BESLISSING ET65348/90
Beslissing nr. E.T. 65348 dd. 10.01.1990.
BTW-Revue, nr. 90, blz. 249
Zie ook beslissing nr. E.T. 65348 dd. 28.11.1990.
Politieke groeperingen van het Europees Parlement.
Artikel 42, § 3, 3° , van het BTW-Wetboek stelt van de belasting over de toegevoegde waarde vrij de leveringen van goederen en de dienstverrichtingen aan, alsmede de invoer van goederen door internationale instellingen en daaraan verbonden ambtenaren, voor zover in zulke vrijstelling is voorzien door een overeenkomst waarbij België toegetreden is.
De Europese Gemeenschappen en haar instellingen, meer in het bijzonder het Europees Parlement, zijn vrijgesteld van de BTW op grond van het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten der Europese Gemeenschappen, ondertekend te Brussel op 8 april 1965 en goedgekeurd door de wet van 13 mei 1966 (Belgisch Staatsblad van 8 juli 1967).
Het Bureau in uitgebreide samenstelling van het Europees Parlement heeft bovendien een reglement aangenomen waarbij de door de politieke groeperingen van het Europees Parlement verrichte handelingen worden beschouwd als zijnde verricht door het Parlement en bijgevolg vrijgesteld zijn van de BTW op grond van de artikelen 3 en 4 van bovenbedoeld Protocol.
Rekening houdend met hetgeen voorafgaat en met het advies van het Ministerie van Buitenlandse Zaken met betrekking tot het reglement van het voornoemd Bureau, werd beslist dat de leveringen van goederen en de dienstverrichtingen aan, alsmede de invoer van goederen door de politieke groeperingen van het Europees Parlement, vrijgesteld zijn van de BTW op grond van artikel 42, § 3, 3° , van het BTW-Wetboek, in de mate dat genoemde handelingen vallen binnen het kader van de officiële activiteiten van het Europees Parlement en uitsluitend ten laste vallen van de begroting van de Europese instelling in kwestie.
De vrijstelling wordt verleend binnen de perken en onder de voorwaarden bepaald in § 8 van de aanschrijving nr. 2/1978 en is afhankelijk van de volgende bijkomende voorwaarden.
Wat betreft de hier te lande verrichte handelingen, dient het Secretariaat-Generaal van het Europees Parlement op de in nummer 1, b, van § 8 van de voornoemde aanschrijving bedoelde bestelbon te verklaren dat de handelingen waarvoor de vrijstelling wordt aangevraagd, kaderen in het officiële gebruik van het Europees Parlement en uitsluitend ten laste vallen van de begroting van de Europese Gemeenschappen.
Wat betreft de invoer van goederen, dient het Secretariaat-Generaal van het Europees Parlement een aangifte 136 F ter vervanging van het in nummer 2 van § 8 van dezelfde aanschrijving bedoeld document 45 A geel, af te leveren en dient er eveneens op deze aangifte 136 F te worden verklaard dat de invoer van de goederen verricht wordt in het kader van het officieel gebruik van het Europees Parlement en uitsluitend ten laste valt van de begroting van de Europese Gemeenschappen.