Schriftelijke vraag en antwoord nr : 15 - Zittingsperiode : 53
Auteur : Veerle Wouters, N-VA (06401)
Departement : Vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken
Titel : Beperking btw-aftrek op bedrijfswagens. - Bedrijfswagens al dan niet bedoeld in artikel 45, §1quinquies W.btw. - Wijziging tijdelijk en permanent privégebruik (SV 511).
Datum indiening : 14/12/2011
Vraag
Tijdens de parlementaire bespreking (Parl. St., Kamer, 201-2011, nr. 53-645/02, 11) heeft de staatssecretaris verduidelijkt dat met betrekking tot de btw-aftrek van bedrijfswagens artikel 45, §2 van het btw-Wetboek voorrang heeft op het nieuwe artikel 45, §1quinquies van het btw-Wetboek. In de circulaire AFZ van 25 januari 2011, nr. 01/2011 wordt gesteld dat artikel 19, §1, van het btw-Wetboek niet van toepassing is op goederen die het voorwerp hebben uitgemaakt van de uitsluiting of de beperking van het recht op aftrek overeenkomstig voormeld artikel 45, §1quinquies.
1. a) Wanneer het recht op aftrek met betrekking tot bedrijfswagens is ontstaan na 1 januari 2011 en het privégebruik minder dan 50% bedraagt, waardoor het recht op aftrek wordt beperkt tot 50% op grond van artikel 45, §2 W.btw, dient deze bedrijfswagen te worden beschouwd als een goed andere dan bedoeld in artikel 45, §1quinquies W.btw?
b) Zo ja, dient het tijdelijk bijkomend gebruik van de bedrijfswagen op basis van artikel 19, §1 W.btw nog steeds te worden beschouwd als een met een dienst onder bezwarende titel gelijkgestelde dienst en dit zowel tijdens als na de herzieningstermijn?
c) Zo ja, dient een bestendige wijziging in het gebruik van het bedrijfsmiddel te worden gecorrigeerd via een herziening van het recht op aftrek inzoverre het totaal privé-gebruik meer dan 50% wordt?
2. a) Wanneer het recht op aftrek met betrekking tot bedrijfswagens is ontstaan na 1 januari 2011 en het privégebruik meer dan 50% bedraagt, waardoor het recht op aftrek wordt beperkt op grond van artikel 45, §1quinquies W.btw, wordt deze bedrijfswagen niet langer beschouwd als een goed waarop artikel 19, §1 W. btw van toepassing is?
b) Zo ja, dient het tijdelijk bijkomend privégebruik van de bedrijfswagen op basis van artikel 19, §1 W.btw niet meer te worden beschouwd als een met een dienst onder bezwarende titel gelijkgestelde dienst en dit zowel tijdens als na de herzieningstermijn?
c) 1° Zo ja, heeft dit tot gevolg dat een tijdelijk bijkomend privégebruik van de bedrijfswagen niet meer dient te worden gecorrigeerd door een "factuur aan zichzelf" uit te reiken noch via een herziening van de oorspronkelijk uitgeoefende btw-aftrek?
2° Indien het tijdelijk bijkomend privégebruik via een herziening van de btw zou moeten worden gecorrigeerd, hoe moet die herziening worden berekend?
d) Zo ja, dient enkel nog een bestendige wijziging in het gebruik van het bedrijfsmiddel te worden gecorrigeerd via een herziening van het recht op aftrek inzoverre het totaal privé-gebruik meer wordt dan het oorspronkelijk uitgeoefende recht op aftrek?
Antwoord
Publicatie antwoord : B051 · Publicatiedatum : 06/02/2012
Ik verwijs het geachte lid naar mijn antwoord van 20 januari 2012 op haar vraag nr. 13 van 14 december 2011 (Vragen en Antwoorden, Kamer, 2011-2012, n° 50 van 23 januari 2012).
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Vraag en antwoord gepubliceerd door de Kamer van volksvertegenwoordigers in het Bulletin van vragen en antwoorden · De vraag op de website van de Kamer