Beslissing Btw nr. E.T.81.094 dd. 29.08.1994
BTW-Revue nr. 110, blz. 1026-1027, nr. 1000
Vrijstellingen - Sociaal-cultureel vormingswerk - Aanschrijving nr. 25/1993.
Om de vrijstelling bepaald in artikel 44, § 2, 4°, van het BTW- Wetboek te genieten, moet het verstrekte onderwijs voldoen aan de voorwaarden bepaald in de nrs. 8 en 9 van de aanschrijving nr. 25/1993.
Rekening houdend met die voorwaarden geldt de bovengenoemde vrijstelling in de regel niet ten aanzien van het onderricht dat buiten normaal schoolverband wordt gegeven in het kader van volksontwikkeling zoals o.m. het ontwikkelingswerk voor volwassenen, het sociaal en cultureel vormingswerk voor volwassenen, het sociaal en cultureel vormings- en ontwikkelingswerk voor bijzondere doelgroepen en problemen.
Bovenbedoeld sociaal en cultureel vormingswerk kan evenwel worden verstrekt zowel in verenigingsverband als in instellingen die, wanneer ze voor bedoeld onderricht door de Minister die bevoegd is voor de Cultuur erkend zijn, van overheidswege worden gesubsidieerd.
Aangezien de werkingskosten van deze verenigingen en instellingen, in de regel, gedekt worden door subsidies en, in voorkomend geval, door een geringe bijdrage betaald door de deelnemers, handelen deze verenigingen en instellingen niet onder de voorwaarden van artikel 2 van het BTW-Wetboek en moeten zij derhalve niet voor de BTW geïdentificeerd worden aangezien zij voor de aldus uitgeoefende activiteit niet de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige hebben.
Ten aanzien van verenigingen of groeperingen met of zonder rechtspersoonlijkheid zoals bijvoorbeeld liefdadigheidsinstellingen, parochiale verenigingen, ouder- en jeugdverenigingen, vaderlandslievende, politieke, culturele, wetenschappelijke, filosofische, filantropische verenigingen, turnverenigingen en verenigingen voor vrijetijdsbesteding die niet erkend noch gesubsidieerd worden door de overheid, neemt de administratie aan dat zij, mits de hierna volgende voorwaarden samen vervuld zijn, evenmin voor de BTW moeten geïdentificeerd worden.
De in het vorig lid bedoelde verenigingen of groeperingen moeten voldoen aan de volgende voorwaarden :
1° het doel van de vereniging of groepering mag niet bestaan in het verdedigen of het bevorderen van de beroepsbelangen van de leden;
2° de vereniging of groepering mag niet opgericht zijn speciaal met het oog op het organiseren van cursussen en onderricht;
3° de organisatie van cursussen en onderricht met betrekking tot eenzelfde vak of onderwerp mag niet permanent en geregeld plaatsvinden;
4° de vereniging of groepering mag geen winstoogmerk hebben zodat de in voorkomend geval door de leden en eventueel door andere deelnemers betaalde bijdragen uitsluitend worden gebruikt tot dekking van de kosten ervan;
5° de vereniging of groepering mag niet de hoedanigheid van belastingplichtige hebben uit oorzaak van andere handelingen dan de organisatie van culturele of sportieve samenkomsten of vermakelijkheden.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.