkool is daarin een artefact uit het verleden waar vandaag de nodige vragen bij kunnen gesteld. Dat specifieke tarief wordt immers gehanteerd voor producten die vanuit economisch of sociaal oogpunt belangrijk zijn.
Wanneer wordt gekeken naar de uitstoot van brandstoffen voor verwarming en hun uitstoot per kwh, levert steenkool zo'n 360 gram CO2 op per kwh tegenover 260 g/kwh voor stookolie of 200 g/kwh voor aardgas. En dat terwijl verkopers van kolenkachels er prat op gaan dat verwarmen op steenkool een pak goedkoper is dan de eerder genoemde alternatieven.
Het verdient dus ook de aanbeveling om inkomsten op steenkoolproducten te kunnen opvolgen. In 2015 bezorgde uw voorganger hierover een pak cijfers die evenwel slechts verwezen naar de periode 2010-2014.
1. Hoeveel bedroegen de opbrengsten van btw op steenkool de laatste vijf jaar, per jaar? Graag de cijfers ook opsplitsen tussen industrieel gebruik en particulier (verwarmings)gebruik, zoals ook gebeurde in het eerdere antwoord van toenmalig minister Van Overtveldt.
2. Welke hoeveelheden steenkool werden op die manier de afgelopen vijf jaar, per jaar, in verbruik gebracht? Graag de cijfers ook opsplitsen tussen industrieel gebruik en particulier (verwarmings)gebruik?
ANTWOORD
van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding van 07.01.2021:
1. Gezien de btw-opbrengsten voorvloeiend uit het verbruik van steenkool niet rechtstreeks uit de btw-aangiften kunnen worden afgeleid, is gebruik gemaakt van de gegevens uit de Nationale Rekeningen om die ontvangsten in te schatten.
De onderstaande tabel biedt een overzicht van die geschatte btw-opbrengsten alsook van de belastbare grondslag. Er dient aangestipt dat enkel het verbruik door eindconsumenten in rekening is gebracht. Het intermediair verbruik van steenkool door allerhande bedrijven (voornamelijk cokesfabrieken en elektriciteitscentrales) is uiteraard niet weerhouden bij de berekeningen vermits de desbetreffende btw volgens de normale regels in aftrek kan worden gebracht.
Tenslotte wordt erop gewezen dat de gegevens in onderstaande tabel, uitgedrukt in miljoen euro, voor de jaren 2014-2017 definitieve cijfers betreffen, terwijl het voor de jaren 2018 en 2019 nog om voorlopige cijfers gaat.
| Jaar | Netto btw-grondslag | Netto btw-opbrengst |
| 2014 | 32,8 | 3,94 |
| 2015 | 3,94 | 3,97 |
| 2016 | 28,3 | 3,4 |
| 2017 | 38,2 | 4,58 |
| 2018* | 39,9 | 4,79 |
| 2019* | 40,7 | 4,88 |
| *Voorlopige cijfers |
2. De hoeveelheden steenkool die de afgelopen vijf jaar zijn verbruikt, zijn in de onderstaande tabel opgenomen. Er is daarbij, zoals gevraagd, getracht een onderscheid te maken tussen enerzijds steenkool aangewend voor particulier gebruik en anderzijds steenkool dat wordt gebruikt voor industriële doeleinden. Op het vlak van het particulier gebruik dient evenwel opgemerkt dat ook het verbruik van de landbouwsector in deze gegevens is opgenomen.
Bovendien dient aangestipt dat het hier gegevens betreft die verstrekt zijn door de bevoegde dienst van de FOD Economie. In de afgelopen jaren zijn er herzieningen van de gegevens doorgevoerd. Volgens de statistische conventie worden getransformeerde producten, zoals steenkool die voor elektriciteitsproductie wordt gebruikt en steenkool die in hoogovens wordt gebruikt, niet meegerekend in het eindverbruik.
Uit de cijfers blijkt dat het verbruik door particulieren een dalende tendens vertoont. Anderzijds is het verbruik voor industriële doeleinden de laatste jaren toegenomen.
| Jaar | Verbruik van steenkool door particulieren en de landbouwsector (in kiloton) | Verbruik voor industriële doeleinden (in kiloton) | Totaal verbruik |
| 2015 | 133 | 315,7 | 448,7 |
| 2016 | 129 | 290,9 | 419,9 |
| 2017 | 127,8 | 308,9 | 436,7 |
| 2018 | 107,9 | 327,5 | 435,5 |
| 2019* | 73,3 | 370,8 | 444,1 |
| (*) voorlopige cijfers |
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.