Nationale Landmaatschappij. Oorzaken van opeisbaarheid van de BTW. Aankoopbelofte. De notariële akte. · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

132 16 maart 1978

Zoeken

Nationale Landmaatschappij. Oorzaken van opeisbaarheid van de BTW. Aankoopbelofte. De notariële akte.Nationale Landmaatschappij. Oorzaken van opeisbaarheid van de BTW. Aankoopbelofte. De notariële akte. Ter beschikkingstelling van het goed. Eenzijdige aankoopbelofte. Teruggaaf

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/132-nationale-landmaatschappij-oorzaken-opeisbaarheid-btw-7ba5

Nummer
132
Datum
16 maart 1978

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

13 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, G.Z. 1977-1978 blz. 1799

Nationale Landmaatschappij - Oorzaken van opeisbaarheid van de BTW - Aankoopbelofte - De notariële akte - Ter beschikkingstelling van het goed - Eenzijdige aankoopbelofte - Teruggaaf

VRAAG

Artikel 26 van de wet van 24 december 1977 betreffende de budgettaire voorstellen 1977-1978, dat het BTW-tarief van 14 % op 16 % brengt, treedt volgens artikel 45, 3°, van dezelfde wet in werking vanaf 1 januari 1978.

De Nationale Landmaatschappij, die onder meer sociale woningen oprichtte in de wijk Sombeke in de gemeente Waasmunster, blijkt nu echter met deze datum geen rekening te moeten houden en dit op last van de Minister van Financiën. Op het einde van het jaar 1977 werd immers aan de kandidaat-kopers van een huis in de wijk Sombeke (Waasmunster) een definitieve afrekening voor aankoop opgemaakt. Hierop werd een BTW-tarief van 14 % geheven.

In februari van dit jaar is de Nationale Landmaatschappij op deze beslissing teruggekomen : zij vernietigde de voorgaande definitieve afrekening en verving ze door een nieuwe waarop een BTW-tarief van 16 % werd geheven.

Kan de heer Minister mij zeggen waarom de Nationale Landmaatschappij het recht heeft om definitieve afrekeningen, die dateren van voor 1 januari 1978 en waarop 14 % BTW was verschuldigd, te vernietigen en te vervangen door een tweede definitieve afrekening waarop evenwel 16 % BTW wordt aangerekend ?

ANTWOORD

Wanneer een in artikel 9, § 3, van het BTW-Wetboek bedoeld gebouw voor 1 januari 1978 ter beschikking werd gesteld van de koper of wanneer voor die datum de prijs of een gedeelte ervan aan deze werd gefactureerd of door hem werd betaald of moest worden betaald, was de BTW tegen het tarief van 14 % over de prijs of het bedoelde gedeelte ervan verschuldigd, op voorwaarde dat de verkoop definitief was gesloten voor dezelfde datum.

De door of voor de Nationale Landmaatschappij opgerichte woningen worden aan de kandidaat-kopers toegewezen op grond van een eenzijdige aankoopbelofte. In die aankoopbelofte wordt duidelijk bepaald dat de verkoop tussen partijen slechts tot stand komt op het ogenblik van de ondertekening van de notariële akte. Als deze in 1978 verleden wordt, zal op de overdracht in beginsel 16 % BTW verschuldigd zijn, zelfs wanneer voor 1 januari 1978, de definitieve afrekening werd opgemaakt of de woning terbeschikking van de kandidaat-koper werd gesteld.

Het geacht Lid doelt in zijn vraag duidelijk op zo'n geval.

Wanneer echter in dergelijke gevallen blijkt dat de woningen voor 1 januari 1978 door de betrokkenen werden bewoond op last van de Nationale Landmaatschappij, dat vanaf die bewoning de levensverzekering van kracht is geworden en dat de betrokkenen voor dezelfde datum, eventueel op het bedrag van de lening en de kooppremie na, de koopprijs volledig hebben voldaan, zal de interpretatie niet worden betwist op grond waarvan de partijen stilzwijgend van de eenzijdige aankoopbelofte hebben afgeweken en de verkoop voor 1 januari 1978 tot stand hebben gebracht waardoor de BTW verschuldigd is geworden tegen het tarief van 14 %.

Wanneer voor die gevallen de Nationale Landmaatschappij de BTW heeft voldaan tegen het tarief van 16 % kan ze teruggaaf verkrijgen van de teveel betaalde BTW.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 91 voorkomen