FORFAITAIRE REGELING INZAKE BTW VOOR KLEINHANDELAARS IN IJZERWAREN EN GEREEDSCHAPPEN
BIEZONDERE BEPALINGEN
JAAR 2006
1. Voorafgaande opmerking.
De kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen die de forfaitaire regeling inzake BTW volgen zijn onderworpen aan de hiernavolgende bepalingen:
•de wettelijke en reglementaire bepalingen van de belasting over de toegevoegde waarde, vooral het koninklijk besluit nr. 2, van 7 november 1969, met betrekking tot het vaststellen van forfaitaire grondslagen van aanslag voor de BTW;
•de "Algemene bepalingen/73" waarin de algemene toepassingsmodaliteiten zijn opgenomen die gelden voor meerdere bedrijfssectoren;
•de "Biezondere bepalingen" die eigen zijn aan de sector van de kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen en die hierna worden uiteengezet.
2. Koopwarengroepen met coëfficiënten.
De koopwaren die door kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen worden verkocht zijn onderverdeeld in de vijf navermelde groepen. De coëfficiënten die naast die groepen zijn vermeld moeten worden overgedragen naar kolom 4 van het berekeningsblad op de lijn van de overeenstemmende groep (z. model in bijlage II). In het boek voor inkomende facturen worden evenveel kolommen geopend als er koopwarengroepen zijn (z. model in bijlage I).
| Coëfficiënten | |
| Koopwarengroep 31 (tarief 21 pct.)Gas in flessen | 1,24 |
| Koopwarengroep 32 (tarief 21 pct.)Campinggas | 1,44 |
| Koopwarengroep 33 (tarief 21 pct.)Draad en touw | 1,43 |
| Koopwarengroep 34 (tarief 21 pct.)Klinkbouten, schroeven en spijkers;Tuin- en werkplaatsgereedschap; (behalve wat opgenomen is in groep 35)Elektrische werktuigen; (behalve wat opgenomen is in groep 35)Huishoudelijke artikelen;Kachels, kacheldelen en -onderdelen;Ijzerwaren voor bouw- en meubelbeslag;Verf, vernis en benodigdheden om te schilderen;TuinmeubelenAndere kleine waren | 1,55 |
| Koopwarengroep 35 (tarief 21 pct.)Elektrische toestellen voor huishoudelijk gebruikElektrische werktuigen (elektromechanische en elektrothermische machines, apparaten en toestellen van de soorten welke gewoonlijk voor huishoudelijk gebruik gebezigd worden;gazonmaaimachines ongeacht de gebruikte energiebron;handgereedschap en handgereedschapswerktuigen met ingebouwde motor) | 1,35 |
3. Toepassingsmodaliteiten.
a. Bij het bepalen van de onder nr. 2 vermelde coëfficiënten werd reeds rekening gehouden met opruimingen en met de verliezen die te wijten zijn aan ontbrekende, beschadigde of onverkochte goederen, enz. Bijgevolg wordt daarvoor niet de minste vermindering toegestaan.
b. De hiervoor vastgestelde forfaitaire coëfficiënten dekken de onttrekkingen van goederen die door een belastingplichtige voor zijn privé-behoeften worden gedaan, en die aan de BTW onderworpen zijn (art. 12, § 1, 1° en 2°, van het Wetboek).
4. Leveringen en diensten waarvoor geen forfaitaire grondslagen werden vastgesteld.
De handelingen zijn onderworpen aan de regeling en aan de modaliteiten bepaald onder nr. 6 van de "Algemene Bepalingen/73". Die regeling is onder meer van toepassing op de verkoop van zaden en wasmiddelen en op de vergoeding die wegens thuisbezorging van gas in flessen wordt gevraagd.
5. Kortingen.
Naast de gevallen voorzien onder nr. 7 van de "Algemene bepalingen/73", mogen ook de kortingen in baar geld van de forfaitair bepaalde omzet worden afgetrokken. Het bedrag ervan moet worden bewezen door een boek waarin de belastingplichtige, in afzonderlijke kolommen, vermeldt: de datum van de verkoop, de identiteit van de koper, de reden van de vermindering (eventueel het nummer van de verminderingskaart), de prijs en het bedrag van de korting. Iedere inschrijving moet de handtekening van de koper dragen.
