Hotel- en restauranthouders. Ontvangstbewijzen. Taalgebruik · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

101 29 april 1982

Zoeken

Hotel- en restauranthouders. Ontvangstbewijzen. Taalgebruik

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/101-hotel-restauranthouders-ontvangstbewijzen-taalgebruik-vandezande-8e9a

Nummer
101
Datum
29 april 1982

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

10 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

Hotel- en restauranthouders - Ontvangstbewijzen - Taalgebruik

VRAAG

In antwoord op mijn vraag nr. 31 d.d. 9 februari 1982 heeft de geachte Minister van Financiën mij laten weten dat er ingevolge het advies van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht van 13 november 1980 door zijn diensten nog steeds onderzocht wordt op welke wijze zal tegemoet gekomen worden aan de rekeningen die in het homogeen Nederlands taalgebied door de restauranthouders afgeleverd worden aan de verbruikers en waarop het waarmerk van de Staat voorkomt. Tot nog toe kwam dit waarmerk van de Staat in twee talen voor op de rekeningen van de restauranthouders.

De VCT oordeelde dat ingevolge het decreet op de vernederlandsing van het bedrijfsleven slechts rekeningen mogen afgeleverd worden met een ééntalig waarmerk van de Belgische Staat. Tot dusver is dit nog niet gebeurd en de geachte Minister beweert dat er technische moeilijkheden zouden zijn om tot een oplossing te komen en dat die nog steeds onderzocht worden.

Het wil mij voorkomen dat wanneer men in de periode niet tot een oplossing komt voor eenvoudige zaken er meer dan onwil aanwezig is om de taalwetten die van openbare orde zijn toe te passen. Indien ik mij vergis zou ik graag de konkrete moeilijkheden kennen die de diensten van het Ministerie van Financiën ondervinden om aan de restauranthouders die in het homogeen Nederlands taalgebied gevestigd zijn ééntalige rekeningen met een ééntalig waarmerk af te leveren om op deze wijze aan de verbruikers te worden overhandigd.

ANTWOORD

Er is noch bij mij noch in mijn administraties onwil aanwezig om de taalwetten toe te passen. Het letterlijk opvolgen van het advies van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht in verband met de rekeningen of ontvangstbewijzen welke door hotel- en restauranthouders moeten worden uitgereikt, sluit echter niet alleen op moeilijkheden van praktische aard maar zou bovendien niet-onbelangrijke financiële implicaties meebrengen voor de erkende drukkers en dientengevolge ook voor de belastingplichtigen die de rekeningen of ontvangstbewijzen moeten uitreiken.

Daarom heeft de administratie thans een voorstel gedaan dat erop neer zou komen dat een waarmerk vervaardigd wordt dat zonder onderscheid in het gehele land gebruikt kan worden en toch voldoet aan de taalwet. Om, wat dit laatste betreft, volledige zekerheid te hebben, heb ik echter beslist over dat voorstel het advies te vragen van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht.

Zodra ik in het bezit zal zijn van dat advies zal ik niet nalaten het nieuwe waarmerk in te voeren, met dien verstande dat de betrokken belastingplichtigen hun bestaande voorraad documenten zullen kunnen opgebruiken.

Administratieve doctrine

1

« VRAAG 84/004 Vr. en Antw., Kamer Hotel- en restauranthouders - Ontvangstbewijzen - Taalgebruik VRAAG In antwoord op de parlementaire vraag nr. 101 van 29 april 1982 (13 van mijn collega Senator Vandezande (bulletin van Vragen en Antwoorden, Senaat, nr. 31 van 17 augustus 1982, blz. 1025 en 1026) hebt u gezegd dat de administratie heeft voorgesteld een waarmerk te vervaardigen dat zonder onderscheid in het gehele land … »

Hotel- en restauranthouders. Ontvangstbewijzen TaalgebruikParlementaire vraag09.10.1984

Bekijk het document