Federale Overheidsdienst FINANCIEN
Algemene administratie van de FISCALITEIT
BTW
F 2025/1
FORFAITAIRE REGELING INZAKE BTW VOOR KLEINHANDELAARS IN LEVENSMIDDELEN
BIEZONDERE BEPALINGEN
JAAR 2025
1. Voorafgaande opmerking.
De hiernavolgende bepalingen gelden voor de kleinhandelaars in levensmiddelen die inzake btw onderworpen zijn aan de forfaitaire regeling:
- de wettelijke en reglementaire bepalingen inzake btw, vooral het koninklijk besluit nr. 2, van 7 november 1969, met betrekking tot de vaststelling van forfaitaire grondslagen van aanslag voor de btw;
- de Algemene Bepalingen/73 waarin de algemene toepassingsmodaliteiten zijn opgenomen die gelden voor meerdere bedrijfssectoren;
- de Bijzondere Bepalingen die eigen zijn aan de sector van de kleinhandelaars in levensmiddelen en die hierna worden uiteengezet.
Artikel 56 van het Btw-Wetboek werd ingevolge artikel 10 van de wet van 27.12.2021 houdende diverse bepalingen inzake belasting over de toegevoegde waarde aangevuld met twee nieuwe paragrafen. Vanaf 01.01.2022 zullen ingevolge deze bepalingen de aan de normale regeling van de belasting of aan de in artikel 56bis bedoelde vrijstellingsregeling van de belasting onderworpen belastingplichtigen de optie om gebruik te maken van de forfaitaire grondslagen van aanslag niet meer kunnen uitoefenen en de belastingplichtigen die hun economische activiteit aanvangen de forfaitaire grondslagen van aanslag niet meer kunnen toepassen. Bovendien is bepaald dat de forfaitaire belastingregelingen buiten werking treden op 31.12.2027. De belastingplichtigen die gebruik maken op 31.12.2021 van de forfaitaire grondslagen van aanslag mogen deze bijgevolg, mits naleving van de wettelijke bepalingen, blijven gebruiken tot uiterlijk 31.12.2027. De forfaitaire belastingregelingen zullen met andere woorden worden afgeschaft vanaf 01.01.2028.
2. Koopwarengroepen met coëfficiënten.
De door kleinhandelaars in levensmiddelen verkochte koopwaren zijn ingedeeld in de 6 hierna aangeduide groepen. De coëfficiënten die naast die groepen zijn vermeld, moeten worden overgedragen naar kolom 4 van het berekeningsblad, op de lijn van de betrokken groep (z. model bijlage II). In het boek voor inkomende facturen worden 6 kolommen geopend die met deze koopwarengroepen overeenstemmen (z. model in bijlage I).
| Koopwarengroep 11 (Tarief: 6 %) | Coëfficiënten |
| - Kruidenierswaren belastbaar tegen het tarief van 6 % zoals voedingswaren, met uitzondering van de voedingswaren die in de andere koopwarengroepen zijn gerangschikt, doch met inbegrip van chocolade, snoep, beschuiten en brood, eieren, melk en melkderivaten, ongeacht hun voorstelling of hun benaming (verse kaas (platte kaas), smeerkaas, gesmolten kaas, room, boter, yoghurt, wrongel, enz.); - Andere goederen belast baar tegen het tarief van 6 %, niet | 1,245 of |
| elders genoemd; Voor de kustgemeenten; | 1,26 |
| Koopwarengroep 12 (Tarief: 6 %) - Vleesproducten (al dan niet onderworpen aan een vergunning), wild, gevogelte, konijnen, diepvriesproducten, aangekochte ijskreemproducten, groenten, fruit en aardappelen, en kaas met uitzondering van die bedoeld in koopwarengroep 11; | 1,39 |
| Koopwarengroep 13 (Tarief: 6 %) - Andere dranken dan die bedoeld in koopwarengroep 11 en 31; | 1,19 |
| Koopwarengroep 21 (Tarief: 12 %) - Margarine; | 1,17 |
