BTW agrarische bedrijfshulp · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

1046 23 september 1997

Zoeken

BTW agrarische bedrijfshulp

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1046-btw-agrarische-bedrijfshulp-pieters-4100

Nummer
1046
Datum
23 september 1997

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

24 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 108, blz. 14624-14626

BTW agrarische bedrijfshulp

VRAAG

De prestaties van agrarische bedrijfshulp en vervangingsarbeid zijn volgens de belastingadministratie contracten van dienstverlening onder bezwarende titel. Hierop heft men 6 % BTW, die door de meeste land- en tuinbouwers niet kan worden gerecupereerd.

De heffing geldt niet alleen voor de contracten, maar ook voor de lidgelden, aangezien een deel van het lidgeld wordt aangewend ter vergoeding van latere bedrijfshulp. In de ons omliggende landen zijn de regelingen van dergelijke bedrijfshulp en vervangingsarbeid veel voordeliger. De sociale dimensie van vervangingsarbeid primeert er.

Erger nog is het concurrentienadeel voor de Vlaamse land- en tuinbouwer binnen België. Er blijkt op dit moment een verschillende uitvoering te zijn van de federale wetgeving. In Wallonië wordt blijkbaar op de lidgelden geen BTW geheven, ondanks de identieke aard van het lidgeld.

1. Is het juist dat op een lidgeld dat uitsluitend dient ter spijziging van de algemene werkingskosten van de vzw, geen BTW wordt geheven?

2. Zou BTW worden geheven indien de bedrijfshulp op basis van wederkerigheid gebeurt?

3. Waarom wordt in Vlaanderen BTW geheven op de prestaties van agrarische bedrijfshulp en in Wallonië niet ?

ANTWOORD

1. De problematiek inzake de verenigingen en federaties voor onderlinge bedrijfshulp alsook de diensten voor landbouwvervangingsarbeid op het stuk van de BTW wordt geregeld door de aanschrijving nr. 6, van 8 maart 1982.

Deze groeperingen nemen meestal de juridische vorm aan van een vereniging zonder winstoogmerk. Deze rechtsvorm is overigens verplicht voor de erkende federaties en de erkende diensten voor landbouwvervangingsarbeid.

Laatstbedoelde federaties en erkende diensten verschillen hierin van de verenigingen van onderlinge bedrijfshulp dat zij hun toevlucht nemen tot bezoldigde of zelfstandige arbeidskrachten, die door hen worden betaald en aan de leden worden ter beschikking gesteld.

De bijdrage gestort door de leden van een dienst voor landbouwvervangingsarbeid of van een erkende federatie die een bezoldigde of zelfstandige arbeidskracht aanwendt, heeft tot doel aan bedoelde dienst of federatie de financiële middelen ter beschikking te stellen die haar toelaten het gedeelte van de bezoldigde of zelfstandigde arbeid dat niet door de rechtstreekse vergoeding van het lid wordt gedekt, te betalen.

Bedoelde bijdrage vormt derhalve de tegenprestatie van een dienst die onderworpen is aan het verminderd BTW-tarief van 6 %.

De bijdrage daarentegen die wordt gestort door de leden van de verenigingen voor onderlinge bedrijfshulp heeft betrekking op diensten met een collectief karakter ten behoeve en in het gemeenschappelijk belang van de leden en is derhalve op grond van artikel 44, § 2, 11°, van het BTW-Wetboek van de belasting vrijgesteld.

Ten aanzien van de beoogde activiteit hebben genoemde verenigingen de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige zonder recht op aftrek.

2. De doelstelling van de groeperingen voor onderlinge hulp bestaat in het verschaffen van een tijdelijke hulp door middel van een familiale arbeidskracht of door een door hen bezoldigde arbeidskracht aan de leden landbouwers die daaraan behoefte hebben ten gevolge van bijzondere omstandigheden of in geval van overmacht.

Wanneer het lid van de vereniging dat de hulp verstrekt een landbouwondernemer is die aan de normale regeling van de BTW is onderworpen, is de BTW volgens de gewone regels verschuldigd.

Bij onderlinge landbouwhulp, dit wil zeggen op basis van wederkerigheid zonder enige vergoeding wordt die prestatie voor de berekening van de belasting op haar normale waarde gerekend.

Onder normale waarde wordt verstaan de prijs die hier te lande, op het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt, in dezelfde handelsfase voor iedere van de prestaties kan worden verkregen onder vrije mededinging tussen twee van elkaar onafhankelijke partijen (BTW-Wetboek, artikel 32).

Wanneer het lid van de vereniging een landbouwondernemer is onderworpen aan de bijzondere regeling bepaald in artikel 57 van het BTW-Wetboek, vallen bedoelde diensten inzake onderlinge landbouwhulp andere dan deze verstrekt ter uitvoering van overeenkomsten van contractteelt of contractmesterij en voor zover daarbij geen andere machines worden gebruikt dan die welke slechts uitzonderlijk dienen voor werk voor anderen, onder de toepassing van de bijzondere landbouwregeling (artikel 2, § 1, 3°, van het koninklijk besluit nr. 22).

3. Bovenvermelde regels zijn eenvormig van toepassing voor het gehele landsgebied.

Mocht het geacht lid niettemin een concreet geval beogen, ben ik uiteraard bereid dit te laten onderzoeken voor zover mij daartoe de nodige gegevens worden medegedeeld.

Aangehaalde teksten

3
KB nr. 22 art. 21 voorkomen
WBTW art. 441 voorkomen
WBTW art. 571 voorkomen