Verlenging van de termijn voor indiening van aangiften · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

103 16 augustus 1973

Zoeken

Verlenging van de termijn voor indiening van aangiften

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/103-verlenging-termijn-indiening-aangiften-bogaert-aa96

Nummer
103
Datum
16 augustus 1973

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

20 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

Verlenging van de termijn voor indiening van aangiften

VRAAG

De BTW is nu reeds twee en een half jaar in voege. Dat het een verbetering is van de wet op de taksen is een vaststaand feit. Op administratief gebied kan echter moeilijk van een verbetering gesproken worden.

Het is alom geweten dat het iedere maand en elk kwartaal een jacht wordt om tijdig de aangiften voor de BTW in te dienen. Deze jacht wordt echter grotendeels in de hand gewerkt door de korte termijn die toegelaten is om de aangiften in te dienen. Amper 20 kalenderdagen, in arbeidsdagen komt dit neer op nog geen 2/3 van deze 20. Inderdaad, januari 14 werkelijke arbeidsdagen voor het indienen op de 20ste van de maand, februari 13, maart 13, april 14, mei 12, juni 12, juli 14, augustus 12, september 15, oktober 15, november 12, december 13 dagen.

Als we nu weten dat het administratief werk voor de BTW meestal niet gedaan wordt door de zelfstandigen zelf, maar overwegend hetzij door hun bedienden, hetzij door hun aangestelden, die eveneens over bedienden beschikken, mag men gerust verklaren dat de stress voor de BTW hoofdzakelijk valt op de gewone hoofdarbeider (om de R.M.Z.-term te gebruiken).

We zien nu dat de andere administraties steeds termijnen geven van 30 kalenderdagen, nl.:

Directe belastingen:

- aangiftetermijn loonlijsten tegen 31 januari;

- aangiftetermijn inkomstenbelastingaangifte: 30 dagen na ontvangst aangifte;

- beantwoorden vragenlijsten: binnen de maand na ontvangst der vragenlijst.

Maatschappelijke Zekerheid:

binnen de maand volgend op het kwartaal.

Dit zijn enkele voorbeelden maar er zijn er nog.

Er wordt steeds getracht om de werkomstandigheden van het personeel te verbeteren, vooral dan wat betreft het zenuwslopende van de te verrichten dagtaak.

We kennen al reeds jaren het zenuwslopende administratief werk en dan komt de BTW in voege met termijnen, die, willen ze gerespecteerd worden, het overige werk aan de kant zetten, vermits de BTW-diensten de overheersende partij geworden zijn.

Mag derhalve aan de geachte Minister gevraagd worden of hij door de termijn van 20 kalenderdagen op ייn maand te brengen, de druk die thans veel personeel belast, niet kan opheffen?

ANTWOORD

Reeds op 14 maart 1973 heb ik in de Senaat verklaard dat de administratie niet langer een boete zou opleggen wegens niet-tijdige indiening van de aangifte door de belastingplichtigen die gehouden zijn tot het indienen van kwartaalaangiften, wanneer de aangifte wordt ingediend binnen 40 dagen vanaf het einde van het kwartaal, d.w.z. 20 dagen na het verstrijken van de wettelijke termijn (z. Senaat -Beknopt Verslag van 14 maart 1973, blz. 222). Deze beslissing die meer dan 350.000 belastingplichtigen aanbelangt overtreft in ruime mate het verzoek van het geachte Lid.

De belastingplichtigen, die gehouden zijn tot het indienen van maandaangiften zijn daarentegen grote en goed georganiseerde bedrijven welke in de regel zelf instaan voor het indienen van de BTW-aangiften. Die aangiften worden ten andere met grote regelmaat binnen de wettelijke termijn ingediend.