| Koopwarengroep 22 (Tarief: 12 %) - Steenkolen; - Producten van de fytofarmacie erkend door de Minister die de Landbouw onder zijn bevoegdheid heeft; - Andere goederen belastbaar tegen het tarief van 12 %, niet elders genoemd. | 1,28 |
Koopwarengroep 31 (Tarief : 21 %) - Bieren met een effectief alcoho lvolumegehalte van meer dan 0,5 % vol. en andere dranken met een effectief alcohol - volumegehalte van meer dan 1,2 % vol.;
- Kaviaar en kaviaarsurrogaten; - Voedsel voor honden, katten en andere troeteldieren; 1,185
Koopwarengroep 32 (Tarief : 21 %) - Kousen, sokken, huishoudlinnen, dweilen, vaatdoeken, stofdoeken, garens, breiwol alsmede bepaalde kleine textielwaren (lint, boorden, ...) enz., mits het bedrag der aankopen van deze koopwaren niet hoger is dan 10 pct. van het totaal bedrag van de aankopen van de onderneming;
- Organische tensio-actieve producten; wasmiddelen en tensio-actieve bereidingen; 'eau de Javel'en 'eau de Labarraque '; neutraal natriumcarbonaat; poetsmiddelen voor metalen, schuurpasta's en -poeders en dergelijke preparaten; andere onderhoudsproducten;
- Alle papierwaren (toiletpapier, keukenrollen, papieren luiers met uitzondering van luiers voor incontinente volwassenen, enz.), schoolbehoeften, speelgoed, rookartikelen andere dan tabaksfabrikaten, kleine ijzerwaren, plastiekwaren, verfwaren en allerhande niet eetbare artikelen van betrekkelijk geringe waarde die belast zijn met het btw-tarief van 21 % (met uitzondering van telefoonkaarten);
- Parfumerieën, toiletartikelen en kosmetische producten, (daaronder begrepen haarwasmiddelen, zeep, scheerzeep en scheercrème, tandreinigingsmiddelen en soortgelijke producten, ...); 1,235
- Versieringsvoorwerpen, glas- en gleiswerk;
Gelet op de bijzondere regeling waaraan artikel 58, § 1, van h et Btw-Wetboek de tabaksfabrikaten onderwerpt, dient door de belastingplichtige geen enkele belasting te worden betaald op de levering van deze goederen. De verkopen van tabaksfabrikaten opgenomen te worden in het rooster 00 van de periodieke aangifte teneinde bepaalde gegevens te verstrekken inzake statistieken.
Inzake de verkoop van tabaksfabrikaten gaat het voortaan om 'niet-forfaitair geregelde handelingen'. De werkelijke ontvangsten die de kleinhandelaars in levensmiddelen realiseren door de verkoop van deze goederen moeten dus aangegeven worden zoals aangeduid op het berekeningsblad.
3. Bereide gerechten (bijkomstige werkzaamheid).
Onder 'bereide gerechten' dient te worden verstaan: alle mogelijke bereidingen die de kleinhandelaar in levensmiddelen maakt met vlees, kaas, groenten, enz., door elkaar gemengd of toebereid met kruiden, sausen, mayonaise, enz.
De ontvangsten van bereide gerechten worden vastgesteld zoals uiteengezet onder nr. 6, a en b, van de 'Algemene Bepalingen/73'. Aangezien evenwel de producten (vlees, kaas, groenten, enz.) die gebruikt worden bij het bereiden van deze gerechten reeds forfaitair belast zijn, moet enkel nog de door de bereiding voortgebrachte meerwaarde worden aangegeven. Eenvoudigheidshalve wordt die meerwaarde forfaitair vastgesteld op 25 % van het totaal bedrag der ontvangsten, btw inbegrepen. Het resultaat van deze berekening wordt per aangifteperiode overgedragen naar kolom 8 van het berekeningsblad, onder de tariefgroep 6 %.
4. Kleinhandelaars in levensmiddelen die geen korting szegels uitreiken, doch permanent verminderde verkoopprijzen toepassen.
