Kamer, Integraal verslag - Commissie voor de Financiën en Begroting, 2015-2016, CRIV 54 COM 421 d.d. 18.05.2016, blz. 20
De btw-regels inzake bedrijfswagens
Marco Van Hees: Overeenkomstig de wet van 29 december 2010 hebben de btw-plichtigen de keuze tussen drie methoden om het aftrekbare btw-bedrag te berekenen. De tweede methode kan gemakkelijk tot een aftrek van het toegelaten maximum van 50 procent leiden. Daarvoor moet het voertuig effectief als werkinstrument of exploitatiemiddel gebruikt worden.
In de omzendbrief AAFisc nr. 36/2015 wordt die voorwaarde afgezwakt. Er wordt immers in bepaald dat wanneer een belastingplichtige een voertuig ter beschikking stelt van een werknemer in het kader van het loonbeleid, de administratie ervan uitgaat dat het voertuig daadwerkelijk als werkinstrument of als exploitatiemiddel wordt
Waarom bedient men zich in die omzendbrief van een kunstgreep door de wet op die wijze te interpreteren? Gaat men in de omzendbrief niet buiten zijn boekje door een vermoeden in te voeren in het voordeel van de bedrijfsvoertuigen, dat een daling van de ontvangsten van de Staat in de hand werkt? De bedrijfswagens hebben een negatieve impact op de verkeersdrukte, het milieu en de volksgezondheid. Vindt u het dan opportuun dat ze op die wijze voor de werkgevers aantrekkelijker gemaakt worden?
Minister Johan Van Overtveldt: Het beroepsgebruik van een voertuig moet in principe worden vastgesteld aan de hand van een volledige rittenadministratie. Om de administratieve rompslomp voor de belastingplichtigen te vereenvoudigen heeft de administratie twee alternatieve methoden uitgewerkt, waarvoor strikte voorwaarden gelden. In de genoemde omzendbrief worden de sinds 2011 gepubliceerde administratieve commentaren verduidelijkt
Het voertuig moet daadwerkelijk als werkinstrument of exploitatiemiddel worden gebruikt in het kader van de economische activiteit. Om discussie te vermijden, werd er beslist dat, wanneer een belastingplichtige een voertuig ter beschikking stelt van een werknemer in het kader van zijn loonbeleid, dat voertuig wordt beschouwd als een exploitatiemiddel van de onderneming. Het recht op aftrek blijft dus beperkt op grond van het daadwerkelijke beroepsgebruik van het voertuig.
De toepassing van die alternatieve methoden is soms wel en soms niet voordelig voor de belastingplichtige, afhankelijk van het reële gebruik.
De omzendbrief strekt ertoe de toepassing van de btw-regelgeving van 2010 te waarborgen, niet het gebruik van bedrijfswagens aan te moedigen of te ontmoedigen.
Marco Van Hees: Ik blijf op mijn honger zitten. Ik zie niet in hoe een specifieke relatie tussen werkgever en werknemer kan bepalen dat het voertuig daadwerkelijk als werkinstrument wordt gebruikt.
Ik stel vast dat er in de tweede methode van uit wordt gegaan dat het aantal kilometers zuivere privéverplaatsing oploopt tot 6.000 en dat er 200 werkdagen zijn. Dit komt echter niet overeen met de werkelijkheid. Ik herhaal dat deze omzendbrief een kunstgreep in het leven roept die verder gaat dan wat er in de wet staat en die het gebruik van bedrijfswagens aanmoedigt.
Het incident is gesloten.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.