Beslissing Btw nr. E.T.40.549 dd. 29.07.2005
Vrijstellingen - Vervoer van scheepsloodsen - Artikel 42, § 1, eerste lid, 5°, van het BTW-Wetboek
Artikel 42, § 1, eerste lid, 5°, van het BTW-Wetboek, stelt twee reeksen van diensten vrij. De eerste reeks zijn de diensten die worden verricht voor de rechtstreekse behoeften van vrijgestelde schepen. De tweede reeks zijn de diensten die worden verricht voor de directe behoeften hetzij van passagiers of bemanningsleden van die vaartuigen, hetzij van de lading ervan.
Artikel 42, § 1, van het BTW-Wetboek, is de omzetting in Belgisch recht van artikel 15, lid 8, van de Richtlijn 77/388/EEG.
Ofschoon het Europees Hof van Justitie in het arrest Velker (C-185/89) enkel uitspraak doet over de toepassing van artikel 15, lid 4, van de Richtlijn 77/388/EEG bevat dit arrest een interpretatie van de bepalingen van de richtlijn inzake vrijstelling van de belasting, rekening houdend met het doel van de Zesde Richtlijn. Gelet op de bewoordingen van de redenering, die hierna wordt weergegeven, moet de toepassing van de vrijstelling van de belasting bedoeld in artikel 42, § 1, eerste lid, van het BTW-Wetboek, in het licht van die interpretatie worden onderzocht.
"De bepalingen van de richtlijn inzake vrijstelling van de belasting moeten strikt worden uitgelegd, omdat zij afwijken van het algemene beginsel, dat omzetbelasting wordt geheven over elke levering van goederen en over elke dienst die door een belastingplichtige onder bezwarende titel wordt verricht.
Deze strikte uitlegging dient met name toepassing te vinden wanneer het gaat om bepalingen die afwijken van de regel, dat "in het binnenland" verrichte handelingen aan de belasting zijn onderworpen."
Volgens het Hof zou de uitbreiding van de vrijstelling tot de handelsfasen die voorafgaan voor de Lidstaten en de betrokken handelaren complicaties meebrengen die niet te rijmen zijn met een "juiste en eenvoudige toepassing van de vrijstellingen", zoals bedoeld in artikel 15, aanhef, van de Zesde Richtlijn.
Artikel 15, lid 8, van dezelfde richtlijn moet aldus worden uitgelegd dat enkel diensten die noodzakelijk samenhangen met de scheepvaart en voor de rechtstreekse behoeften van het schip of de lading, worden vrijgesteld.
De diensten, bedoeld in artikel 42, § 1, eerste lid, 5°, van het BTW-Wetboek zijn vrijgesteld indien zij aan de volgende criteria voldoen.
aard : de dienst moet inherent zijn aan de scheepvaart, m.a.w. noodzakelijk zijn voor de exploitatie van het schip of zijn lading.
bestemming : het moet gaan om diensten verricht aan een schip of zijn lading, wat een directe relatie veronderstelt.
Als diensten verricht voor de rechtstreekse behoeften van de vrijgestelde schepen en hun lading worden derhalve aangemerkt, de verrichtingen die, gelet op hun aard en bestemming, rechtstreeks verband houden met de behoeften van die schepen en hun lading en bijgevolg noodzakelijk eigen zijn aan de zeevaart. De uitzonderingsregeling sluit bovendien belastingvrijstelling uit in voorafgaande handelsfasen, wat wil zeggen dat de vrijstelling enkel kan worden toegepast wanneer de ontvanger van een voor de rechtstreekse behoeften van een vrijgesteld schip of zijn lading verrichte dienst tevens de eigenaar of gebruiker is van het schip of zijn lading.
Voor de toepassing van de vrijstelling moeten de diensten verleend aan een dienstverrichter, bedoeld in artikel 42, § 1, eerste lid, immers worden onderscheiden van dienstprestaties die door laatstgenoemde worden verricht voor een eigenaar of gebruiker van een schip of de eigenaar van de lading. In beide gevallen zijn het belastbare handelingen wanneer zij onder bezwarende titel worden verricht door een als zodanig handelende belastingplichtige.
De vrijstelling van artikel 42, § 1, eerste lid, 5°, van het BTW-Wetboek kan slechts worden verleend indien de handeling beantwoordt aan de toepassingscriteria, opgesomd hierboven.
Aldus zijn de diensten verricht door loodsen voor de behoeften van een zeeschip bedoeld in artikel 42, § 1, eerste lid, 5°, van het Wetboek. Het vervoer van loodsen tot aan het schip of het aan boord brengen van loodsen voldoen niet aan de hierboven genoemde voorwaarden en zijn derhalve aan de belasting onderworpen volgens het gemeen recht.
Beslissing E.T.40.549 van 29 juli 2005 ter opheffing van de beslissing van 27 januari 1982 met zelfde refertenummer.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.