De kleinhandelaars in levensmiddelen, onderworpen aan de forfaitaire regeling, die een verkoopmethode toepassen welke erin bestaat bepaalde verkoopprijzen te verminderen in plaats van kortingszegels uit te reiken, mogen, om rekening te houden met die verkoopmethode, de forfaitair berekende omzet verminderen met een bedrag gelijk aan maximum 2 % van de omzet. Die vermindering mag alleen worden ingeroepen ten aanzien van de hiervoor onder nr. 2 bedoelde koopwarengroepen 11, 13, 21, 22, 31 en 32. De toepassing van die forfaitaire korting is onderworpen aan de volgende voorwaarden:
a) Het voordeel van de forfaitaire aftrek wordt slechts toegestaan aan kleinhandelaars in levensmiddelen die voorafgaandelijk aan het hoofd van het controlekantoor waaronder zij ressorteren een getekende en gedagtekende verklaring toesturen die overeenstemt met het hiernavolgende model:
'Ik verklaar voor de periode van ..... ................ tot ................... (minstens 1 jaar) een verkoopmethode toe te passen die erin bestaat bepaalde verkoopprijzen te verminderen in plaats van kortingszegels uit te reiken. De prijsvermindering bedraagt gemiddeld ..... ...... % (percentage invullen), van de forfaitair berekende omzet voor de koopwarengroepen 11, 13, 21, 22, 31 et 32 (de koopwarengroepen waarvoor geen prijsverminderingen worden toegestaan schrappen). Op verzoek van de controlediensten van de btw, zal ik de bewijsstukken voorleggen welke aantonen dat ik de voornoemde verkoopmethode heb toegepast'.
Indien de belastingplichtige de verkoopmethode van verminderde prijzen begint toe te passen in de loop van een kwartaal, mag de forfaitaire vermindering van de omzet slechts in aanmerking worden genomen te rekenen vanaf het volgende kwartaal.
Voorbeeld:
Een kleinhandelaar die de methode van verminderde verkoopprijzen toepast met ingang van 1 september, kan de forfaitaire korting voor de eerste maal toepassen voor de handelingen van het 4de kwartaal.
Na het verstrijken van de in zijn verklaring vermelde periode mag de kleinhandelaar geen forfaitaire korting meer aftrekken van zijn omzet, tenzij hij tijdig een nieuwe verklaring heeft ingediend overeenkomstig het bepaalde hiervoor.
b) De verkoopmethode van verminderde prijzen moet gedurende minstens een jaar zonder onderbreking worden toegepast.
c) Het bedrag van de forfaitaire vermindering van de omzet wordt in kolom 9 van het berekeningsblad ingeschreven.
d) Om van de forfaitaire vermindering van de omzet te kun nen genieten, moet de belastingplichtige op elk ogenblik aan de bevoegde hoofdcontroleur kunnen bewijzen dat hij werkelijk een verkoopmethode van verminderde prijzen toepast. Dit bewijs kan worden geleverd door het voorleggen van documenten zoals prijslijsten, folders en meer algemeen alle publicitaire drukwerken die van de kleinhandelaar zelf uitgaan of tenminste zijn naam vermelden en aan de klanten worden uitgedeeld.
e) De kleinhandelaars die van de forfaitaire vermindering genieten mogen geen andere kortingen, onder welke vorm ook, aftrekken.
De kleinhandelaars die eigen kortingszegels uitreikten mogen evenwel hun omzet nog verminderen met het bedrag van de kortingboekjes dat zij terugbetaalden tijdens het eerste kwartaal volgend op de datum waarop de verkoopmethode van verminderde prijzen in werking trad.
f) Onverminderd de wettelijke sancties, moet de detaillist die een valse verklaring doet of op om het even welk ogenblik de voornoemde voorwaarden n iet naleeft, aan de Staat de btw terugstorten welke verschuldigd is op de ten onrechte afgetrokken sommen.
