Btw-Commentaar. Vrijstellingen beoogd door artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek - Handelingen van verzekering en herverzekering evenals van makelaars en lasthebbers inzake verzekeringen (01.02.2025)
BOEKWERK II: Bepaling van de belastbare basis en het toepasselijke tarief
Hoofdstuk 9: Vrijstellingen beoogd door artikel 44 van het Btw-Wetboek
Afdeling 25 - Handelingen van verzekering en herverzekering evenals van makelaars en lasthebbers inzake verzekeringen (artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek)
Bijwerking 01.02.2025 - Vorige versies: [01.07.2018] [01.06.2020] [01.06.2021] [01.04.2022] [01.04.2023] [01.04.2024]
Inhoud: · 4 onderdelen
1. Algemeen
Overeenkomstig de bepalingen van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek zijn van de belasting over de toegevoegde waarde vrijgesteld 'de handelingen van verzekering en herverzekering, met inbegrip van de daarmee samenhangende diensten verricht door makelaars en lasthebbers, met uitzondering evenwel van de diensten als schade-expert'.
Deze vrijstelling is de omzetting in Belgisch recht van artikel 135, lid 1, punt a), van richtlijn 2006/112/EG, voornoemd.
Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft herhaaldelijk verduidelijkt wat met het begrip ‘handelingen van verzekering’ wordt bedoeld (zie onder meer Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Card Protection Plan ltd, zaak C-349/96, van 25.02.1999, punt 17). Volgens het Hof wordt een handeling inzake verzekeringen in de zin van artikel 135, lid 1, onder a), van de richtlijn 2006/112/EG, gekenmerkt door het feit dat de verzekeraar zich tegen voorafgaande betaling van een premie ertoe verbindt, de verzekerde bij het intreden van het verzekerde risico de dienst te verlenen die bij het sluiten van de overeenkomst is overeengekomen.
Dit begrip is in principe ruim genoeg om de dekking van een verzekering te omvatten die wordt aangeboden door een belastingplichtige die zelf geen verzekeraar is, maar die in het kader van een collectieve verzekering zijn klanten een dergelijke dekking verschaft door gebruik te maken van de diensten van een verzekeraar die het verzekerde risico op zich neemt (zie in die zin onder meer Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Mapfre, zaak C-584/13, van 16.07.2015, punt 30).
De draagwijdte van de bepalingen van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek wordt omstandig toegelicht in circulaire 2017/C/36 van 12.06.2017 betreffende handelingen van verzekering en herverzekering (nr. E.T. 130.255), voor wat de diensten van makelaars en lasthebbers die samenhangen met handelingen van verzekering en herverzekering betreft evenals voor wat de diensten inzake het regelen van schadegevallen betreft.
Het begrip 'makelaar en lasthebber' als bedoeld in de bepalingen van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek verwijst niet naar de formele hoedanigheid van de belastingplichtige, maar wel naar de inhoud van de betrokken activiteit.
Opdat een dienstverrichter kan aangemerkt worden als een makelaar of lasthebber bij verzekeringen moet aan twee voorwaarden zijn voldaan:
•de dienstverrichter moet in betrekking staan met de verzekeraar en met de verzekerde (Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Taksatorringen, zaak C-8/01, van 20.11.2003, punt 44). Van dergelijke betrekkingen is ook sprake indien de makelaar of agent slechts betrekkingen onderhoudt met de partijen door bemiddeling van een andere belastingplichtige die zelf wel rechtstreekse betrekkingen onderhoudt met één van de partijen (Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest J.C.M. Beheer BV, zaak C-124/07, van 03.04.2008, punt 29)
Een dergelijke bemiddelingsactiviteit kan onder meer inhouden dat de contractpartij wordt gewezen op gelegenheden om dit contract te sluiten, dat voor hem contact met de wederpartij wordt gelegd, en dat in naam en voor rekening van de cliënt wordt onderhandeld over de details van de wederzijdse prestaties. Deze activiteit heeft dus tot doel het nodige te doen opdat twee partijen een contract sluiten, zonder dat de bemiddelaar een eigen belang heeft inzake de inhoud van het contract. Van een bemiddelingsactiviteit is evenwel geen sprake wanneer één van de partijen bij het contract een onderaannemer belast met een deel van de aan het contract verbonden materiële handelingen, zoals de informatieverstrekking aan de wederpartij, alsmede de ontvangst en de verwerking van de verzoeken tot inschrijving op de waardepapieren die het voorwerp van het contract vormen. In dat geval neemt de onderaannemer dezelfde plaats in als de verkoper van het financieel product en is hij dus niet, in de zin van de betrokken bepaling, een tussenpersoon die niet de plaats van een contractpartij inneemt (zie Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Commissioners of Customs and Excise tegen CSC Financial Services Ltd., zaak C-235/00, van 13.12.2001, punten 39 en 40 en Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Arthur Andersen & Co, zaak C-472/03, van 03.03.2005, punt 38).
