BESLISSING ET108691/2
Beslissing nr. ET108691/2 dd. 01.03.2007
Recht op aftrek - Arrest Seeling - Bedrijfsvermogen - Gebruik voor privé-doeleinden - Belastingplichtige natuurlijk persoon - Vrije beroepen, ambten en posten
In het tweede lid van punt 3.2 van de aanschrijving nr. 5 van 31 januari 2005, dat de criteria voor opname in het bedrijfsvermogen behandelt, wordt voor de belastingplichtige natuurlijke personen die een vereenvoudigde boekhouding voeren, verwezen naar de jaarlijkse inventaris van de bezittingen en schulden van de onderneming.
Welnu, naar verluidt moeten personen die een vrij beroep, een ambt of een post uitoefenen geen dergelijke inventaris houden maar een dagboek van ontvangsten en uitgaven.
Voornoemd lid moet derhalve worden aangevuld met de woorden " of, voor personen die een vrij beroep, een ambt of een post uitoefenen, in het dagboek van ontvangsten en uitgaven".
Bovendien wordt gepreciseerd dat laatstgenoemde personen zullen verondersteld worden het goed te hebben opgenomen in hun bedrijfsvermogen in de mate van de eerst verrichte aftrek.
Voorbeeld:
Een dierenarts heeft een draagbare computer, die hij deels voor zijn beroepsactiviteit en deels voor zijn privé-behoeften gebruikt, gekocht voor 1000 EUR, exclusief BTW.
In zijn periodieke aangifte trekt de belastingplichtige de BTW geheven van de aankoop voor 100 pct. af. Het goed wordt derhalve geacht te zijn opgenomen in het bedrijfsvermogen ten belope van 100 pct .
Maar, de verhouding van het privé-gebruik wordt onder toezicht van de administratie bepaald op 30 pct.
Bij toepassing van artikel 19, § 1, van het Wetboek zal de belastingplichtige dus elk jaar dit privé-gebruik moeten belasten over een belastbare basis van 60 EUR (30 pct. van 1/5 van 1000 EUR, vermits de herzieningstermijn 5 jaar bedraagt).