Reclamepaneel. Sportveld. Reclame. Onroerend goed. Dienst. Reclamedrager. Verhuur van een lichamelijk roerend · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

109 14 januari 1983

Zoeken

Reclamepaneel. Sportveld. Reclame. Onroerend goed. Dienst. Reclamedrager. Verhuur van een lichamelijk roerendReclamepaneel. Sportveld. Reclame. Onroerend goed. Dienst. Reclamedrager. Verhuur van een lichamelijk roerend goed. Roerend goed. Publiciteit. Reclamebord. Ter beschikkingstellen van reclameruimte

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/109-reclamepaneel-sportveld-reclame-onroerend-goed-3d91

Nummer
109
Datum
14 januari 1983

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

16 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, G.Z. 1982-1983 blz. 915

Reclamepaneel - Sportveld - Reclame - Onroerend goed - Dienst - Reclamedrager - Verhuur van een lichamelijk roerend goed - Roerend goed - Publiciteit - Reclamebord - Ter beschikkingstellen van reclameruimte

VRAAG

In uw antwoord op een parlementaire vraag nr. 203 van 4 oktober 1982 (1), gesteld door de heer Senator Peeters, hebt U, achtbare heer Minister, inzake de toepassing van de BTW-reglementering een onderscheid gemaakt tussen:

ANTWOORD

a) het verlenen van het recht om gebruik te maken van reclame op niet nader bepaalde plaatsen;

b) het verlenen van recht om gebruik te maken van reclame op een welbepaalde plaats.

Het eerste geval is steeds onderworpen aan BTW, in het tweede geval maakt U een onderscheid.

Bij de uitoefening van het genot op een uit zijn aard roerend goed, of op een onroerend goed door bestemming, is er een BTW-tarief van 17 % verschuldigd.

Wanneer het uitsluitend recht echter betrekking heeft op een welbepaald goed, dat onroerend uit zijn aard is, behoort dit geval niet tot de werkingssfeer van het BTW-Wetboek.

Ik had graag van de achtbare heer Minister vernomen, of een reclamepaneel, dat aangebracht is op een welbepaalde plaats op een vaste omheining rond een sportveld, als onroerend uit zijn aard beschouwd wordt, en aldus niet onderworpen is aan de BTW-verplichting ?

Antwoord: Een vaste omheining rond een sportveld dient als een uit zijn aard onroerend goed te worden beschouwd.

Zoals blijkt uit het antwoord versterkt op de vraag nr. 203 van 4 oktober 1982 van de heer Senator Peeters (vraag nr. 203 van 4 oktober 1982, bulletin van Vragen en Antwoorden 1982, nr. 6, blz. 156-157), kan ik het geacht Lid mededelen dat de overeenkomst, die het verlenen van het recht om op een welbepaalde plaats van die omheining reclamedragers (reclamepanelen, plakbrieven, enz.) aan te brengen, buiten de werkingssfeer van de BTW blijft.

Een reclamepaneel aangebracht op een vaste omheining, zonder evenwel erbij ingelijfd te zijn, is daarentegen geen uit zijn aard onroerend goed.

Het verlenen van het recht om gebruik te maken van een dergelijk paneel is de verhuur van een lichamelijk roerend goed en is, op grond van artikel 18, §1, 4°, van het BTW-Wetboek, aan de BTW onderworpen tegen het tarief van 19 %.

(1) Z. Revue nr. 56, blz. 54, nr. 12, art. 18, § 1, 4° BTW-Wetboek. Zie ook B.T.W.-Revue nr. 60, nr. 9, art. 46 § 1, BTW-Wetboek.

Aangehaalde teksten

2
WBTW art. 182 voorkomens
WBTW art. 461 voorkomen