Bijkomende door de BBI ingekohierde bedragen · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

239 9 mei 1997

Zoeken

Bijkomende door de BBI ingekohierde bedragen

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/239-bijkomende-bbi-ingekohierde-bedragen-hatry-097e

Nummer
239
Datum
9 mei 1997

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

81 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

Bijkomende door de BBI ingekohierde bedragen

VRAAG

Op 4 december 1995 en op 16 februari 1996 heb ik de minister van Financiën een vraag gesteld over de bijkomende door de BBI ingekohierde bedragen voor de jaren 1990 tot 1994.

Het wordt immers steeds duidelijker dat voor die jaren, net zoals voor het jaar 1995 en waarschijnlijk ook voor het jaar 1996, de bijkomende ingekohierde bedragen waarnaar in de rapporten verwezen wordt, aanzienlijk verminderd moeten worden indien het gaat om betwiste bedragen of om bedragen die volgens in kracht van gewijsde gegane eindvonnissen niet verschuldigd blijken of om bedragen die verschuldigd zijn door personen die verwikkeld zijn in faillissementen, enz.

In zijn antwoord had de minister meegedeeld dat hij de gevraagde inlichtingen voor die jaren niet kon geven daar er nog geen onderscheid gemaakt kon worden tussen de werkelijk betaalde en niet betwiste bedragen en de andere bedragen.

De minister had er zich evenwel toe verbonden de door de BBI ingekohierde belastingsupplementen in een andere vorm te registreren, zowel in de vennootschapsbelasting als in de personenbelasting en ook in de BTW, in de beide gevallen, wat het mogelijk zou maken de gevraagde inlichtingen te verstrekken.

In ieder geval voeg ik hierbij opnieuw de tabel die voorkomt in het jongste jaarverslag van de BBI dat mij bezorgd werd.

Kan de minister mij nu voor de jaren 1990 tot 1996 en voor de verschillende rubrieken van de tabel de werkelijk geïnde belastingbedragen opgeven naast de theoretisch ingekohierde bijkomende bedragen?

Door de BBI ingekohierde belastingsupplementen (met inbegrip van de sancties, in miljarden franken)

19901991199219931994
1. Inkomstenbelastingen.
Natuurlijke personen.3,7777,0923,9013,2484,014
Vennootschappen.7,3747,14519,99715,01226,506
Totaal.11,15114,23723,89818,26030,522
2. B.T.W.
Natuurlijke personen.1,8493,0372,3161,7633,028
Vennootschappen.4,2365,5625,6416,3056,640
Totaal.6,0858,5997,9578,0689,668
Totaal 1 en 2.17,23622,83631,85526,32840,190

Bron: Algemene administratie van de belastingen, maandelijkse verslagen, tel. 02/210.64.87.

ANTWOORD

Zoals ik reeds vooropstelde in mijn antwoord op de door het geachte lid gestelde vragen nr. 163 van 4 december 1995 en nr. 53 van 16 februari 1996, heb ik de betrokken administraties opgedragen een statistiek aan te leggen waaruit de gevraagde inlichtingen blijken. Hierna vindt hij die inlichtingen die tot nu konden worden verzameld op het vlak van de BTW:

In te vorderen bedragen (miljoenen franken)Betaalde bedragen (miljoenen franken)
19939925367
199412.638618
199511.887513
199616.785550

Wat de inkomstenbelastingen betreft, heeft de administratie der Directe Belastingen begin 1996 de nodige maatregelen genomen met het oog op de opmaak van de gevraagde statistieken. Sinds mei 1996 wordt elke door de BBI gevestigde aanslag geïndificeerd door een specifieke code. Deze maatregel zal evenwel pas zinvol zijn wanneer deze administratie over een compleet referentiejaar beschikt.

De eerste statistieken zouden beschikbaar moeten zijn in de loop van het vierde kwartaal 1997, maar ze zullen op dat moment maar een gedeeltelijke stand van zaken weergeven wat betreft de aanslagen waarvoor de aanslagtermijn krachtens artikel 354 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 nog niet is verlopen. Ik zal in elk geval niet nalaten het geachte lid op de hoogte te brengen, zodra de gevraagde inlichtingen mij ter kennis worden gebracht.

Ik maak van de gelegenheid gebruik om te herinneren aan de primordiale opdracht van de administratie van de Bijzondere Belastinginspectie, te weten de bestrijding van grote fraudestromingen, in het bijzonder diegene die ingewikkelde mechanismen gebruiken. Hoewel dit regelmatig tot spectaculaire rechtzettingen leidt, mot men niet verbaasd zijn over het eerder lage percentage aan ingekohierde of in te vorderen bedragen die daadwerkelijk door de betrokken belastingschuldingen wordt betaald, en dit om verschillende redenen (faillissement, aanwending van verhaalmiddelen, organisatie van insolventie,...).

De administratie is evenwel bezig met het oprichten van gespecialiseerde cellen «invordering», die de BBI-diensten van bij de taxatie-fase zullen bijstaan met het oog op een maximale vrijwaring van de rechten van de Schatkist en om de invordering van de verschuldigde bedragen beter te verzekeren.

Overigens gaat er van de kans, dat bepaalde fraudepraktijken het voorwerp zouden kunnen uitmaken van een controle door de BBI, een niet te ontdekken ontradingseffect uit.