5. Gespecialiseerde voedingszaken of handelszaken.
Voor de vaststelling van de hierboven aangeduide coëfficiënten werd uitgegaan van een normaal levensmiddelenbedrijf dat de in de verschillende koopwarengroepen begrepen goederen in een redelijke verhouding - sommige zelfs in een zeer ondergeschikte verhouding - te koop aanbiedt.
De forfaitaire grondslagen van aanslag zijn, behoudens toestemming van de administratie, slechts toepasselijk ten aanzien van de kleinhandelaars die hun bedrijf in normale omstandigheden uitoefenen, met uitsluiting derhalve van de kleinhandelaars die zich specialiseren in bepaalde koopwaren of die bepaalde afdelingen van koopwaren exploiteren in een belangrijke andere verhouding dan deze, welke voor een normaal levensmiddelenbedrijf gebruikelijk is (b.v. kleinhandelaars in zuivelproducten, in confiserie, i n wild en gevogelte, in speelgoed, in parfumerieën, in versieringsvoorwerpen, in textielwaren, enz.).
Ten aanzien van sommige belastingplichtigen wordt die bepaling als volgt geregeld:
1° Gespecialiseerde zuivelwinkels.
Als kleinhandelaars die een gespecialiseerde zuivelwinkel uitbaten, worden aangemerkt:
a) de kleinhandelaars bij wie de aankopen van zuivelproducten (kaas, melk, boter, eieren en alle producten die er rechtstreeks mede verband houden als room, yoghurt, karnemelk, melkpoeder, artikelen voor kindervoeding, enz.) ten minste 50 % bedragen van het totaal van de aankopen van de koopwarengroepen 11, 12, 13, 21 en 31, met inbegrip van de zuivelproducten;
b) de kleinhandelaars in levensmiddelen die tevens melkventer zijn.
2° Gespecialiseerde confiseriewinkels.
De voor de koopwarengroep 11 vastgestelde coëfficiënt kan, behoudens toestemming van de administratie, niet worden gevolgd door de kleinhandelaars die een belangrijke afdeling confiserie en snoep uitbaten.
Moeten worden beschouwd een dergelijke afdeling uit te baten, de kleinhandelaars bij wie de aankopen van chocolade, confiserie- en snoepartikelen, ten minste 30 % bedragen van het totaal van de aankopen van de koopwarengroepen 11, 21, 31 en 32, met inbegrip van de confiserie- en snoepartikelen.
3° Gespecialiseerde handelaars in wild en gevogelte.
Behoudens toestemming van de administratie kan de coëfficiënt die hierboven werd vastgesteld voor de koopwaren behorende tot de koopwarengroep 12 niet worden gevolgd door de kleinhandelaars in wild en gevogelte.
Als gespecialiseerde kleinhandelaars in wild en gevogelte worden aangemerkt, de kleinhandelaars bij wie de aankopen van wild en gevogelte ten minste 30 pct. bedragen van het totaal van de aankopen van de koopwarengroepen 11 en 12, met inbegrip van wild, gevogelte en konijnen.
4° Gespecialiseerde textielzaken.
Behoudens toestemming van de administratie kan de coëfficiënt die hierboven werd vastgesteld voor de koopwaren behorende tot de koopwarengroep 32 niet worden gevolgd door de kleinhandelaars in levensmiddelen die een belangrijke afdeling textielwaren uitbaten.
Moeten worden beschouwd een belangrijke afdeling textielwaren uit te baten de kleinhandelaars bij wie de aankopen van textielwaren meer dan 10 % bedragen van het totaal der aankopen van de onderneming (z. beperking hierboven opgenomen bij de koopwaren die behoren tot de koopwarengroep 32).
5° Gespecialiseerde non-foodwinkels of speelgoedwinkels.
Behoudens toestemming van de administratie, kan de coëfficiënt die hierboven werd vastgesteld voor de koopwaren behorende tot de koopwarengroep 32 niet worden gevolgd door de kleinhandelaars in levensmiddelen die een belangrijke afdeling non-foodartikelen of speelgoed uitbaten.
