Uitbreiding van de beslissing nr. E.T. 124.417 van 31.07.2013 inzake de schenkingen · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.127.958 21 mei 2015

Zoeken

Uitbreiding van de beslissing nr. E.T. 124.417 van 31.07.2013 inzake de schenkingenUitbreiding van de beslissing nr. E.T. 124.417 van 31.07.2013 inzake de schenkingen van kwalificerende voedselproducten bestemd voor menselijke consumptie aan erkende voedselbanken

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-127-958-uitbreiding-schenkingen-kwalificerende-voedselproducten-bestemd-e196

Nummer
E.T.127.958
Datum
21 mei 2015

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

70 paragrafen

Deze beslissing werd vervangen met ingang van 01.07.2020 door de Circulaire 2020/C/116 van 09.09.2020 betreffende het verstrekken voor liefdadigheidsdoeleinden van voedingsmiddelen en levensnoodzakelijke niet-voedingsmiddelen

Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Operationele Expertise en Ondersteuning

Dienst BTW

Belasting over de toegevoegde waarde

Beslissing Btw nr. E.T.127.958 dd. 21.05.2015

Uitbreiding van de beslissing nr. E.T.124.417 van 31.07.2013 inzake de schenkingen van kwalificerende voedselproducten bestemd voor menselijke consumptie aan erkende voedselbanken.

Schenkingen zonder btw-kost van voornoemde voedselproducten aan lokale besturen en aan lokale caritatieve instellingen erkend door deze lokale besturen.

1. Duiding van de problematiek

De btw-problematiek van binnenlandse schenkingen van voedseloverschotten door producenten en distributiebedrijven in de voedingssector, vindt nog altijd ruime weerklank in de nationale pers. Blijkbaar worden veel onverkochte goederen onder toezicht van de administratie vernietigd omdat belastingplichtigen er dan geen btw op hoeven te betalen. Als die onverkochte goederen door belastingplichtigen worden geschonken, ook als ze worden geschonken aan een caritatieve instelling in het kader van een in België georganiseerde humanitaire actie en ze België niet verlaten, wordt, wanneer die belastingplichtigen eerder voor die goederen de voorbelasting hebben afgetrokken, die handeling gelijkgesteld met een belastbare levering (een onttrekking in de zin van artikel 12, § 1, eerste lid, 2°, van het Btw-Wetboek) en is dus in principe btw verschuldigd.

De toepassing van deze btw-regels stuit in de praktijk vaak op enig onbegrip. De Europese en de Belgische wetgeving bevatten echter geen enkele specifieke bepaling op basis waarvan de bedoelde gratis wegschenking van deze goederen aan hulpbehoevenden niet zou worden onderworpen aan de btw.

Naar aanleiding van besprekingen met vertegenwoordigers van belanghebbende organisaties heeft de administratie een beperkte toegeving gedaan aan de sector. In haar beslissing nr. E.T.124.417 van 31.07.2013 heeft de administratie beslist dat de heffing van btw wordt prijsgegeven voor onttrekkingen in de zin van artikel 12, § 1, eerste lid, 2°, van het Btw-Wetboek die worden verricht door belastingplichtige producenten en distributiebedrijven in de voedingssector die hun onverkoopbare kwalificerende voedselproducten bestemd voor menselijke consumptie gratis verstrekken aan erkende voedselbanken met het oog op de gratis uitdeling ervan uitsluitend onder hulpbehoevenden in België, indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan.

Het kan onder meer gaan om overtollige voorraadgoederen, producten met een naderende uiterste consumptiedatum, te rijpe of verkleurde producten of producten met een ernstig beschadigde verpakking. Voorraadgoederen die belastingplichtigen normaal nog in het gewone handelscircuit zouden kunnen brengen, worden dus niet beoogd.

De beslissing nr. E.T.124.417 van 31.07.2013 blijft onverminderd van toepassing.

Er werd vastgesteld dat buurtwinkels en kleinere warenhuizen vaak veel kleinere voedseloverschotten hebben dan grootdistributiebedrijven en daarom minder een beroep doen op de nationale voedselbanken. Aangezien buurtwinkels en kleinere warenhuizen dichter bij de lokale bevolking staan, verkiezen zij doorgaans om lokale initiatieven op het gebied van voedselhulp en armoedebestrijding te steunen.

