Revisor, réviseur · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.37.536 19 maart 1981

Zoeken

Revisor, réviseur

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-37-536-revisor-btw-reviseur-2860

Nummer
E.T.37.536
Datum
19 maart 1981

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

7 paragrafen

Beslissing Btw nr. E.T.37.536 dd. 19.03.1981

BTW-Revue, nr. 50, blz. 514

Revisor - Bankcommissie.

Ingevolge het nieuwe artikel 19bis, § 1 van het koninklijk besluit nr. 185, van 9 juli 1935, op de bankcontrole en het uitgifteregime voor titels en effecten (z. art. 96 van de wet van 8 augustus 1980 betreffende de budgettaire voorstellen 1979-1980; Belgisch Staatsblad van 15 augustus 1980), werd de functie van een door de algemene vergadering aangestelde commissaris-revisor, zoals die voorheen door een zelfde persoon werd uitgeoefend bij een bank die onder de controle valt van de Bankcommissie, gesplitst. Deze functie wordt voortaan gezamenlijk uitgeoefend door een commissaris-revisor, aangesteld door de algemene vergadering van de aandeelhouders van de bank, en door een revisor, aangesteld en bezoldigd door de Bankcommissie.

Daar bijgevolg de revisoren aangesteld door de Bankcommissie een gedeelte van de taak verrichten zoals die vroeger door de commissaris-revisor werd uitgeoefend, gaat de administratie ervan uit dat hun prestaties bedoeld zijn in de uitzondering waarin artikel 18, § 1, 3° van het BTW-Wetboek voorziet en dit ofschoon hun prestaties niet worden verricht ter uitvoering van een statutaire opdracht van commissaris. De erkende revisoren hebben derhalve ten aanzien van deze werkzaamheid niet de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige.

Hetzelfde geldt voor de erkende revisoren die door de Bankcommissie worden aangesteld bij een private spaarkas (z. art. 16bis, § 1, nieuw, van het kon. besl. van 23 juni 1967 tot coördinatie van de bepalingen betreffende de controle op de private spaarkassen - Belgisch Staatsblad van 30 juni 1967 - zoals dit laatst werd gewijzigd door artikel 108 van de bovengenoemde wet van 8 augustus 1980, z. Belgisch Staatsblad van 15 augustus 1980), bij een onderneming die onder toepassing valt van hoofdstuk I van de wet van 10 juni 1964, op het openbaar aantrekken van spaargelden (z. art. 6, § 2, nieuw, van de wet van 10 juni 1964 - Belgisch Staatsblad van 20 juni 1964 - zoals dit laatst werd gewijzigd door artikel 104 van de bovengenoemde wet van 8 augustus 1980, z. Belgisch Staatsblad van 15 augustus 1980) en bij de Spaarkas van de Algemene Spaar- en Lijfrentekas (z. art. 1, vierde lid, van het kon. besl. nr. 2 van 24 december 1980 betreffende het toezicht op de Spaarkas van de Algemene Spaar- en Lijfrentekas, z. Belgisch Staatsblad van 8 januari 1981).

Aangezien, ten slotte, bovengenoemd artikel 19bis geen onderscheid maakt tussen de instellingen opgericht naar Belgisch recht en die opgericht naar buitenlands recht, gaat de administratie ervan uit dat de revisoren die door de Bankcommissie worden aangesteld bij een instelling opgericht naar buitenlands recht, vanaf het in werking treden van dat nieuwe artikel 19bis, eveneens zijn bedoeld in de uitzondering waarin artikel 18, § 1, 3° van het BTW-Wetboek voorziet.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 182 voorkomens