Het btw-tarief voor geconventioneerde woningen · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

18170 10 mei 2017

Zoeken

Het btw-tarief voor geconventioneerde woningen

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/18170-btw-tarief-geconventioneerde-woningen-mondelinge-99f6

Nummer
18170
Datum
10 mei 2017

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

19 paragrafen

Kamer, Integraal verslag - Commissie voor Financiën, 2016-2017, CRIV 54 COM 659 d.d. 10.05.2017, blz. 29

Het btw-tarief voor geconventioneerde woningen

Smaers : Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, dit is een belangrijke vraag voor het werkveld van de sociale huisvesting. Mijn vraag is misschien ruimer dan uw antwoord, maar ik ga u mijn vraag toch voorleggen. Mijnheer de minister, bijlage XXXVI bij het btw-KB nr. 20 voorziet inzake sociale huisvesting in ruime zin in een verlaagd btw-tarief van 6 %. Private ontwikkelaars die onder de toepassing van het deels vernietigde Vlaams decreet van 27 maart 2009 betreffende het gronden pandenbeleid zelf een sociaal aanbod in natura creëerden, genoten dat verminderde btw-tarief.

In de memorie van toelichting bij het ontwerp van decreet betreffende het grond- en pandenbeleid, is omtrent bovenvermeld btw-regime het volgende gesteld, ik citeer: “In casu komt de bevoegdheid op het vlak van de bepaling en de omschrijving van de btw-tarifering binnen het stelsel van de bijzondere financieringswet toe aan de federale overheid. De federale overheid kan op grond van deze competentie beslissen dat inzake sociale huisvesting specifieke lagere tarieven gelden, met name 6 % in plaats van 21 %. Eens zij dergelijke beslissing genomen heeft, dient zij de concrete afbakening van het concept ‘sociale huisvesting’ evenwel over te laten aan de Gewesten. Luidens artikel 6, § 1, IV van de bijzondere wet tot hervorming der instellingen komt de bevoegdheid inzake huisvesting aan de Gewesten toe, waarbij deze term conform de parlementaire voorbereiding van de bijzondere wet zeer ruim moet worden opgevat. Men dient vast te stellen dat het btw-KB nr. 20 zulks met zoveel woorden bevestigt: er wordt uitdrukkelijk verwezen naar de gewestelijke huisvestingsmaatschappijen en naar de door hen erkende maatschappijen. Het Vlaamse Gewest kan dus effectief op indirecte wijze het toepassingsgebied van de 6 %-regeling verruimen door het door private actoren, binnen het voor de sociale huisvestingsmaatschappijen geldende normatief kader, gecreëerde sociaal woonaanbod te beschouwen als zijnde gecreëerd door een sociale huisvestingsmaatschappij, in zoverre de VMSW de nodige attesten heeft afgeleverd.”

In plaats van de vernietigde socialelastenregeling, wordt in de praktijk thans gewerkt met geconventioneerde woningen, zoals uitgewerkt door het Vlaamse niveau. Hierbij worden woningen gerealiseerd overeenkomstig het typebestek van de VMSW, waarbij de woningen worden verkocht of verhuurd aan een prijs die niet hoger is dan deze die wordt toegelaten door de reglementering op de sociale koop- of huurwoningen. Het typebestek van de VMSW heeft thans normatieve waarde, aangezien het vastgelegd is bij het ministerieel besluit van 14 mei 2013.

De realisatie van woningen conform het typebestek van de VMSW als gewestelijke sociale huisvestingsmaatschappij, impliceert wat het betrokken project betreft als het ware een erkenning door deze huisvestingsmaatschappij.

De woningen worden daarnaast aangeboden aan doelgroepen conform de prijsnormeringen die de gewestelijke overheid binnen het sociaal woonaanbod aanvaardt, te weten de prijsnormering conform de regelingen die gelden voor de sociale huisvestingsmaatschappijen. Ik wil u daarom enkele eenvoudige vragen stellen. Kunt u bevestigen dat dergelijke geconventioneerde woningen zoals bepaald en aangehaald in mijn vraag onder bijlage XXXVI bij het KB nr. 20 ressorteren? Indien niet, waarom niet?

Minister Johan Van Overtveldt: Uw vraag heeft betrekking op één van de voorwaarden voor de toekenning van het verlaagde btwtarief voor sociale huisvesting, met name de erkenning als gewestelijke huisvestingsmaatschappij of als een door hen erkende huisvestingsmaatschappij voor sociale huisvesting.

