Biezondere regelingen, bijzondere regeling · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.18.659 16 september 1974

Zoeken

Biezondere regelingen, bijzondere regeling

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-18-659-biezondere-regelingen-btw-bijzondere-regeling-fd7a

Nummer
E.T.18.659
Datum
16 september 1974

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

31 paragrafen

Beslissing Btw nr. E.T.18.659 dd. 16.09.1974

Biezondere regelingen - Landbouwondernemers.

I. BTW-belastingplicht.

Personen die paarden fokken en geregeld de paarden verkopen die zij gefokt hebben zijn BTW-belastingplichtigen. Voor de toepassing van deze beslissing is het van geen belang onderscheid te maken naargelang deze personen de paarden fokken in hun eigen inrichting of daartoe, geheel of gedeeltelijk, beroep doen op derden.

II. Tarificatie

Zijn enkel onderworpen aan het tarief van 6 pct.:

1° de raspaarden die gewoonlijk als zwaar of als halfzwaar trekpaard worden gebruikt;

2° de paarden die verkocht worden om te worden geslacht.

De rijpaarden zijn dus onderworpen aan het tarief van 18 pct. of het nu om halfbloeden, dan wel om volbloeden gaat (z. Com. 31, nr. 16).

III. Biezondere regeling voor de landbouwondernemers

Om na te gaan of de belastingplichtige die paarden fokt, de biezondere regeling voor de landbouwondernemers kan inroepen die ingesteld is door artikel 57, § 1 van het BTW-Wetboek, dient volgend onderscheid te worden gemaakt:

1. Fokken van paarden onderworpen aan het tarief van 6 pct. (trekpaarden en paarden bestemd om te worden geslacht)

De belastingplichtige die dergelijke paarden fokt kan de biezondere regeling inroepen die is ingesteld door artikel 57, § 1 van het BTW-Wetboek;

2. Fokken van renpaarden

Het fokken van renpaarden kan niet worden beschouwd als de werkzaamheid van een landbouwondernemer als bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 22 (z. BTW-Handleiding, nr. 510);

Bijgevolg is de belastingplichtige die renpaarden fokt voor het geheel van zijn activiteit aan de normale regeling onderworpen, zelfs indien een deel van die activiteit gewijd is aan de landbouwonderneming (z. idem, nr. 517, 2° );

3. Fokken van rijpaarden, met inbegrip van pony's, doch met uitsluiting van renpaarden;

Het fokken van die paarden kan worden aangemerkt als de werkzaamheid van een landbouwondernemer. Vermits evenwel de genoemde paarden bij de verkoop onderworpen zijn aan het tarief van 18 pct., kan de toepassing van de biezondere regeling voor landbouwondernemers worden geweigerd of beperkt volgens het hierna gemaakte onderscheid:

A. Het fokken van die paarden is de enige werkzaamheid van de belastingplichtige

De belastingplichtige van wie de enige werkzaamheid erin bestaat dergelijke paarden te fokken en te verkopen is voor het geheel van zijn werkzaamheid aan de normale BTW-regeling onderworpen zelfs indien hij, in het kader van deze werkzaamheid en louter bijkomstig, sommige landbouwprodukten verkoopt (bv. verkoop van mest, overschot van stro of hooi, verkoop van paarden die gebruikt werden als rijpaarden en die bestemd zijn om te worden geslacht);

B

De belastingplichtige oefent, naast het fokken van die paarden, ook nog andere landbouwwerkzaamheden uit

De belastingplichtige die, naast de uitoefening van andere landbouwwerkzaamheden, dergelijke paarden fokt en verkoopt, mag beschouwd worden als een landbouwondernemer als bedoeld in artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 22 en kan, in principe, de door artikel 57, § 1 van het Wetboek ingestelde biezondere regeling inroepen.

Krachtens artikel 2, § 2, 3° van het koninklijk besluit nr. 22, is die belastingplichtige evenwel onderworpen aan de normale BTW-regeling ten aanzien van de leveringen van de door hem gefokte rijpaarden, en krachtens artikel 6 van het zelfde besluit wordt hij geacht de bovenbedoelde paarden die hij verkoopt aan zichzelf te leveren.

Eenvoudigheidshalve laat de administratie toe dat dergelijke landbouwondernemer het voordeel van de door artikel 57, § 1 van het Wetboek ingestelde bijzondere regelingen voor het geheel behoudt, zonder de normale regeling te moeten toepassen voor de leveringen van rijpaarden, indien de volgende voorwaarden vervuld zijn:

1° de landbouwondernemer mag, in de regel, niet meer dan drie rijpaarden gelijktijdig houden;

2° de landbouwondernemer mag niet reeds voor een gedeelte van zijn werkzaamheid onderworpen zijn aan de verplichting tot indiening van BTW-aangiften en tot de periodieke betalingen die er uit voortvloeien;

3° wanneer hij een hierboven bedoeld paard levert, moet hij, ongeacht de hoedanigheid van de koper, hem een regelmatige factuur uitreiken, opgemaakt in twee exemplaren, die de volgende vermelding draagt:

- BTW voldaan in zegels.

- Levering van een rijpaard door een landbouwproducent; de verschuldigde belasting wordt voldaan door het aanbrengen en onbruikbaar maken van fiscale zegels, het bovendeel hiervan op het exemplaar dat bestemd is voor de koper en het benedendeel op het andere exemplaar dat door de landbouwondernemer moet worden bewaard;

4° de exploitant ziet af, door het feit zelf, van het recht op aftrek van de belasting die betrekking heeft op het fokken van bedoelde paarden.

Aangehaalde teksten

3
WBTW art. 574 voorkomens
KB nr. 22 art. 12 voorkomens
KB nr. 22 art. 21 voorkomen