Laattijdige indiening van BTW-aangiften. Boete · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

14 26 oktober 1982

Zoeken

Laattijdige indiening van BTW-aangiften. Boete

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/14-laattijdige-indiening-btw-aangiften-boete-f1eb

Nummer
14
Datum
26 oktober 1982

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

16 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer

Laattijdige indiening van BTW-aangiften - Boete

VRAAG

De BTW-aangiften worden meestal onder gewone briefomslag naar het BTW-controlekantoor opgezonden of worden rechtstreeks in de postbus van het BTW-controlekantoor geworpen. De belastingplichtige heeft hier geen bewijs dat de aangifte ontvangen werd.

Bij niet tijdige ontvangst van de aangifte wordt een boete aangerekend van 1000 fr. ongeacht of dit een eerste overtreding is en zelfs als het verschuldigd bedrag tijdig werd gestort.

Bij bezwaar antwoordt de hoofdcontroleur: "Bij ministeriële beslissing van 23 september 1982, referte GT/BTW/26.240/B werd beslist de aangerekende boete van 1000 fr wegens het laattijdig indienen van de BTW-aangifte niet kwijt te schelden".

Graag vernam ik van de Minister:

- hoeveel boeten van 1000 fr. er in het laatste jaar werden toegepast voor laattijdige aangifte van BTW;

- hoeveel bezwaren daartegen werden ingediend;

- hoeveel van deze laattijdige aangiften ook achterstallige betalingen betroffen, of betalingen welke niet in regel waren;

- waarom de boete niet kan worden kwijtgescholden als het alleen een 1ste overtreding betreft.

ANTWOORD

Aangezien uit de vraagstelling blijkt dat het geacht Lid een concrete beslissing beoogt zal hem, na onderzoek van het geval, rechtstreeks worden geantwoord.

In verband met de in zijn vraag bedoelde numerieke inlichtingen worden overigens door de administratie geen statistieken aangelegd, zodat het niet mogelijk is de gevraagde inlichtingen te verstrekken.

Wat de laatste vraag van het geacht Lid betreft, is overeenkomstig artikel 70, § 4, van het BTW-Wetboek bij niet-tijdige indiening een geldboete van 1000 tot 10.000 fr. per overtreding verschuldigd.

Hierop gelden verminderingen volgens een barema dat gepubliceerd werd in de Officiële Berichten van het Belgisch Staatsblad van 26 juni 1973 en dat rekening houdt met het bedrag aan belasting opgenomen in de laattijdige aangifte en met het aantal maanden vertraging. Dat barema voorziet niet in een totale kwijtschelding.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 701 voorkomen