De sommen voorkomend in de kolommen "prijzen" en "kortingen" moeten minstens eenmaal per aangifteperiode worden samengeteld.
6. Uitsluiting uit de forfaitaire regeling.
a. 1° De coëfficiënt vastgesteld voor de koopwaren van groep 33 is niet van toepassing op de kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen wanneer ze voor die groep een brutowinst nemen die, afgezien van de aan de klanten toegestane kortingen, hoger is dan 40 pct.;
2° De coëfficiënt vastgesteld voor de koopwaren van de groep 34 is evenmin van toepassing op de kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen, wanneer ze voor die groep een bruto-winst nemen die, afgezien van de aan de klanten toegestane kortingen, hoger is dan 55 pct., noch op de kleinhandelaars in ijzerwaren wier inkopen van verf, vernis en schilderbenodigdheden in waarde meer dan 25 pct. uitmaken van het totaal van hun aankopen.
b. De belastingplichtige die een kleinhandel uitbaat waarin én ijzerwaren én levensmiddelen worden verkocht kan, indien hij het wenst, tegelijkertijd de forfaitaire regeling voor kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen (F 18) en deze voor kleinhandelaars in voedingsmiddelen (F 1) volgen. Om evenwel de omzet wegens de verkoop van kleine ijzer-, plastiek-, en verfwaren en van niet eetbare artikelen van geringe waarde, die aan het tarief van 21 pct. onderworpen zijn, te mogen berekenen met toepassing van het forfait levensmiddelen (vermenigvuldiging van de inkoopprijs met de coëfficiënt bepaald voor de koopwarengroep 32 van dit forfait) is vereist dat het bedrag van al zijn aankopen in deze koopwarengroep 32 hoogstens 30 pct. uitmaakt van het totaal van zijn aankopen behorende tot de groepen 11, 21, 22, 31 en 32 van hetzelfde forfait voedingsmiddelen. In het tegenovergestelde geval moet de coëfficient worden toegepast die werd vastgesteld voor de groep 34 van het forfait ijzerwaren.
7. Toepassing van de uitsluitingsclausule.
De kleinhandelaar in ijzerwaren, die zijn handelsuitbating zodanig wijzigt dat hij onder de toepassing valt van een uitsluitingsclausule van deze forfaitaire regeling, moet de eerstaanwezend inspecteur van het BTW-controlekantoor waaronder hij ressorteert daarvan onmiddellijk verwittigen.
8. Individueel forfait.
De kleinhandelaar in ijzerwaren en gereedschappen die onder een uitsluitingsclausule valt, kan evenwel, in akkoord met het bevoegd BTW-controlekantoor, een individueel forfait toepassen dat aan zijn toestand is aangepast. Zo een dergelijk akkoord niet kan worden bereikt, moet de belastingplichtige onmiddellijk overgaan naar de normale BTW-regeling.
9. Administratieve verplichtingen.
De kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen, die aan de forfaitaire regeling onderworpen zijn, moeten houden:
1° een boek voor inkomende facturen waarvan het model door de administratie wordt bepaald. Dit boek moet oprecht en volledig al de gedane aankopen vermelden, ongeacht of die aankopen in de groot- of kleinhandel werden verricht;
2° eventueel een boek voor uitgaande facturen waarin de leveringen moeten worden ingeschreven waarvoor een factuur wordt uitgereikt;
3° eventueel een dagboek van ontvangsten voor de inschrijving van de ontvangsten voortkomende van de leveringen van goederen en het verstrekken van diensten aan particulieren waarvoor geen forfaitaire grondslagen van aanslag werden vastgesteld (z. nr. 4 hiervoor);
4° eventueel, een gedetailleerde opgave van de bijkomende winst voortvloeiend uit biezondere inkoopvoorwaarden.
Indien tijdens een controle bij de belastingplichtige, tekortkomingen aan deze boekhoudkundige verplichtingen worden vastgesteld, is de administratie niet meer gebonden door onderhavige regeling bij het bepalen van de omzet.
Hetzelfde geldt indien zou blijken dat de werkelijke ontvangsten gerealiseerd door de belastingplichtige gevoelig zouden afwijken van de forfaitair berekende ontvangsten.