•de activiteit van de dienstverrichter dient essentiële aspecten van de functie van verzekeringstussenpersoon te dekken, zoals het zoeken van nieuwe cliënten en het in contact brengen van die nieuwe cliënten met de verzekeraar (Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Arthur Andersen & Co, zaak C-472/03, van 03.03.2005, punten 33 en 36).
Zodus heeft de vrijstelling van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek niet enkel betrekking op de eigenlijke tussenkomst van de makelaar of lasthebber bij het sluiten van een verzekeringscontract maar tevens op de handelingen van beheer die de makelaar of lasthebber verricht op voorwaarde dat ze betrekking hebben op de verzekeringscontracten die zijn gesloten of gewijzigd door zijn tussenkomst en dat gedurende de volledige looptijd van deze overeenkomsten.
De handelingen van beheer in de zin van deze vrijstelling kunnen, onder meer, bestaan uit de berekening van het bedrag van de premies, de incassering van deze premies, de invordering van de onbetaalde premies, de tussenkomst in de regeling van schadegevallen, het onderzoek van de aanpassingen in het contract gevraagd door de klant of door de maatschappij.
De diensten verricht als schade-expert zijn evenwel uitdrukkelijk van de vrijstelling uitgesloten.
De belastingplichtige die handelingen van beheer verricht met betrekking tot overeenkomsten waarvoor hij niet zelf is tussenkomen als makelaar of lasthebber vallen in beginsel buiten het toepassingsgebied van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek en dit ongeacht of deze personen voor hun tussenkomst in andere contracten de hoedanigheid hebben van makelaar of lasthebber.
In het bijzonder geval waarin een verzekeringsportefeuille wordt overgenomen door een belastingplichtige, is deze vrijstelling eveneens van toepassing op de handelingen verricht door de persoon die niet zelf is tussengekomen bij het sluiten van een verzekeringspolis en vervolgens een 'beheer-tussenpersoon' van deze polis is geworden door de overname van de gehele of een deel van de verzekeringsportefeuille van de tussenpersoon inzake verzekeringen, beoogd door artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek, die de polis had gesloten en dit voor zover de daden van beheer daadwerkelijk betrekking hebben op de contracten die zijn overgenomen.
In het verleden ging de administratie er bovendien van uit dat de door derden verrichte diensten die kaderen in de opdracht van het regelen van schadegevallen de vrijstelling voorzien voor makelaars en lasthebbers inzake verzekeringen konden genieten. Dit standpunt is evenwel gewijzigd met ingang van 01.01.2018 (zie titel 2, hierna).
2. Diensten inzake het regelen van schadegevallen
De diensten die kaderen in de opdracht van het regelen van schadegevallen en die uiterlijk op 31.12.2017 werden toegewezen kunnen de vrijstelling voorzien voor makelaars en lasthebbers inzake verzekeringen genieten zelfs wanneer ze werden verstrekt door een belastingplichtige die niet is tussengekomen bij het sluiten van het contract (zie beslissing nr. E.T. 103.851/3 van 20.01.2007).
