BESLISSING ET59419
Beslissing nr. E.T. 59419 dd. 27.11.1991.
BTW-Revue, nr. 98, blz. 11-12, nr. 949
Zie ook beslissing nr. E.T. 59419 dd. 11.06.1987
Zie ook beslissing nr. E.T. 42.305 dd. 14.02.1986.
Maatstaf van heffing - Milieuheffing - Verwijderen van afvalstoffen.
Overeenkomstig de beslissing van 11 juni 1987, nr. E.T. 59.419, behoort de milieuheffing, verschuldigd ten gevolge van het verwijderen en het vernietigen van afvalstoffen, niet tot de maatstaf van heffing van de BTW ten aanzien van de dienst inzake het verwijderen van afvalstoffen voor zover die milieuheffing afzonderlijk en voor het juiste bedrag wordt aangerekend.
Er wordt vastgesteld dat het door de voortbrengers van afvalstoffen aan de ophalers van die afvalstoffen als milieuheffing betaalde bedrag, het bedrag van de milieuheffing overtreft dat laatstgenoemde aan de exploitant van een inrichting voor verwijdering of vernietiging van die afvalstoffen moeten betalen. Dit verschil zou inzonderheid te wijten zijn aan het feit dat de ophalers na recyclage, terugwinning of regeneratie uiteindelijk minder afval storten dan hetgeen werd opgehaald.
In de mate dat het totale bedrag van de door de voortbrengers aan de ophalers betaalde milieuheffing, de uiteindelijk door de ophalers aan de exploitanten van bovengenoemde inrichtingen verschuldigde en door laatstgenoemde aan het Gewest te betalen milieuheffing overtreft, is het verschil, dat overigens in deze situatie niet langer het karakter heeft van een belasting, in hoofde van de ophalers, belastbaar als een element van de prijs van de dienst die bestaat in het ophalen van de afvalstoffen. De BTW wordt geacht in dat verschil te zijn begrepen.
In hoofde van de ophalers van de afvalstoffen dient de aldus in voorkomend geval verschuldigde BTW per aangifteperiode globaal te worden geregulariseerd via opnam in vak 31 van de kwartaal- of jaaraangifte of in kader V van de maandaangifte.