Wanneer de belastingplichtige in het kader van zijn economische activiteit, om welke reden ook, gebruik maakt van een kasregister, dient hij de dubbels van de kasbons en/of de controlebanden te bewaren en deze stukken op ieder verzoek van de ambtenaren van de administratie die de belasting over de toegevoegde waarde onder haar bevoegdheid heeft, zonder verplaatsing, ter inzage voor te leggen.
TOELICHTING VOOR HET INVULLEN VAN HET BEREKENINGSBLAD
1.Het berekeningsblad, waarvan model in bijlage, mag slechts worden gebruikt door belastingplichtigen onderworpen aan de forfaitaire regeling voor: kleinhandelaars in voedingsmiddelen, kleinhandelaars in zuivelproducten en melkventers, drogisten, kleinhandelaars in wild en gevogelte, kleinhandelaars in schoeisel, schoenherstellers, kleinhandelaars in vis, visventers, kleinhandelaars in diverse textiel- en lederwaren, kleinhandelaars in ijzerwaren en gereedschappen, kleinhandelaars in kranten en tijdschriften, kleinhandelaars in boeken en kleinhandelaars in tabaksproducten.
Enkel de kleinhandelaars in levensmiddelen, de kleinhandelaars in kranten en tijdschriften, de kleinhandelaars in boeken en de kleinhandelaars in tabaksproducten die leveringen verrichten van tabaksfabrikaten en/of leveringen verrichten van dagbladen en weekbladen bedoeld in de aanschrijving nr. 21 van 1993, zijn gehouden het omzetcijfer met betrekking tot deze verkopen forfaitair te bepalen door gebruik te maken van de daarvoor bestemde kolommen van het berekeningsblad en dit bedrag over te dragen naar het rooster 00 van hun aangifte. De aan andere forfaitaire regelingen onderworpen belastingplichtigen die zulke handelingen verrichten moeten deze verkopen aangeven in het rooster 00 van hun aangifte volgens de werkelijke ontvangsten die ze realiseren bij de verkoop van deze goederen.
Dit berekeningsblad mag niet worden gebruikt door: slagers-spekslagers; bakkers, brood- en banketbakkers; caféhouders; herenkappers, dameskappers, heren- en dameskappers; apothekers, geneesheren met geneesmiddelendepot; consumptie-ijsbereiders; frituurexploitanten en foornijveraars.
2.De belastingplichtigen die onderworpen zijn aan meer dan één forfait moeten per forfait een berekeningsblad invullen. Aan de gedrukte tekst van het berekeningsblad mag geen enkele wijziging worden aangebracht.
3.De wijze waarop het berekeningsblad moet worden ingevuld, wordt door de "Algemene Bepalingen/73" toegelicht. Hierin wordt tevens nadere uitleg verstrekt over de begrippen: inkoopprijzen, coëfficiënten, bijzondere inkoopvoorwaarden en aftrekbare kortingen.
De coëfficiënten die in de kolom 4 moeten worden ingeschreven zijn vermeld in de "Bijzondere Bepalingen", naast de koopwarengroepen (11, 12, 21, 31, enz.) waarop ze betrekking hebben. In een bijlage tot de "Bijzondere Bepalingen" wordt trouwens aangetoond hoe die coëfficiënten op het berekeningsblad moeten worden ingeschreven.
4.Naam, adres en BTW-identificatienummer moeten op het berekeningsblad worden ingevuld. Een aanvullende voorraad van deze berekeningsbladen kan worden bekomen op het controlekantoor waaronder U ressorteert.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Aangehaalde teksten
1Opeenvolgende regelingen
12 versies eerste in 2006| Jaar | Documentdatum | Bron |
|---|---|---|
| 2017 | 1 januari 2017 | PDF, 5 pagina's |
| 2016 | 1 januari 2016 | PDF, 8 pagina's |
| 2015 | 1 januari 2015 | PDF, 8 pagina's |
| 2014 | 1 januari 2014 | PDF, 8 pagina's |
| 2013 | 17 januari 2013 | PDF, 8 pagina's |
| 2012 | 11 januari 2012 | PDF, 8 pagina's |
| 2011 | 14 januari 2011 | PDF, 8 pagina's |
| 2010 | 19 februari 2010 | PDF, 8 pagina's |
| 2009 | PDF, 8 pagina's | |
| 2008 | HTML | |
| 2007 | HTML | |
| 2006getoond | HTML |