Regeling indiening kwartaalaangiften vanaf 01.01.1995 · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

1397 30 januari 1995

Zoeken

Regeling indiening kwartaalaangiften vanaf 01.01.1995

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1397-regeling-indiening-kwartaalaangiften-vanaf-clippele-5e42

Nummer
1397
Datum
30 januari 1995

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

14 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1994-1995, nr. 144, blz. 15399-15400

Regeling indiening kwartaalaangiften vanaf 01.01.1995.

VRAAG

De periodiciteitsregeling voor BTW-aangiften werd met ingang van 1 januari 1995 gewijzigd : de kwartaalaangifte, die voor KMO's voorheen de regel was, wordt nu de uitzondering, en de maandaangifte, die voor KMO's de uitzondering was, wordt de regel.

1.

a) Wat moet de BTW-plichtige die vσσr januari 1995 kwartaalaangiften indiende, doen om ook na 1 januari die aangifteregeling te kunnen behouden ?

b) Als de BTW-plichtige niet reageert, welke gevolgen heeft zijn stilzwijgen dan ?

2. Welke stappen moet een KMO die na 1 januari 1995 BTW-plichtig wordt, doen om een aangifteregeling te kiezen ? Het aangifteformulier model 604,A vermeldt daar - vreemd genoeg - niets over.

ANTWOORD

In antwoord op zijn vraag, heb ik de eer het geacht lid het volgende mede te delen.

1.

a) De belastingplichtige die in de loop van het jaar 1994 onderworpen was aan de regeling van indiening van BTW-kwartaalaangiften behoudt ambtshalve die regeling voor 1995, behalve wanneer hij uiterlijk op 31 december 1994 het BTW-controlekantoor waarvan hij afhangt uitdrukkelijk heeft ingelicht dat hij niet meer aan de voorwaarden voldoet om van die regeling te kunnen genieten. Vanaf 1 januari 1995 wordt hij dan aan de regeling van de maandaangiften onderworpen.

b) Bij gebreke aan de hiervoor bedoelde uitdrukkelijke informatie, behoudt de belastingplichtige voor 1995 ambtshalve de regeling van indiening van BTW-kwartaalaangiften.

2. Bij de indiening van de aangifte van aanvang van werkzaamheid, bedoeld in artikel 53, eerste lid, 1°, van het BTW-wetboek en in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 10 van 29 december 1992 (formulier 604.A), wordt de aandacht van de belastingplichtige in het bijzonder gevestigd op de mogelijkheden inzake de periodiciteit van de indiening van aangiften en de eraan verbonden verplichtingen. De belastingplichtige bepaalt dan met kennis van zaken de regeling waaraan hij onderworpen wenst te worden. Die aanduiding wordt aangetekend op het formulier 604.A. Dit formulier zal overigens het voorwerp zijn van de vereiste aanpassing, ten tijde van de volgende herdruk ervan.

Aangehaalde teksten

2
KB nr. 10 art. 11 voorkomen
WBTW art. 531 voorkomen