Volgens de Minister van Financiën is het daarom aangewezen om de begunstigden niet te beperken tot de erkende voedselbanken en de bedoelde administratieve toegeving dus uit te breiden naar andere distributiekanalen.

2. Uitbreiding van de administratieve toegeving (gedaan in de beslissing nr. E.T.124.417 van 31.07.2013) tot schenkingen van voedselproducten bestemd voor menselijke consumptie aan lokale besturen en aan lokale caritatieve instellingen erkend door deze lokale besturen

De basispremisse blijft dat de bedeling van de betreffende voedselproducten van bij de producenten of de distributiebedrijven tot bij de hulpbehoevenden in België in alle stadia van de productie- en distributiecyclus gratis (om niet) verloopt.

Na overleg met stakeholders wordt beslist dat de heffing van btw ook wordt prijsgegeven voor onttrekkingen in de zin van artikel 12, § 1, eerste lid, 2°, van het Btw-Wetboek die worden verricht door belastingplichtigen die de betreffende voedselproducten gratis (om niet) verstrekken aan lokale besturen (zoals OCMW’s van gemeenten) of aan door deze lokale besturen erkende lokale caritatieve instellingen met het oog op de gratis uitdeling ervan in dezelfde staat uitsluitend onder hulpbehoevenden in België, op voorwaarde dat de hierna toegelichte voorwaarden worden nageleefd.

Zo worden schenkingen van de betreffende voedselproducten door buurtwinkels en kleinere warenhuizen niet langer sterkmatig belemmerd door btw-overwegingen.

Uiteraard behouden de belastingplichtige schenkers het recht op aftrek van de btw geheven van de aankoop van de betreffende goederen of de bestanddelen ervan.

2.1. Beperking van de administratieve toegeving tot voedselproducten bestemd voor menselijke consumptie

De administratie heeft beslist dat de bedoelde toegeving bij voortduur uitsluitend betrekking heeft op voor menselijke consumptie bestemde voedselproducten.

Het betreft de goederen die overeenkomstig de rubrieken II tot X van tabel A en rubriek VI van tabel B van het koninklijk besluit nr. 20 van 20.07.1970 inzake btw-tarieven onderworpen zijn aan het verlaagd btw-tarief van 6% of 12%.

De voedingswaren die overeenkomstig rubriek III, tweede lid, a), b) en c) van tabel A van voornoemd koninklijk besluit uitdrukkelijk zijn uitgesloten van het btw-tarief van 6% (kaviaar, langoesten, kreeft, krab en oesters) komen niet in aanmerking voor de bedoelde toegeving, evenmin als bieren met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 0,5% vol. en andere dranken met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 1,2% vol..

2.2. Schenkingen van de betreffende voedselproducten zonder btw-kost aan lokale besturen of aan lokale caritatieve instellingen erkend door deze lokale besturen

De administratie aanvaardt dat gratis inzamelingen bij producenten of distributeurs van de betreffende voedselproducten met het oog op de gratis uitdeling ervan in dezelfde staat uitsluitend aan hulpbehoevenden in België, zonder btw-kost kunnen gebeuren door begunstigde lokale besturen in België (bijvoorbeeld het OCMW van een gemeente).

Bovendien kunnen dergelijke inzamelingen zonder btw-kost ook rechtstreeks gebeuren door begunstigde lokale caritatieve instellingen, bijvoorbeeld in de gevallen waar het lokaal bestuur er zelf niet wenst in tussen te komen gezien het lokale aspect en/of de korte houdbaarheid van de betrokken voedselproducten. De betreffende begunstigde lokale caritatieve instelling moet dan wel erkend zijn door het betrokken lokaal bestuur. Om te worden erkend door het lokaal bestuur moet de begunstigde lokale caritatieve instelling gezamenlijk voldoen aan de volgende voorwaarden:

a) zij moet gekend zijn door het lokaal bestuur als een lokale caritatieve instelling;

b) zij moet een sociale bestaansreden hebben wat onder meer blijkt uit haar doelstelling die bestaat in het verlenen van voedselhulp die zij over het algemeen laat samengaan met sociale begeleiding van hulpbehoevenden op het lokale niveau;

c) zij moet op voorhand met een lokaal bestuur (bijvoorbeeld het OCMW van de gemeente waarin zij actief is) een overeenkomst afsluiten, waarin een vertegenwoordiger van het lokaal bestuur bevestigt dat de betreffende lokale caritatieve instelling:

