Controlemaatregelen. Verzoek om inlichtingen door middel van vragenlijsten gericht aan particulieren · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

148 2 februari 1983

Zoeken

Controlemaatregelen. Verzoek om inlichtingen door middel van vragenlijsten gericht aan particulieren

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/148-controlemaatregelen-verzoek-inlichtingen-middel-vragenlijsten-cf59

Nummer
148
Datum
2 februari 1983

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

28 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer

Controlemaatregelen - Verzoek om inlichtingen door middel van vragenlijsten gericht aan particulieren

VRAAG

De controle van de Opsporings- en documentatiedienst van de BTW te Brugge stuurt aan jonggehuwden in de provincie West-Vlaanderen vragenlijsten waarin aan deze jonggehuwden tal van zeer persoonlijke indiscrete vragen gesteld worden over hun huwelijksfeest onder meer:

1. de plaats en inrichting waar het huwelijksfeest is doorgegaan;

2. de kost van het huwelijksfeest;

3. verzoek om mededeling van de afrekeningen van het feest;

4. de identiteit van de fotograaf die de huwelijksreportage maakte;

5. de kost daarvan;

6. de mededeling van de rekeningen;

7. de identiteit van de taxivoerders;

8. de kosten voor het taxivervoer;

9. mededeling van een copij van de rekeningen van de vervoerondernemer.

Deze wijze van doen wekt bij alle betrokkenen grote ergernis.

In het algemeen dient men zich de vraag te stellen of het met de privacy overeen te brengen is dat belastingdiensten bij de burgerlijke stand lijsten gaan opvragen van jonggehuwden en wellicht ook van andere categorieën personen. Anderzijds is het ook ergerlijk dat niet-BTW-onderworpenen systematisch betrokken worden bij BTW-controles, opsporingen en onderzoeken ten einde bewijzen tegen derden in te zamelen. Dit alles past waarschijnlijk in het kader van een gezinsvriendelijke fiscaliteit.

Vandaar mijn vragen:

1. Welke BTW-opsporingsdiensten in het Vlaamse land zoeken inlichtingen op bij de gemeentelijke diensten van de burgerlijke stand om aan jonggehuwden en andere categorieën personen allerhande inlichtingen en documenten te kunnen opvragen?

2. Sedert wanneer is de praktijk van het inzamelen van inlichtingen langs deze weg bij de opsporingsdienst te Brugge en elders ingevoerd, hoeveel vragenformulieren werden rondgestuurd en aan welke categorieën personen?

3. Hoeveel formulieren werden teruggestuurd door de ondervraagden in elke controledienst?

4. Welke zijn de wettelijke sancties die kunnen opgelegd worden aan de personen die het vragenformulier niet invullen, noch terugsturen? Wat is er tot hiertoe in de praktijk gebeurd in dergelijke gevallen? Worden de onwillige derden verder aangeschreven, opgeroepen of persoonlijk bezocht of met een of andere vorm van vervolging bedreigd?

5. Zijn deze praktijken wettelijk toegelaten of, minstens, als normaal te aanzien bij de uitvoering van BTW-controles?

6. Zijn dergelijke praktijken te verenigen met een minimum eerbied voor de privacy van de niet-BTW-onderworpenen?

7. Gebeurt dit opvragen van inlichtingen ingevolge onderrichtingen van het Departement van Financiën?

8. Zal de Minister deze onderzoekspraktijken verder laten bestaan of zullen onderrichtingen gegeven worden aan de BTW-opsporingsdiensten om de onderzoekspraktijken in deze vormen bij derden op te schorten?

ANTWOORD

Artikel 61, § 3, van het BTW-Wetboek schrijft voor dat de belastingplichtigen en de andere personen die tegenover de Staat schuldenaar zijn van de belasting gehouden zijn mondeling of schriftelijk alle inlichtingen te verschaffen die hun worden gevraagd om de voldoening van deze belasting na te gaan.

Particulieren zijn gehouden, en dit ingevolge artikel 61, § 1, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, de facturen of stukken die zij ontvangen hebben, ingevolge het genoemde Wetboek of de ter uitvoering ervan gegeven regelen, op ieder verzoek van de met controle belaste ambtenaren, ter inzage voor te leggen.

Daar de bedoelde vragenlijst verder gaat dan voornoemde wettelijke verplichting, heeft de Centrale administratie van de BTW, registratie en domeinen in de loop van de maand januari 1983, van zodra zij van de feiten op de hoogte was, aan de betrokken dienst opdracht gegeven dergelijke vragenlijsten niet meer te versturen.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 612 voorkomens