Moeten worden beschouwd een belangrijke afdeling non-food of speelgoedartikelen uit te baten de kleinhandelaars bij wie de aankopen van de goederen behorende tot de koopwarengroep 32, ten minste 30 % bedragen van het totaal der aankopen van de goederen van de koopwaren - groepen 11, 21, 31 en 32, met inbegrip van de non-food- en speelgoedartikelen;
Moeten worden beschouwd een belangrijke afdeling speelgoedartikelen uit te baten, de kleinhandelaars bij wie de aankopen van speelgoed ten minste 10 % bedragen van het totaal der aankopen van de goederen van de koopwarengroepen 11, 21, 31 en 32, met inbegrip van de non-food- en speelgoedartikelen.
6. Administratieve verplichtingen.
De kleinhandelaars in levensmiddelen die aan de forfaitaire regeling onderworpen zijn, moeten houden:
1° een boek voor inkomende facturen waarvan het model door de administratie wordt bepaald. Dit boek moet oprecht en volledig al de gedane aankopen vermelden, ongeacht of die aankopen in de groot- of kleinhandel werden verricht;
2° eventueel een boek voor uitgaande facturen waarin de leveringen moeten worden ingeschreven waarvoor een factuur wordt uitgereikt;
3° eventueel een dagboek van ontvangsten voor de inschrijving van de ontvangsten voortkomende van de leveringen van goederen en het verstrekken van diensten aan particulieren waarvoor geen forfaitaire grondslagen van aanslag werden vastgesteld;
4° eventueel, een gedetailleerde opgave van de bijkomende winst voortvloeiend uit biezondere inkoopvoorwaarden.
Indien tijdens een controle bij de belastingplichtige, tekortkomingen aan deze boekhoudkundige verplichtingen worden vastgesteld, is de administratie niet meer gebonden door onderhavige regeling bij het bepalen van de omzet.
Hetzelfde geldt indien zou blijken dat de werkelijke ontvangsten gerealiseerd door de belastingplichtige gevoelig zouden afwijken van de forfaitair berekende ontvangsten.
Wanneer de belastingplichtige in het kader van zijn economische activiteit, om welke reden ook, gebruik maakt van een kasregister, dient hij de dubbels van de kasbons en/of de controlebanden te bewaren en deze stukken op ieder verzoek van de ambtenaren van de Administratie die de belasting over de toegevoegde waarde onder haar bevoegdheid heeft, zonder verplaatsing, ter inzage voor te leggen.
7. Toepassingsmodaliteiten.
Bij het vaststellen van de onder punt 2 hiervoor vermelde coëfficiënten, werd rekening gehouden met de onttrekkingen voor privé-doeleinden (art. 12, § 1, 1° en 2°, van het Btw-Wetboek) en met alle mogelijke verliezen wegens bederf, gewichtsverlies, diefstal, het breken, enz.
8. Verkoop van plastic zakjes
Vlaams gewest
Artikel 65 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 22.3.2019 voegt een nieuwe onderafdeling 5.3.11 toe met betrekking tot de voorwaarden voor het gratis tr beschikking stellen van lichte plastic draagtassen voor eenmalig gebruik. Het bedrag dat hiervoor aan de klanten wordt aangerekend moet, volgens de geldende economische reglementering ter zake, duidelijk worden geafficheerd in de verkoopruimte of op het kasticket. Op de rubriek II, 5 van de berekeningsblad, dient het aantal tijdens het belastbaar tijdperk aangekochte plastic zakjes te worden vermeld waarvoor (al dan niet volgens een wettelijke verplichting) aan de klant een bijdrage wordt gevraagd.
Waals Gewest en Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Het gebruik van plastic wegwerp zakjes is verboden in de verkoopruimte van detailhandelaars (zie het Besluit van de Waakse Regering van 6.7.2017 betreffende de plastic draagtassen en het Besluit van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 1.12.2016 betreffende het beheer van afvalstoffen).
TOELICHTING VOOR HET INVULLEN VAN HET BEREKENINGSBLAD
(1) Het berekeningsblad, waarvan model in bijlage, mag slechts worden gebruikt door belastingplichtigen onderworpen aan de forfaitaire regeling voor: kleinhandelaars in voedingsmiddelen, kleinhandelaars in zuivelproducten en melkventers, schoenherstellers, kleinhandelaars in diverse textiel- en lederwaren en kleinhandelaars in kranten en tijdschriften.