- lokaal gekend is als armoede- en sociale voedselbedelingsorganisatie;

- in staat is voornoemde gratis van producenten en distributiebedrijven gekregen voedingsproducten verder kwaliteitsvol en in goede omstandigheden te verdelen, en;

- er zich toe verbindt de betreffende voedingsproducten niet voor commerciële doeleinden te gebruiken en ze daadwerkelijk gratis uit te delen uitsluitend onder de hulpbehoevenden op het lokale niveau.

Deze overeenkomst moet gedagtekend en ondertekend worden door de betrokken partijen en moet door de betreffende lokale caritatieve instelling worden bewaard.

Op het vlak van de sociale dienst- en hulpverlening en het armoedebestrijdingsbeleid speelt in principe de lokale autonomie. Zo kan het lokaal bestuur (bijvoorbeeld het OCMW van een gemeente) op lokaal (bijvoorbeeld gemeentelijk) vlak bepalen welke inwoners beantwoorden aan de definitie van hulpbehoevende. Lokale besturen (bijvoorbeeld gemeenten) kunnen ook autonoom bepalen welke instellingen of verenigingen op hun grondgebied worden aangemerkt als lokale caritatieve instellingen die als armoede- en sociale voedselbedelingsorganisaties lokale goede doelen steunen.

3. Btw-verplichtingen en btw-formaliteiten: (verzamel)document ter vervanging van het stuk dat de onttrekking vaststelt

3.1. Principe

Als bewijs dat de belastingplichtige schenker de betreffende voedselproducten gratis heeft geschonken aan een lokaal bestuur of een door een lokaal bestuur erkende lokale caritatieve instelling dient, in principe per schenking die plaatsvindt, tussen, enerzijds, de belastingplichtige schenker en, anderzijds, naargelang van het geval, het lokaal bestuur of de door het lokaal bestuur erkende lokale caritatieve instelling, een document te worden opgesteld:

- waarin, naargelang van het geval, het lokaal bestuur of de door het lokaal bestuur erkende lokale caritatieve instelling:

* bevestigt dat de betreffende voedselproducten gratis werden verkregen, en;

* zich er toe verbindt de betreffende verkregen voedselproducten niet voor commerciële doeleinden te gebruiken en ze, in het kader van een maatschappelijke actie die de zorg om mensen nastreeft, gratis uit te delen uitsluitend onder hulpbehoevenden in België;

- en dat per schenking minstens de volgende vermeldingen moet bevatten:

* de datum;

* de (maatschappelijke) benaming, het adres en het btw-identificatienummer van de belastingplichtige schenker;

* de (maatschappelijke) benaming, het adres en het ondernemingsnummer van de begunstigde van de schenking;

* een volledige en correcte omschrijving van de betreffende voedselproducten;

* de weggeschonken hoeveelheden (per aantal, per liter, per kilogram).

Het hiervoor bedoelde document moet opgemaakt worden in twee exemplaren, waarvan elke partij verklaart het zijne te hebben ontvangen en moet door de betrokken partijen gedagtekend en ondertekend worden.

Voornoemd document geldt voor de belastingplichtige schenker als vervanging voor het stuk tot vaststelling van de onttrekking in de zin van artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1 van 29.12.1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.

Dit document weerlegt ook het wettelijk vermoeden van artikel 64, § 1, van het Btw-Wetboek in hoofde van de belastingplichtige schenker.

3.2. Administratieve toegevingen

Eerste toegeving

De administratie aanvaardt bij wijze van proef dat de belastingplichtige schenker in plaats van de vermelding op voornoemd document van de volledige en correcte omschrijving en van de hoeveelheid van de betreffende voedselproducten per schenking, kan kiezen voor één van de twee volgende werkwijzen:

a) de vermelding op voornoemd document van de door schenking verkregen koopwarengroepen (droge voeding, zuivel, drank, e.a.) en de passende hoeveelheden (per aantal, per liter, per kilogram, e.a.).

Hierdoor kunnen meerdere schenkingen worden gegroepeerd.

b) de toevoeging van het kasticket of de scanningslijst als bijlage aan dit document.

