Maatstaf van heffing, base d'imposition · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.18.492 5 december 1974

Zoeken

Maatstaf van heffing, base d'imposition

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-18-492-maatstaf-heffing-btw-base-imposition-a2f5

Nummer
E.T.18.492
Datum
5 december 1974

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

6 paragrafen

Beslissing Btw nr. E.T.18.492 dd. 05.12.1974

BTW-Revue, nr. 19, blz. 84

Maatstaf van heffing - Voorschotten.

Wanneer een provincie, een gemeente of een agglomeratie of federatie van gemeenten een belasting vestigt op de op hun onderscheiden grondgebied geplaatste reclameborden die bestemd zijn voor het aanbrengen van aanplakbiljetten, is deze bijzondere belasting, volgens de in het bezit van de administratie zijnde inlichtingen, verschuldigd, krachtens het reglement waarbij ze wordt gevestigd, door de eigenaar of de houder van het bord en niet door degene in wiens voordeel de reclame op het bord zal worden gemaakt.

Wanneer bijgevolg de eigenaar of houder van het bord aan zijn klant, enerzijds, de eigenlijke aanplakkingskosten (standplaatshuur, vervoer en aanplakken van de aanplakbiljetten, enz.) factureert en, anderzijds, geheel of gedeeltelijk de belasting die hijzelf aan de overheid heeft moeten betalen, vormt dit laatste bedrag een element van de prijs van de dienst die de eigenaar of houder aan zijn klant verleent en behoort het om die reden tot de maatstaf van heffing van de belasting over de toegevoegde waarde.

Dat bedrag mag dus niet als een voorschot worden aangemerkt, als bedoeld in artikel 28, 5° van het BTW-Wetboek, zelfs niet indien het op de factuur afzonderlijk in rekening wordt gebracht.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 281 voorkomen