Diensten inzake het regelen van schadevallen kunnen onder meer één of meerdere van volgende handelingen omvatten: het in ontvangst nemen van schadeaangiftes, het uitvoeren van inhoudelijke schadeafwikkeling, het opstellen van technische rapporten, onderzoek van bezwaren en klachten over de schadeafwikkeling, verzorgen van briefwisseling met de cliënt (met inbegrip van de wettelijke kennisgevingen).
Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft evenwel bevestigd dat wanneer een belastingplichtige, die niet is tussengekomen als een makelaar of lasthebber bij de totstandkoming of wijziging van een verzekeringsovereenkomst, diensten inzake schadebehandeling verricht, deze niet onder de in artikel 135, lid 1, onder a), van richtlijn 2006/112/EG van de raad van 28.11.2006 (omgezet in Belgisch recht bij artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek) opgenomen vrijstelling vallen (Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest minister Finansów tegen Aspiro SA, zaak C-40/15, 17.03.2016).
Dit standpunt werd door de administratie onderschreven bij haar circulaire 2017/C/36 van 12.06.2017 betreffende handelingen van verzekering en herverzekering (nr. E.T. 130.255) ingevolge dewelke de diensten inzake het regelen van schadegevallen die door een derde namens en voor rekening van een verzekeringsmaatschappij worden verricht tegen het normale btw-tarief zijn belast. Er werd evenwel beslist dat de intrekking van de administratieve toegeving, opgenomen in voornoemde beslissing nr. E.T. 103.851/3 van 20.01.2007, ingevolge voormeld arrest van 17.03.2016 in de zaak C-40/15 evenwel pas uitwerking had voor de opdrachten inzake regeling van schadegevallen toegewezen vanaf 01.01.2018.
Er werd bijgevolg voorzien in een overgangsperiode om de sector in staat te stellen zich aan te passen aan de gevolgen van voormeld Europees arrest. Wanneer een individueel schadegeval zich bijvoorbeeld na 31.12.2017 voordeed, is de toewijzing ervan aan een schaderegelaar niet van de belasting vrijgesteld. Deze toetsing gebeurt dossier per dossier.
Het spreekt tenslotte voor zich dat wanneer een makelaar of lasthebber diensten inzake het regelen van schadegevallen verricht met betrekking tot een verzekeringsovereenkomst waarbij hijzelf is tussengekomen, deze diensten vrijgesteld blijven bij toepassing van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek (zie titel 1, hiervoor).
3. Diensten waarbij een Belgische verzekeringsmaatschappij in het kader van bijstandscontracten een beroep dient te doen op buitenlandse correspondenten voor de behandeling en het beheer van schadegevallen waarvan hun verzekerden het slachtoffer zijn in het buitenland
Overeenkomstig de bepalingen van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek zijn van de belasting over de toegevoegde waarde vrijgesteld ‘de handelingen van verzekering en herverzekering, met inbegrip van de daarmee samenhangende diensten verricht door makelaars en lasthebbers, met uitzondering evenwel van de diensten als schade-expert’.
De draagwijdte van de bepalingen van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek wordt omstandig toegelicht in onder titel 1 hiervoor evenals in circulaire 2017/C/36 van 12.06.2017 betreffende handelingen van verzekering en herverzekering (nr. E.T. 130.255).
Onder ‘correspondent’ dient te worden verstaan een verzekeringsonderneming, of elke andere natuurlijke of rechtspersoon aangeduid door één of meerdere verzekeraars voor het beheer en de afwikkeling van schade-eisen ingevolge ongevallen waarbij voertuigen zijn betrokken die door hen zijn verzekerd, en die hebben plaatsgevonden in het land van vestiging van de correspondent.
De procedure die de vergoeding van benadeelden regelt ten gevolge van een auto-ongeval dat zich voordoet in een andere lidstaat dan de lidstaat van hun woonplaats, wordt vastgelegd door de richtlijn 2009/103/EG van 16.09.2009.
