Vr. en Antw., Kamer, 2007-2008, nr. 17, blz. 2929
Verlaagd tarief - Stadsgebieden - Bouwpromotor
VRAAG
Sinds 1 januari 2007 kan men onder welbepaalde voorwaarden het verlaagd btw-tarief van 6 % bekomen bij de afbraak en de heropbouw van een (nieuwe) woningen in welbepaalde stadsgebieden. Wie zijn woning afbreekt om te vervangen door een nieuwbouw in een stedelijk gebied zal dus voortaan slechts 6 % in plaats van 21 % btw betalen. Deze maatregel moet een belangrijke stimulans betekenen voor de heropbouw en opwaardering van verloederde stadsbuurten. Naast verbouwingen die aan 6 % kunnen worden verricht is het voortaan immers mogelijk om in bepaalde steden nieuwbouwprojecten te realiseren tegen een btw-tarief van 6 %.
De regeling biedt op het eerste gezicht bepaalde perspectieven voor bouwpromotoren. Toch rijzen volgende vragen.
1. Bouwpromotoren kunnen aannemingsovereenkomsten sluiten tegen het verlaagd btw-tarief van 6 %. Dit tarief is immers van toepassing op het werk in onroerende staat dat tot voorwerp heeft de afbraak en de daarmee gepaard gaande heropbouw van een woning.
a) Kan u bevestigen dat ingeval een bouwpromotor oude huizen zou opkopen in de bedoelde steden en deze zou afbreken om er een nieuw gebouw op te richten op aanwijzingen van de potentiële kopen, het verlaagde btw-tarief inderdaad van toepassing zal zijn ?
b) Kan u bevestigen of dit verlaagd tarief eveneens van toepassing is ingeval een bouwpromotor een stuk onbebouwde grond verkoopt en een aannemingsovereenkomst wordt gesloten voor de oprichting van een gebouw? Er is hier immers geen sprake van een voorafgaandelijke afbraak.
2. De oprichting van een gebouw komt anderzijds slechts in aanmerking voor de toepassing van het tarief van 6 % voor zover het dus gaat om de heropbouw van een woning en voor zover de bouwheer met het oog op en voorafgaand aan die heroprichting, het gebouw op het betreffende perceel zelf heeft afgebroken of heeft laten afbreken. De aanwending van het gebouw vo´o´ r de afbraak (al dan niet privéwoning) is hierbij van geen belang.
Sommige bouwpromotoren ontwikkelen zeer grote projecten waarbij zij bijvoorbeeld grote sites kopen, de bestaande gebouwen afbreken en vervolgens een nieuwbouwproject (appartement en/of afzonderlijke woningen) opstarten. In de huidige stand van zaken zou dit betekenen dat die bouwpromotor, in de hypothese dat hij niet kwalificeert als « eindgebruiker », elk van die appartementen/gebouwen moet verkopen aan het btw-tarief van 21 %.
Dit betekent enerzijds een concurrentieverstoring maar holt anderzijds de doelstelling van de programmawet uit. Sommige stadkernen kunnen enkel grondig vernieuwd worden indien meteen gehele sites worden gerenoveerd. Dit vraagt enorme financiële inspanningen. Bouwpromotoren kunnen hier hun taak in vervullen en deze financiële middelen aanreiken maar dreigen uit het toepassingsgebied van het verlaagde btwtarief te vallen. Op die manier ontmoedigt de wetgever kandidaat bouwpromotoren dergelijke grotere stadkernen te renoveren.
Erkent u deze ongelijkheid en overweegt u hier maatregelen te nemen?
ANTWOORD
(vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen, 07.05.2008)
1.
a) Een bouwpromotor die een oud gebouw laat afbreken en heroprichten overeenkomstig de aanwijzingen van een potentiële koper, kan inderdaad het verlaagd tarief van 6% genieten voor betreffende werken in onroerende staat die zijn onderaannemers hem verstrekken voor zover ook alle andere voorwaarden van rubriek XXXVII, van tabel A, van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 inzake btw-tarieven vervuld zijn.
De levering van de heropgerichte woning aan voormelde koper komt daarentegen niet in aanmerking voor de toepassing van het verlaagd tarief van 6% van voormelde rubriek XXXVII, ongeacht overigens of het gebouw wordt verkocht in de toekomstige staat van afwerking (verkoop op plan) of na de heroprichting ervan.
b) Het verlaagd tarief van 6% van voormelde rubriek XXXVII is niet van toepassing in het door het geachte lid omschreven geval aangezien de bouwheer, dat wil zeggen de koper van de grond, het gebouw niet zelf heeft afgebroken of heeft laten afbreken.
2. Het verlaagd tarief van 6% voor afbraak en heropbouw in bepaalde stadsgebieden past in het kader van het sociaal huisvestingsbeleid en is bedoeld om het particulier initiatief op dit vlak aan te moedigen.
Bij het Grondwettelijk Hof werd op 8 november 2007 evenwel een beroep tot vernietiging ingesteld van het tweede lid, 2o, van voormelde rubriek XXXVII wegens schending van de artikelen 10, 11, 170 en 172 van de Grondwet. Aangezien het standpunt dat het Grondwettelijk Hof zal innemen, bepalend zal zijn voor de evaluatie van betreffende maatregel is het niet aangewezen om, in afwachting van dat standpunt, deze rubriek XXXVII te wijzigen.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.