Bij arrest van 7 november 2013 heeft het Grondwettelijk Hof de artikelen die betrekking hebben op de normen inzake sociaal woonaanbod en de sociale lasten van het Vlaams decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid met terugwerkende kracht vernietigd.

De sociale last verplichtte de verkavelaar of bouwheer handelingen te stellen opdat een aandeel sociaal woonaanbod zou worden gerealiseerd in bouw- en verkavelingsprojecten van bepaalde omvang. Een van de mogelijke uitvoeringswijzen van de sociale last was de invoering in natura, waarbij de ontwikkelaars ervoor konden opteren om zelf sociale huur- of koopwoningen te realiseren. Het door het Grondwettelijk Hof vernietigde artikel van dat Vlaams decreet voorzag er uitdrukkelijk in dat het sociale gedeelte van het bouwproject geacht werd te zijn verwezenlijkt door een sociale huisvestingsmaatschappij. Hierdoor was van rechtswege voldaan aan een van de voorwaarden voor de toepassing van het verlaagde btwtarief.

De gevolgen van het arrest van het Grondwettelijk Hof werden in het voorjaar van 2014 besproken door de beleidscel van mijn voorganger en vertegenwoordigers van de bevoegde Vlaamse minister. Dit overleg leidde tot een consensus over het feit dat ingevolge het schrappen van de kwestieuze bepaling een onderscheid moet worden gemaakt wanneer de ontwikkelaar ervoor heeft geopteerd om de hem opgelegde sociale last in natura uit te voeren. De verkoop door de ontwikkelaar van door hem gebouwde sociale huurwoningen aan erkende maatschappijen voor sociale huisvesting kan onder het verlaagd btw-tarief van 6 %, mits aan de overige voorwaarden ook voldaan is.

De levering van sociale koopwoningen door een ontwikkelaar rechtstreeks aan de sociale doelgroep is daarentegen niet beoogd wanneer niet voldaan is aan de voorwaarden inzake uitdrukkelijke erkenning als sociale huisvestingsmaatschappij.

Het respecteren door de verkavelaar van het Vlaams ministerieel besluit van 14 mei 2013 tot vaststelling van de technische normen waaraan sociale woonkavels moeten voldoen, houdt op zich geen erkenning in.

Griet Smaers: Dank u voor uw antwoord, mijnheer de minister.

Ik zal het nog eens bekijken en nagaan in welke mate we daarop kunnen terugkomen met het oog op de sociale huisvesting onder particuliere bouw. Om nog meer sociale huisvesting te kunnen creëren, zou het goed zijn om ook de bouw die valt onder de normering voor sociale huisvesting van de gewestelijke VMSW tegen een verlaagd tarief van 6 % te kunnen laten bouwen, als voordeel voor private woningbouw inzake erkende sociale huisvesting.

De voorzitter: Mijnheer Van Mechelen, het mag niet, maar we zijn nu toch onder ons.

Dirk Van Mechelen: De filosofie van het decreet was altijd dat op deze manier private bedrijven op hun beurt in het kader van de sociale lasten die sociale woningen zouden realiseren. Eigenlijk was de filosofie dat via de Vlaamse Confederatie van de bouwnijverheid een sociaal erkende huisvestingsmaatschappij zou opgericht worden voor de private sector om die woningen te realiseren.

Mijnheer de minister, ik denk dat u misschien eens met de Vlaamse Confederatie moet nagaan of die mogelijkheid niet op die manier kan worden gecreëerd, want dat was de filosofie van het decreet die ik mij nog herinner.

Het incident is gesloten.

Administratieve doctrine

4

« … Fonds du Logement des Familles nombreuses de Wallonie’ of het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest Opmerking: de levering van sociale koopwoningen door een ontwikkelaar rechtstreeks aan de sociale doelgroep is daarentegen niet beoogd (zie de mondelinge parlementaire vraag nr. 18.170 van mevrouw de Volksvertegenwoordiger Griet Smaers van 10.05.2017 ). b. Bij werk in onroerende staat en ermee gelijkgestelde handelingen (rubriek XXXVI, § 1, 2°) Het gaat om privéwoningen die bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid waarbij de werken worden geleverd en gefactureerd AAN: de … »

Tarieven van de belasting (01.11.2025)Administratieve commentaar12.11.2025

Bekijk de 4 documenten