Restauratie van oldtimers voor verzamelaars · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

156 28 december 2020

Zoeken

Restauratie van oldtimers voor verzamelaars

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/156-restauratie-oldtimers-verzamelaars-josy-arens-1bc9

Nummer
156
Datum
28 december 2020

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

17 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 156 van de heer Josy Arens d.d. 28.12.2020

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2020-2021, QRVA 55/036 d.d. 27.01.2021, blz. 207

Vraag nr. 156 van de heer volksvertegenwoordiger Josy Arens van 28 december 2020 (Fr.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding:

Restauratie van oldtimers voor verzamelaars. - Btw.

VRAAG

1. Moet de restauratie van zogenaamde oldtimers die in een andere EU-lidstaat uitgevoerd wordt in opdracht van in België gevestigde, niet-belastingplichtige natuurlijke personen beschouwd worden als een dienst die belastbaar is in de lidstaat waar de werken feitelijk worden uitgevoerd of als een levering van goederen die belastbaar is in België voor de persoon die de werken heeft uitgevoerd?

2. Klopt het dat de Belgische belastingadministratie twee verschillende standpunten ingenomen zou hebben? Overeenkomstig de cross-border ruling 2019/22 van 13 maart 2019 zou het gaan over een dienst waarover btw moet worden betaald in het land waar de dienstverlener gevestigd is. Volgens de beslissing E.T. 95.109 van 10 mei 1999 dient de handeling dan weer aangemerkt te worden als een levering van goederen wanneer de waarde van de geleverde en geplaatste goederen meer dan 50 % van de totale prijs bedraagt. Wat is de juiste oplossing?

ANTWOORD

van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding van 27.01.2021:

1. De btw-behandeling die op de beschreven handeling inzake restauratie moet worden toegepast, is afhankelijk van de aard van de handeling.

Om praktische redenen, wordt als algemene regel toepassing gemaakt van de Belgische administratieve beslissing E.T.95.109 van 10 mei 1999, die voorziet dat de handeling bestaande uit zowel het leveren van een goed als de installatie of montage ervan op een roerend goed in zijn geheel moet worden beschouwd als een dienst wanneer de waarde van de ter gelegenheid van de handeling geleverde en geplaatste goederen lager is dan 50 % van de totale prijs die verschuldigd is door de koper of de ontvanger.

In de andere gevallen, wordt de handeling in haar geheel aangemerkt als een levering van goederen.

Wanneer de betrokken handeling als een dienst wordt aangemerkt, is zij belastbaar in de lidstaat waar de werken materieel worden verricht overeenkomstig artikel 21bis, § 2, 6°, c), van het btw-Wetboek.

Wanneer die handeling daarentegen als een levering van goederen wordt aangemerkt, is zij belastbaar hetzij in de lidstaat waar het goed zich bevindt op het tijdstip van vertrek van de verzending of het vervoer naar de afnemer overeenkomstig artikel 14, § 2, eerste lid, van het btw-Wetboek, hetzij in België indien de voorwaarden voorzien in artikel 15, § 1, van het btw-Wetboek zijn vervuld, onder meer wanneer het vervoer door of voor rekening van de leverancier wordt verricht.

In het tweede geval en door toepassing van artikel 51, § 1, 1°, van het btw-Wetboek, is de belasting in België verschuldigd door de belastingplichtige die de levering van goederen verricht.

2. De administratieve beslissing E.T.95.109 van 10 mei 1999 is als algemene regel van toepassing. Het is evenwel niet uitgesloten dat de administratie er bij een individuele beslissing van afwijkt wanneer de feitelijke omstandigheden van het concrete geval of de Europese rechtspraak ter zake een andere kwalificatie van de handeling vereisen.

Het pilootproject CBR (EU VAT Cross border Rulings) heeft onder meer tot doel om rechtszekerheid te verschaffen aan ondernemingen actief in een grensoverschrijdende omgeving en om een dubbele heffing of een niet-heffing van concrete complexe handelingen te vermijden die zouden voortkomen uit een verschillende interpretatie van de btw-wetgeving door de lidstaten.

Om redenen van transparantie wordt een anonieme samenvatting van de CBR's gepubliceerd op de website van de Europese Commissie. Die samenvattingen zijn algemeen van aard en hebben een louter informatief karakter, vermits een CBR slechts van toepassing is op het specifieke geval vermeld in het aanvraagdossier.

Aangehaalde teksten

4
WBTW art. 141 voorkomen
WBTW art. 151 voorkomen
WBTW art. 21bis1 voorkomen
WBTW art. 511 voorkomen

Administratieve doctrine

6

« … een goed dan wel als een dienst, wanneer die handelingen tegelijkertijd het leveren van een goed en de installatie of montage ervan op een goed met zich meebrengen, moeten de volgende regels in acht worden genomen (beslissing nr. E.T. 95.109 van 10.05.1999, schriftelijke parlementaire vraag nr. 156 van de heer Volksvertegenwoordiger Josy Arens van 28.12.2020 , mondelinge parlementaire vraag nr. 327 van de heer Volksvertegenwoordiger Josy Arens van 30.03.2021): wanneer de waarde van de ter gelegenheid van de handeling geleverde en geplaatste goederen lager is dan 50% van de totale prijs die verschuldigd is door … »

Leveringen van goederen (01.03.2026)Administratieve commentaar01.03.2026

Bekijk de 6 documenten