Het kasticket of de scanningslijst maakt dan een integrerend bestanddeel uit van het document ter vervanging van het stuk dat de onttrekking vaststelt. Dit kasticket of deze scanningslijst moeten dan, gelet op het feit dat ze het document vervolledigen, samen met dit document worden voorgelegd op ieder verzoek van de administratie.

Ook bij toepassing van één van beide voornoemde werkwijzen vervangt dit document voor de belastingplichtige schenker het stuk tot vaststelling van de onttrekking in de zin van artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1 en weerlegt het wettelijk vermoeden van artikel 64, § 1, van het Btw-Wetboek.

Tweede toegeving

De administratie aanvaardt bovendien bij wijze van proef dat desgewenst uiterlijk de vijftiende dag van iedere maand één enkel verzameldocument wordt opgesteld waarin alle schenkingen van de betreffende voedselproducten van de afgelopen maand zijn opgenomen. Het verzameldocument mag enkel de schenkingen bevatten die in de loop van de maand waarop het betrekking heeft, werden gedaan.

Voornoemd verzameldocument heeft dus een datum maar een verwijzing in het verzameldocument naar de werkelijke datum van de betreffende schenkingen is niet strikt vereist. Het volstaat te verwijzen naar de periode waarop de schenkingen betrekking hebben. De belastingplichtige schenkers zijn wel verplicht om de gedetailleerde gegevens te bewaren van de betreffende schenkingen op basis waarvan het verzameldocument werd opgemaakt.

Dit verzameldocument vervangt voor de belastingplichtige schenker het stuk tot vaststelling van de onttrekking in de zin van artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1 en weerlegt het wettelijk vermoeden van artikel 64, § 1, van het Btw-Wetboek.

Derde toegeving

Voor de belastingplichtige schenker vervangt het hiervoor bedoeld document het stuk tot vaststelling van de onttrekking in de zin van artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 1 en weerlegt het het wettelijk vermoeden van artikel 64, § 1,van het Btw-Wetboek. De administratie aanvaardt bij wijze van proef dat in de gegeven omstandigheden een inschrijving van dit document in de boekhouding van de belastingplichtige schenker evenmin vereist is.

Een volgnummer (i.e. opeenvolgende nummering genomen uit een ononderbroken reeks) is ter zake niet vereist. Het door beide betrokken partijen gedagtekende en ondertekende document moet, desgevallend, ofwel, met vermelding erop van de koopwarengroepen en de passende hoeveelheden, ofwel, met toevoeging eraan van het kasticket of de scanningslijst, desgewenst maandelijks, in chronologische volgorde bewaard worden.

4. Inwerkingtreding

Deze beslissing heeft onmiddellijke uitwerking.

Wat betreft de na te komen btw-verplichtingen en btw-formaliteiten, geldt deze beslissing echter bij wijze van proef. De administratie behoudt het recht om punt 3.2. van deze beslissing met onmiddellijke ingang in te trekken als zou blijken dat misbruiken worden vastgesteld of dat de rechten van de Schatkist in gevaar komen.

J. MARCKX

Adviseur-generaal

Aangehaalde teksten

3
KB nr. 1 art. 34 voorkomens
WBTW art. 644 voorkomens
WBTW art. 123 voorkomens

Administratieve doctrine

9

« … begrippen alsook voor sommige voorbeelden steunt deze circulaire eveneens op het verslag aan de koning bij het koninklijk besluit nr. 59 (zowel van 28.05.2019 als van 18.05.2020). Deze circulaire vervangt: - de beslissing nr. E.T.124.417 van 31.07.2013 - de beslissing nr. E.T.127.958 van 21.05.2015 - hetgeen bepaald wordt onder titel 2 in de circulaire 2019/C/3 van 25.01.2019 betreffende de aanpassingen aan het Btw-Wetboek door de wet van 30.07.2018 - de circulaire 2019/C/48 van 13.06.2019 betreffende het verstrekken van levensnoodzakelijke … »

Circulaire 2020/C/116 betreffende het verstrekken voor liefdadigheidsdoeleinden van voedingsmiddelen en levensnoodzakelijke niet-voedingsmiddelenOmzendbrief09.09.2020

Bekijk de 9 documenten