Vr. en Antw., Kamer, 1993-1994, nr. 115, blz. 12.152
Verlegging van de heffing - Bestemming van het gebouw - Tuinaannemer.
VRAAG
Een tuinaannemer die in die hoedanigheid als aannemer geregistreerd is, factureert een BTW-plichtige handelsvennootschap werken uitgevoerd in de tuin grenzend aan een gebouw dat deel uitmaakt van het vermogen van de vennootschap. De tuinaannemer kent de bestemming van het gebouw van zijn klant niet (maatschappelijke zetel of woning die door de vennootschap-eigenaar ter beschikking is gesteld van de afgevaardigd bestuurder), en men kan zich moeilijk voorstellen dat hij het zijn klant vraagt.
Moet hij op zijn factuur de regeling van de BTW toepassen die de medecontractant volgens artikel 20 van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 verschuldigd is?
ANTWOORD
In het door het geacht lid beoogde concreet geval zijn de voorwaarden tot toepassing van artikel 20 van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde vervuld voor zover de medecontractant, namelijk de BTW-belastingplichtige handelsvennootschap, gehouden is tot het indienen van een in artikel 53, eerste lid, 3°, van het BTW-wetboek bedoelde aangifte.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.