BTW-Revue nr. 146, blz. 250
Vr. en Antw., Kamer, 1999-2000, nr. 24, blz. 2743
Renovatiewerken aan gebouwen
VRAAG
Op 22 oktober 1999 werd door de Raad van de Europese Unie een richtlijn goedgekeurd met betrekking tot de toepassing van het verlaagd BTW-tarief op arbeidsintensieve diensten. In deze richtlijn worden vijf categorieën opgesomd om de toepassing van het verlaagd tarief te kunnen genieten. Aan de lidstaten wordt de mogelijkheid geboden om twee, uitzonderlijk drie, van deze diensten te belasten tegen het verlaagd tarief.
In België zullen arbeidsintensieve diensten vanaf 1 januari 2000, gedurende drie jaar belast worden tegen 6 %. Deze diensten zijn de renovatiewerkzaamheden uitgevoerd aan gebouwen ouder dan vijf jaar en de herstellingswerkzaamheden aan fietsen, schoenen en kleren.
In de reeds bestaande regeling inzake renovatiewerken aan gebouwen van meer dan 15 jaar geldt het tarief van 6 % zowel voor de loonkosten als voor de materialen.
In de nieuwe regeling is er sprake dat "bepaalde materialen" onder de toepassing van het 6 %-tarief zullen vallen. Hiertoe zal een gedetailleerde lijst opgesteld worden.
Kan u, de verwarring bij de invoering van de BTW-verlaging voor kleine en middelgrote woningen voor de periode van 1 januari 1996 tot en met 31 december 1997 indachtig, meedelen:
1. of de lijst met de materialen welke onderworpen zullen zijn aan het BTW-tarief van 6 % inmiddels reeds gekend is;
2. of de BTW-administratie tijdig op de hoogte zal zijn van de juiste richtlijnen om als dusdanig de gebruiker de correcte informatie te verschaffen?
ANTWOORD
Artikel 12, lid 3, a), van de (zesde) (BTW-)richtlijn nr. 77/388/EEG machtigt, tot op heden, de lidstaten permanent hetzij één hetzij twee verlaagde tarieven toe te passen op enkel de in bijlage H bij die richtlijn opgesomde categorieën van leveringen van goederen en dienstverrichtingen.
Geconfronteerd met het cruciaal probleem van de werkloosheid en met de verleiding die dit meebrengt om in het "zwarte circuit" te verdwijnen of er te blijven, hebben de communautaire instanties onlangs de richtlijn nr. 1999/85/EG van de Raad van 22 oktober 1999 aangenomen tot wijziging van richtlijn 77/388/EEG wat de mogelijkheid betreft om bij wijze van experiment op arbeidsintensieve diensten een verlaagd BTW-tarief toe te passen (PBEG nr. L 277 van 28 oktober 1999).
In werking getreden op 28 oktober 1999, beantwoordt de richtlijn nr. 1999/85/EG aan de essentiële bezorgdheid de lidstaten desgewenst in de gelegenheid te stellen te experimenteren met de toepassing en de gevolgen, uit het oogpunt van de schepping van werkgelegenheid, van een BTW-verlaging met betrekking tot arbeidsintensieve diensten die niet opgesomd zijn in bijlage H. Daarom voegt de richtlijn nr. 1999/85/ EG een artikel 28, lid 6, en een bijlage K toe aan de (zesde) (BTW-)richtlijn nr. 77/388/EEG.
Artikel 28, lid 6, staat de Raad toe, met eenparigheld van stemmen op voorstel van de Commissie, elke lidstaat te machtigen om, gedurende een periode van maximaal drie jaar tussen 1 januari 2000 en 31 december 2002, de terzake bedoelde verlaagde BTW-tarieven toe te passen op diensten die het voorwerp uitmaken van ten hoogste twee van de vijf cate- gorieën opgesomd in bijlage K. In uitzonderlijke gevallen mag het een lidstaat evenwel worden toegestaan het verlaagde tarief toe te passen op diensten in drie van die categorieën.
België heeft op 28 oktober 1999 de inleidende verplichting nagekomen de Commissie op de hoogte te stellen van de in casu gemaakte keuze. Die keuze heeft uiteindelijk enkel betrekking op de diensten opgesomd onder de punten nrs. 1 en 2 van de bijlage K te weten:
•de kleine hersteldiensten: fietsen, schoeisel en lederwaren, kleding en huishoudlinnen, inbegrepen het vermaken;
•de renovatie en herstel van particuliere woningen, met uitzondering van materialen die een beduidend deel vertegenwoordigen van de waarde van de verstrekte diensten.
De renovatie en de herstelling van privé-woningen beogen van hun kant slechts de handelingen die de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben. De Belgische autoriteiten hebben zich in onderhavig geval bovendien in ruime mate geïnspireerd op het verlaagd tarief van 6 % dat de rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven (Belgisch Staatsblad van 31 juli 1970) reeds op permanente wijze toepast, onder de beperkingen en de voorwaarden die zij bepaalt, op onroerende handelingen aan woningen waarvan de eerste ingebruikneming tenminste vijftien jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van verschuldigdheid, van de BTW waarop dit verlaagd tarief van 6 % van toepassing is.
De hier gelichte optie past in feite dit stelsel aan aan een tijdelijke toepassing van het tarief van 6 %. Het voordeel van dit tarief is in onderhavig geval uitgebreid naar woningen waarvan de eerste ingebruikneming ten minste vijf jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van opeisbaarheid van de BTW dat zich voordoet overeenkomstig artikel 22 van het Wetboek van die belasting.
Zoals het geachte lid terecht stelt, is het verlaagd tarief van 6 % zoals beoogd in voormelde rubriek XXXI, van toepassing op zowel de materialen als op de loonkosten. Rekening gehouden met hetgeen voorafgaat, geldt dit eveneens voor de tijdelijke regeling.
Het parallellisme stopt daar trouwens niet. De ene permanent, de andere tijdelijk, hebben de twee bepalingen gemeen van de toepassing van het verlaagd tarief uit te sluiten:
•werk in onroerende staat dat geen betrekking heeft op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;
•werk in onroerende staat dat tot voorwerp heeft de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.
Getrouw aan de optiek van de bijlage K, voegt de tijdelijke bepaling van haar kant daarentegen aan deze lijst toe, het gedeelte van de prijs met betrekking tot de levering van collectieve verwarmingsketels in appartementsgebouwen alsook op de levering van de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van liftinstallaties.
De centrale administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit heeft, zonder verwijl, haar buitendiensten via de geëigende wegen (elektronische mailing, schriftelijke instructies) in kennis gesteld van deze preciseringen. Daarenboven heeft het departement van Financiën een voor het breed publiek (particulieren, bouwondernemingen, geïnteresseerde administraties, ... ) bestemde brochure uitgegeven waarin de draagwijdte en de inhoud van de betrokken BTW-verlagingen nader worden toegelicht.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.