BESLISSING ET74815
Beslissing nr. E.T. 74815 dd. 23.02.1993.
BTW-Revue nr. 106, blz. 1062-1063, nr. 972.
Deze beslissing is vervangen door de beslissing van 22 oktober 2001 nr. E.T.100.722
Stallen en verzorgen van paarden.
Wanneer een persoon zich tegen betaling tegenover één of meerdere eigenaars van paarden verbindt om die paarden te stallen en te verzorgen in hokken die hij ter beschikking stelt, wordt deze handeling voor het geheel aangemerkt als een dienst bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 1°, van het BTW-Wetboek.
De omstandigheid dat met betrekking tot de in het eerste lid genoemde handeling, hetzij schriftelijk, hetzij stilzwijgend, twee overeenkomsten worden gesloten waarvan de ene betrekking heeft op de verzorging van de paarden en de andere op de terbeschikkingstelling van hokken, heeft terzake geen enkele invloed.
Beide overeenkomsten dienen omwille van de samenloop als één geheel te worden beschouwd en derhalve eveneens als één dienst bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 1°, van het BTW-wetboek te worden aangemerkt.
Wanneer de in het vorige lid bedoelde overeenkomsten echter worden gesloten door twee verschillende dienstverrichters (bv. enerzijds voor een rechtspersoon en anderzijds door de bestuurder van die rechtspersoon, als natuurlijk persoon), kan het bovengenoemde standpunt als betreft het één dienstverrichting uiteraard niet aangehouden worden. Dit neemt evenwel niet weg dat het geheel van de aan de eigenaars van paarden verleende diensten afzonderlijk belastbaar zijn, met name als een dienst bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 1°, van het BTW-Wetboek wat het verzorgen van de paarden betreft en als een dienst in de zin van artikel 18, § 1, eerste lid, van hetzelfde Wetboek die niet van de belasting is vrijgesteld op grond van artikel 44, § 3, 2°, van dat Wetboek, wat de terbeschikkingstelling van hokken betreft.
In de in de leden twee en drie hierboven bedoelde gevallen zal de terbeschikkingstelling van de hokken slechts worden aangemerkt als een door artikel 44, § 3, 2°, van het Wetboek vrijgestelde onroerende verhuur wanneer de partijen door concrete bewijzen aantonen dat iedere eigenaar van paarden, op ieder tijdstip, zonder tussenkomst van de exploitant, exclusief toegang heeft tot het door hem gehuurde hok.
Onderhavige beslissing vervangt al de vorige die in dezelfde aangelegenheid werden getroffen.