Lijkenvervoer · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.38.750 28 juli 1982

Zoeken

Lijkenvervoer

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-38-750-lijkenvervoer-btw-ae50

Nummer
E.T.38.750
Datum
28 juli 1982

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

5 paragrafen

Beslissing Btw nr. E.T.38.750 dd. 28.07.1982

BTW-Revue, nr. 56, blz. 34

Lijkenvervoer.

Het contract waarbij een begrafenisondernemer de volledige organisatie van een begrafenis op zich neemt heeft ten aanzien van de prestaties zoals de verhuur van rouwbehangsel, de versiering van het dodenhuis, het afleggen van het lijk, het balsemen, het vervoer van het lijk, het ter aarde bestellen, enz., betrekking op een werk als bedoeld in artikel 18, § 1, 1° van het BTW-Wetboek, zelfs wanneer er afzonderlijke prijzen voor werden bedongen. Overeenkomstig artikel 21, § 2 van dat Wetboek, vindt dit werk plaats daar waar de dienstverrichter in casu de begrafenisondernemer is gevestigd. Wanneer deze laatste bijgevolg in België is gevestigd, is de BTW verschuldigd. Deze beginselen blijven in principe van toepassing ook wanneer het contract voorziet in de repatriëring van het stoffelijk overschot naar het buitenland. Aangezien de administratie echter steeds heeft aanvaard dat het vervoer naar het buitenland van het stoffelijk overschot van een persoon die in België is overleden, evenals van de voorwerpen die het lijk vergezellen (bloemen, kransen, versieringen, enz.), geen aanleiding geeft tot enige vordering van BTW in België, kan zo een vervoer verricht in het kader van voornoemd contract plaatsvinden met vrijstelling van de BTW, op voorwaarde dat voor dat vervoer een afzonderlijke prijs in rekening wordt gebracht.

Daarentegen zijn de leveringen van de doodskist, de urne, bloemen, kransen, overlijdensberichten en dankkaarten, die een begrafenisondernemer ter uitvoering van voornoemd contract verricht, leveringen van goederen als bedoeld in artikel 10 van het BTW-Wetboek. Overeenkomstig de algemene beginselen van het Wetboek, zijn die leveringen aan de BTW onderworpen wanneer ze in België plaatsvinden. Die beginselen blijven van toepassing zodat de BTW is verschuldigd zelfs wanneer het contract voorziet in de repatriëring van het stoffelijk overschot naar het buitenland. De algemene economie van artikel 39 van voornoemd Wetboek verzet zich in dit laatste geval tegen de toepassing van de vrijstelling van BTW wegens uitvoer van goederen.

Aangehaalde teksten

3
WBTW art. 101 voorkomen
WBTW art. 181 voorkomen
WBTW art. 211 voorkomen