Rekening houdend met de bepalingen van de richtlijn 2009/103/EG van 16.09.2009 met betrekking tot de specifieke rol van de door een nationaal bureau van verzekeraars erkende ‘correspondenten’ als schaderegelaar, aanvaardt de administratie, zoals voorheen, dat de handelingen inzake de behandeling en het beheer van schadegevallen door betreffende correspondenten (ook wel handelingen groene kaart of 4e verzekeringsrichtlijn genaamd), naar aanleiding van ongevallen waarbij een motorrijtuig is betrokken, en waarvan de klanten-verzekerden van de Belgische verzekeringsmaatschappij waarvoor zij optreden het slachtoffer zijn, de toepassing van de vrijstelling van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek kunnen genieten.
Deze tolerantie is slechts van toepassing ten aanzien van de prestaties verricht door de erkende correspondent zelf (zoals de organisatie van het slepen en/of de herstelling van het voertuig, de organisatie van de repatriëring van de passagiers, het aanstellen van schade-experts…).
De handelingen die in dit kader evenwel door derden worden verricht (zoals de expertise, de herstelling, het slepen… dus de daadwerkelijke uitvoering ervan) blijven, zoals voorheen, op het stuk van de btw aan hun eigen regeling onderworpen. Wanneer deze kosten worden aangerekend aan de schaderegelaar die ze op zijn beurt, op grond van de artikelen 13 en 20 van het Btw-Wetboek, doorfactureert aan voornoemde ‘correspondent’, dan genieten deze doorgefactureerde handelingen de voormelde tolerantie niet en zijn zij onderworpen aan hun eigen regeling.
4. Diensten van onderschrijvingsagenten
De vraag werd gesteld of de diensten van zogenaamde 'onderschrijvingsagenten' worden beoogd door de bepalingen van artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek.
Als onderschrijvingsagent wordt aangemerkt 'de verzekeringstussenpersoon die, als lasthebber van één of meerdere verzekeringsondernemingen, over één of meerdere mandaten beschikt, waarmee hij hem door verzekeringstussenpersonen aangeboden risico’s kan onderschrijven, in naam en voor rekening van de door hem vertegenwoordigde verzekeringsondernemingen'.
De onderschrijvingsagent onderschrijft de risico’s en beheert de hierop betrekking hebbende schadegevallen, rekening houdend met de omvang van de volmachten die worden vastgelegd in de overeenkomst met de verzekeraar. In de regel heeft de onderschrijvingsagent de volmacht om in naam en voor rekening van de verzekeraar verzekeringsrisico’s te accepteren en alle dekkingsnota’s, verzekeringscontracten en bijvoegsels te onderschrijven. De onderschrijvingsagent commercialiseert eveneens zijn eigen verzekeringsproducten of stelt die minstens op autonome wijze samen op vraag van zijn klanten. Ten aanzien van de verzekeringsnemer en diens verzekeringsmakelaar handelt hij als het ware als een 'verzekeraar' en wordt hij als dusdanig gepercipieerd.
De onderschrijvingsagent verricht een geïntegreerde dienst met betrekking tot de verzekeringsovereenkomst die door zijn toedoen is tot stand gekomen en waarbij hij, vanuit het standpunt van de verzekerde, onder bezwarende titel het risico overneemt en aldus een rechtsbetrekking creëert tussen hem en de verzekerde.
Gelet op de bijzondere karakteristieken die deze geïntegreerde diensten van een onderschrijvingsagent vertonen en op hun sui generis vorm, heeft de administratie bij circulaire 2017/C/60 van 20.09.2017 betreffende handelingen van onderschrijvingsagenten (nr. E.T. 130.108) aangenomen dat de geïntegreerde dienst van een onderschrijvingsagent, zoals hiervoor omschreven, dient te worden beschouwd als ‘handelingen van verzekering en herverzekering’, waarvan sprake in artikel 44, § 3, 4°, van het Btw-Wetboek.
[Top]
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.