Kamer, Vragen en Antwoorden, 2014-2015, QRVA 54/029 d.d. 15.06.2015, blz. 173
Vraag nr. 243 van de heer volksvertegenwoordiger Luk Van Biesen van 20 maart 2015 (N.) aan de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude.
Btw-wetgeving kwartaalaangevers (MV 2898).
VRAAG
Indien een onderneming ervoor kiest om btw-kwartaalaangiften in te dienen (regeling van de kwartaalaangifte) moeten deze uiterlijk de twintigste van de tweede en de derde maand van ieder kalenderkwartaal een voorschot voldoen op de belasting waarvan de opeisbaarheid uit die aangifte zal blijken (artikel 19, § 1 van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde). Dit geldt eveneens voor de forfaitaire regeling.
De ondernemingen dienen de voorschotten te voldoen:
- voor het 1ste kwartaal van het jaar: uiterlijk op 20 februari en 20 maart;
- voor het 2de kwartaal van het jaar: uiterlijk op 20 mei en 20 juni;
- voor het 3de kwartaal van het jaar: uiterlijk op 20 augustus en 20 september;
- voor het 4de kwartaal van het jaar: uiterlijk op 20 november en 20 december.
De btw-plichtigen dienen zich strikt te houden aan bovenvermelde data om interesten te vermijden. Verder worden ondernemingen welke een saldo in het voordeel van de btw-administratie hebben geacht deze via bevoorschotting reeds aan te zuiveren voor het volgend kwartaal.
Bijvoorbeeld: een btw-plichtige heeft een btw te betalen eind december van 10.000 euro. Deze btw-plichtige moet deze 10.000 euro ten laatste voor de 20ste van de maand aanzuiveren (20.01). Daarenboven moet de btw-plichtige intresten betalen omdat hij dit saldo niet had voorzien (+/- 7% intresten op jaarbasis) en moet hij voor de maand februari en maart minstens een derde voorschotten betalen (+/-3.300 euro) om intresten in het volgend kwartaal te vermijden.
Anderzijds is het ook mogelijk dat de btw-administratie een terugbetaling heeft tegenover de btw-plichtige. In deze situatie heeft de btw-plichtige twee mogelijkheden: ofwel vraagt hij het saldo op ofwel draagt hij dit over. In beide gevallen krijgt de belastingplichtige geen intresten in zijn voordeel.
Kiest de btw-plichtige voor een terugbetaling dan kan hij deze terugbetaling ten vroegste ontvangen op 28 februari of indien er een controle is (verplicht nazicht door de btw-administratie van een derde van de aangiften bij terugbetaling) ten vroegste eind maart.
1. a) Bent u het eens dat dit een ongelijke behandeling is, waarbij de btw-plichtige in het nadeel gesteld is, daar hij verplicht interesten dient te betalen wanneer hij een "btw-schuld" heeft tegenover de btw-administratie.
b) Maar omgekeerd, wanneer de btw-administratie de btw-plichtige dient terug te betalen, dit tot drie maand kan duren zonder enige vorm van interest?
2. Momenteel is de regering op zoek naar maatregelen om bedrijven te steunen.
Is het daarom niet mogelijk de terugbetalingen van de btw-administratie aan de btw-plichtige binnen de 30 dagen te laten gebeuren? Hierdoor zullen vele bedrijven - waaronder vele kleinere - iets meer ademruimte krijgen, aangezien deze btw-tegoeden een serieuze invloed hebben op de cash-flow.
ANTWOORD
(van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude)
1. a) en b) Een belastingplichtige die gemachtigd is om slechts om de drie maanden een btw-aangifte in te dienen, is inderdaad gehouden uiterlijk de twintigste van de tweede en de derde maand van ieder kalenderkwartaal een voorschot te voldoen op de belasting waarvan de opeisbaarheid uit die aangifte zal blijken (artikel 19, § 1 van het koninklijk besluit nr. 1). Het systeem van maandelijkse voorschotten is ingesteld om kwartaalindieners en maandindieners op gelijke voet te plaatsen.
Overeenkomstig artikel 91, § 1, 1°, van het Btw-Wetboek zijn de belastingplichtigen, zowel maandindieners als kwartaalindieners, een interest van 0,8 % per maand van rechtswege verschuldigd wanneer de belasting niet tijdig is voldaan. Op deze wijze wordt gewaakt over het tijdig vervullen van deze belangrijke btw-verplichting.
Belastingkredieten worden binnen drie maanden en op uitdrukkelijk verzoek van de belastingplichtige teruggegeven (artikelen 76, § 1, eerste lid en derde lid, van het Btw-Wetboek).
Overeenkomstig artikel 91, § 3, 1°, van het Btw-Wetboek is een interest van 0,8 % per maand van rechtswege verschuldigd over de sommen die moeten worden teruggegeven en die bij het verstrijken van de bepaalde termijn niet werden teruggegeven.
Of er al dan niet een ongelijke behandeling ontstaat, kan niet eenduidig gezegd worden. Er zijn tal van gevallen mogelijk. De belastingplichtige dient het verschil tussen het totaal bedrag van de belasting verschuldigd tijdens het tijdvak en het totaal van de aftrekbare belasting aan de Staat te voldoen, uiterlijk op het tijdstip bepaald voor de indiening van de btw-aangifte. Als systematisch doorgeefluik van de btw, zal hij op moment van de btw-aangifte dikwijls de btw op zijn output reeds van zijn klanten ontvangen hebben terwijl hij bij zijn leveranciers betalingstermijnen kan genieten en de btw op zijn input nog niet heeft voldaan. Die btw op zijn input kan hij volgens de normale regels wel al in aftrek brengen.
Ik zal mijn administratie wel de opdracht geven om het systeem van de kwartaalvoorschotten en de nalatigheidsinteresten te evalueren.
2. De voorziene termijn voor terugbetaling van belastingkredieten is noodzakelijk voor de uitvoering van de vereiste controles op de teruggaven. Het zonder meer teruggeven van de gevraagde bedragen houdt een ernstig fiscaal risico in. Inzonderheid in de strijd tegen de carousselfraude zijn deze controles van groot belang. De administratie kan niet de procedure van terugbetaling van belastingkredieten te versnellen zonder al te grote risico's te nemen op onterechte uitbetaling.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.