Beslissing Btw nr. E.T.21.125 dd. 18.10.1977
BTW-Revue, nr. 32, blz. 494
Vrijstellingen - Zee- en binnenschepen.
Containers die speciaal ontworpen zijn voor zeeschepen bedoeld in artikel 42, § 1, 1° van het Wetboek en die gebruikt worden voor het verrichten van goederenvervoer per zeeschip, moeten aangemerkt worden als uitrustingsgoederen voor die zeeschepen.
De levering aan bouwers, eigenaars en gebruikers van zeeschepen bedoeld in artikel 42, § 1, 1° van het Wetboek, en de door deze personen verrichte invoeren van dergelijke containers zijn derhalve vrijgesteld van de BTW krachtens artikel 42, § 1, 4°, a, van het Wetboek.
Tevens wordt aangenomen dat diensten (met inbegrip van de goederen nodig voor die diensten) in verband onder meer met de bouw, het onderhoud of de herstelling van de bedoelde containers vrijgesteld zijn van de BTW op grond van artikel 42, § 1, 3° van het Wetboek.
Hetgeen voorafgaat geldt eveneens voor containers die uitrustingsgoederen zijn voor vliegtuigen bedoeld in artikel 42, § 1, 2° van het Wetboek.
Containers daarentegen, die uitsluitend gebruikt worden voor internationaal vervoer langs de weg of per spoor, zijn niet bedoeld in artikel 42, § 1 van het Wetboek, evenmin trouwens als de chassis voor die containers.
Anderzijds stelt artikel 41, § 2, 5° van het Wetboek van de BTW vrij, de verhuur van vervoermiddelen die voor vrijgesteld internationaal goederenvervoer gebruikt worden.
Aangezien containers en de bijhorende chassis vervoermiddelen zijn, is de verhuur van deze toestellen vrijgesteld van de BTW, wanneer ze gebruikt worden voor het verrichten van een internationaal vervoer bedoeld in artikel 41, § 1 van het Wetboek.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.