Enkel de kleinhandelaars in levensmiddelen en de kleinhandelaars in kranten en tijdschriften, die leveringen verrichten van dagbladen en weekbladen, zijn gehouden het omzetcijfer met betrekking tot deze verkopen forfaitair te bepalen door gebruik te maken van de daarvoor bestemde kolommen van het berekeningsblad en dit bedrag over te dragen naar het rooster 00 van hun aangifte. De aan andere forfaitaire regelingen onderworpen belastingplichtigen die zulke handelingen verrichten moeten deze verkopen aangeven in het rooster 00 van hun aangifte volgens de werkelijke ontvangsten die ze realiseren bij de verkoop van deze goederen.
Dit berekeningsblad mag niet worden gebruikt door: slagers-spekslagers; bakkers, brood - en banketbakkers; caféhouders; herenkappers, dameskappers, heren - en dameskappers; apothekers, consumptie-ijsbereiders; frituurexploitanten en foornijveraars.
(2) De belastingplichtigen die onderworpen zijn aan meer dan één forfait moeten per forfait een berekeningsblad invullen. Aan de gedrukte tekst van het berekeningsblad mag geen enkele wijziging worden aangebracht.
(3) De wijze waarop het berekeningsblad moet worden ingevuld, wordt door de 'Algemene Bepalingen/73' toegelicht. Hierin wordt tevens nadere uitleg verstrekt over de begrippen: inkoopprijzen, coëfficiënten, bijzondere inkoopvoorwaarden en aftrekbare kortingen.
De coëfficiënten die in de kolom 4 moeten worden ingeschreven zijn vermeld in de 'Bijzondere Bepalingen', naast de koopwarengroepen (11, 12, 13, 21, 31, enz.) waarop ze betrekking hebben. In een bijlage tot de 'Bijzondere Bepalingen' wordt trouwens aangetoond hoe die coëfficiënten op het berekeningsblad moeten worden ingeschreven.
(4) Naam, adres en btw-identificatienummer moeten op het berekeningsblad worden ingevuld. Een aanvullende voorraad van deze berekeningsbladen kan worden bekomen op het controlekantoor waaronder U ressorteert.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Tekst gelezen in de pdf van de FOD Financiën en opnieuw opgemaakt ; berekeningsblad en in te vullen modellen in de pdf · Pdf van de FOD Financiën
Aangehaalde teksten
2Opeenvolgende regelingen
19 versies eerste in 2008| Jaar | Documentdatum | Bron |
|---|---|---|
| 2026van kracht | 9 december 2025 | PDF, 12 pagina's |
| 2025getoond | 23 december 2024 | PDF, 12 pagina's |
| 2024 | 1 januari 2024 | PDF, 12 pagina's |
| 2023 | 1 januari 2023 | PDF, 12 pagina's |
| 2022 | 1 januari 2022 | PDF, 12 pagina's |
| 2021 | 1 januari 2021 | PDF, 12 pagina's |
| 2020 | 1 januari 2020 | PDF, 12 pagina's |
| 2019 | 1 januari 2019 | PDF, 11 pagina's |
| 2018 | 1 januari 2018 | PDF, 11 pagina's |
| 2017 | 1 januari 2017 | PDF, 11 pagina's |
| 2016 | 1 januari 2016 | PDF, 11 pagina's |
| 2015 | 1 januari 2015 | PDF, 11 pagina's |
| 2014 | 1 januari 2014 | PDF, 11 pagina's |
| 2013 | 15 januari 2013 | PDF, 11 pagina's |
| 2012 | 11 januari 2012 | PDF, 11 pagina's |
| 2011 | 14 januari 2011 | PDF, 11 pagina's |
| 2010 | 19 februari 2010 | PDF, 11 pagina's |
| 2009 | PDF, 11 pagina's | |
| 2008 | HTML |