Begrip "goed behorend tot het bedrijf" · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

1870 4 februari 2002

Zoeken

Begrip "goed behorend tot het bedrijf"

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1870-begrip-goed-behorend-bedrijf-nyssens-93b6

Nummer
1870
Datum
4 februari 2002

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

8 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat, 2001-2002, nr. 2-56, blz. 3086

Begrip "goed behorend tot het bedrijf"

VRAAG

Komt het begrip "goed bestemd om door de onderneming te worden gebruikt" zoals dat wordt gebruikt in artikel 19, § 1, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde overeen met het begrip "investeringsgoederen" zoals dat wordt gebruikt in artikel 6, § 1, van het derde koninklijk besluit ter uitvoering van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde?

ANTWOORD

Overeenkomstig artikel 19, § 1, van het BTWWetboek, wordt met een dienst verricht onder bezwarende titel gelijkgesteld het gebruiken van een tot het bedrijf behorend goed, voor privé-doeleinden van de belastingplichtige of van zijn personeel of, meer algemeen, voor andere doeleinden van deze van de economische activiteit van de belastingplichtige, wanneer voor dat goed recht op volledige of gedeeltelijke aftrek van de belasting is ontstaan.

Het begrip "goed behorend tot het bedrijf" is uiteraard veel breder dan dat van "bedrijfsmiddel". In feite, omvat het, in principe, alle goederen, dus zelfs deze die niet beantwoorden aan het begrip "bedrijfsmiddel" in de zin van de door het geachte lid geciteerde bepaling en het ministerieel besluit nr. 1 van 2 september 1980, genomen ter uitvoering van deze bepaling.

Tot hiertoe aanvaardt de administratie nochtans dat het geheel of gedeeltelijk maar tijdelijk of toevallig gebruik van een tot het bedrijf behorend goed voor de privé-doeleinden van de belastingplichtige of van zijn personeel, of, meer algemeen, voor andere doeleinden van die van de economische activiteit van de belastingplichtige, geen aanleiding geeft tot de toepassing van artikel 19, § 1, van het BTW-Wetboek, indien de prijs van het goed of bij ontstentenis van een prijs, zijn normale waarde, per in handel gebruikelijke eenheid, lager is dan 250 euro. Dit bedrag stemps effectief overeen met de door voornoemd ministerieel besluit nr. 1 vastgestelde waarde.Ik verwijs in dit verband naar punt 7 van de aanschrijving nr. 4 van 9 mei 1996 (Gebruik van een tot het bedrijf behorend goed voor andere doeleinden dan deze van de economische activiteit - gelijkstelling met een dienst verricht onder bezwarende titel - artikel 19, § 1, van het BTW-Wetboek), waarin het ging om een bedrag van 10 000 Belgische frank.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 194 voorkomens