Beslissing Btw nr. E.T.71.849 dd. 24.03.1999
BTW-Revue nr. 142, blz. 492-493, nr. 1063
Vervoer van pakjes door taxibedrijven.
De beperking van het recht op aftrek bedoeld in artikel 45, § 2, eerste lid, van het Wetboek geldt, gelet op het tweede lid van deze bepaling, niet ten aanzien van voertuigen bestemd om uitsluitend te worden gebruikt voor bezoldigd personenvervoer. Deze uitzondering, die inzonderheid de exploitanten van taxibedrijven beoogt, vereist in beginsel een uitsluitend gebruik van de voertuigen voor bezoldigd personenvervoer.
Wanneer evenwel een exploitant van een taxibedrijf waarvan de exploitatie onderworpen is aan de wet van 27 december 1974 betreffende taxidiensten, zijn voertuigen slechts zeer bijkomstig gebruikt voor privé-doeleinden, of bijkomstig voor het vervoer van kleine voorwerpen (pakjes, documenten, enz.), wordt aangenomen dat artikel 45, § 2, eerste lid, van het Wetboek niet van toepassing is. In voorkomend geval mag de belasting afgetrokken worden naar verhouding van de bestemming voor de behoeften van de economische activiteit, zonder dat de beperking tot 50 pct. van de betaalde belasting van toepassing is (BTW-REVUE, nr. 77, blz. 230, nr. 871).
Ter vereenvoudiging en met ingang van 1 april 1999, beschouwt de Administratie de activiteit van vervoer van kleine voorwerpen als bijkomstig aan de activiteit verricht door exploitanten van taxibedrijven in de mate dat de hierdoor gerealiseerde omzet niet meer bedraagt dan 15 pct. van de totale omzet met betrekking tot de taxidienst zelf en het bezoldigd vervoer van kleine voorwerpen.