Algemeenheden (01.09.2022) · Btw-commentaar

Naar de tekst
Juriel

5 oktober 2022

Zoeken

Algemeenheden (01.09.2022)

https://juriel.be/nl/btw-commentaar/vrijstellingen-beoogd-artikel-44-wetboek-50d3

Datum
5 oktober 2022

Over het document

Verzameling
Btw-commentaar
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

29 paragrafen

Btw-Commentaar. Vrijstellingen beoogd door artikel 44 van het Btw-Wetboek - Algemeenheden (01.09.2022)

BOEKWERK II: Bepaling van de belastbare basis en het toepasselijke tarief

Hoofdstuk 9: Vrijstellingen beoogd door artikel 44 van het Btw-Wetboek

Afdeling 2 - Algemeenheden

Bijwerking 01.09.2022 - Vorige versies: [01.07.2018] [01.06.2020]

Inhoud · 3 onderdelen

1. De in artikel 44 van het Btw-Wetboek bedoelde personen zijn belastingplichtigen

2. Recht op aftrek

3. Optiemogelijkheid

1. De in artikel 44 van het Btw-Wetboek bedoelde personen zijn belastingplichtigen

Om de juiste draagwijdte te vatten van de in artikel 44 van het Btw-Wetboek bedoelde ‘vrijstellingen’, dient vooreerst dat begrip te worden toegelicht. Vrijstelling in de zin van artikel 44 van het Btw-Wetboek heeft uitsluitend betrekking op de uitdrukkelijk in dat artikel opgesomde leveringen en diensten. Het betekent dat voor die handelingen geen btw verschuldigd is, en dit uitsluitend omdat een uitdrukkelijke tekst die handelingen, welke normaal in de uitoefening van een economische activiteit worden verricht, van de belasting vrijstelt.

Hoewel de in artikel 44 van het Btw-Wetboek bedoelde leveringen en diensten van de belasting zijn vrijgesteld, blijven het niettemin handelingen die bedoeld zijn in het Btw-Wetboek en verlenen ze op grond van artikel 4 van het Btw-Wetboek de hoedanigheid van belastingplichtige aan degene die ze onder de in laatstgenoemde bepaling gestelde voorwaarden verricht. Aldus is hij die leveringen van goederen of diensten verricht welke ingevolge artikel 44 van de belasting zijn vrijgesteld, belastingplichtige voor de handelingen welke hij in de uitoefening van die economische werkzaamheid verricht, zelfs wanneer die werkzaamheid alleen bestaat in het verrichten van vrijgestelde handelingen waarvoor geen btw is verschuldigd. De vrijstelling blijft beperkt tot de handelingen genoemd in bedoeld artikel 44 en kan in principe niet uitgebreid worden tot de handelingen die met de hoofdhandeling samenhangen.

Deze samenhangende handelingen zijn derhalve in principe, volgens de gewone regels aan de belasting onderworpen onverminderd evenwel de toepassing van de in artikel 56bis van het Btw-Wetboek bedoelde vrijstellingsregeling van belasting in het voordeel van kleine ondernemingen van wie de jaaromzet niet meer bedraagt dan 25.000 euro, zoals vastgesteld in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 19 van 29.06.2014 met betrekking tot de vrijstellingsregeling van belasting over de toegevoegde waarde in het voordeel van kleine ondernemingen.

Tevens is het zo dat diverse bepalingen van artikel 44 van het Btw-Wetboek onder bepaalde voorwaarden niet alleen een welbepaalde werkzaamheid vrijstellen maar ook de nauw daarmee verbonden handelingen (schriftelijke parlementaire vraag nr. 764 van de heer Volksvertegenwoordiger Henri Simons van 27.10.1993).

De vrijstellingen kunnen ingedeeld worden in drie grote categorieën:

• vrijstellingen die eigen zijn aan de hoedanigheid van de dienstverrichter (artikel 44, § 1, van het Btw-Wetboek)

• sociale en culturele vrijstellingen (artikel 44, § 2, van het Btw-Wetboek)

• overige vrijstellingen (artikel 44, § 3, van het Btw-Wetboek).

2. Recht op aftrek

De omstandigheid dat de verrichter van door artikel 44 van het Btw-Wetboek vrijgestelde handelingen de hoedanigheid van belastingplichtige heeft, verleent hem geenszins de mogelijkheid die handelingen aan de btw te onderwerpen noch enig recht op aftrek van voorbelasting uit te oefenen. De persoon die bijgevolg uitsluitend bij artikel 44 van het Btw-Wetboek vrijgestelde handelingen stelt, is een belastingplichtige zonder recht op aftrek van voorbelasting. Die persoon moet uiteraard niet voor btw-doeleinden worden geïdentificeerd voor zijn uitgaande handelingen.

Hierop bestaan evenwel een paar uitzonderingen:

• degenen die betalings- en ontvangstverrichtingen doen, met uitzondering van de invordering van schuldvorderingen, indien zij kiezen voor het belasten van deze handelingen (artikel 44, § 3, 8°, van het Btw-Wetboek)

• personen die handelingen verrichten als bedoeld in artikel 44, § 3, 4° tot 10°, van het Btw-Wetboek hebben op grond van artikel 45, § 1, 4° en 5°, van dat Wetboek onder de in die bepaling gestelde voorwaarden, recht op aftrek van voorbelasting.

De door artikel 44 van het Btw-Wetboek vrijgestelde belastingplichtige heeft dus geen recht op aftrek van de voorbelasting geheven van grondstoffen, materialen en hulpstoffen, geen aftrek voor de algemene onkosten (bijvoorbeeld telefoonrekening), en geen aftrek voor de investeringsuitgaven gedaan voor de uitoefening van de vrijgestelde activiteit.

De belastingplichtige daarentegen die de uitgaande handelingen niet aan de belasting onderwerpt om reden van onder meer uitvoer of omdat de plaats van de handeling zich in het buitenland bevindt (artikel 45, § 1, 2°, en 3°, van het Btw-Wetboek), behoudt volledig zijn recht op aftrek.

3. Optiemogelijkheid

Degene die een werkzaamheid uitoefent die ingevolge artikel 44 van het Btw-Wetboek van de belasting is vrijgesteld, kan in de regel niet opteren voor het vrijwillig belasten van zijn prestaties.

Op deze regel bestaat er evenwel een uitzondering, namelijk zij die betalings- en ontvangstverrichtingen, met uitzondering van de invordering van schuldvorderingen, doen, mogen kiezen voor het belasten van deze handelingen (artikel 44, § 3, 8°, van het Btw-Wetboek).

[Top]

Aangehaalde teksten

5
WBTW art. 4418 voorkomens
KB nr. 19 art. 11 voorkomen
WBTW art. 41 voorkomen
WBTW art. 451 voorkomen
WBTW art. 56bis1 voorkomen