Beslissing Btw, nr. E.T.114.588 dd. 01.12.2008
Deze beslissing is door middel van de beslissing E.T.127.190 dd. 26.11.2014 opgeheven
Belastingplichtige
Vrijstellingsregeling van belasting
Rekeningen en ontvangstbewijzen
Aanschrijving nr. 6 van 27 april 1999 betreffende de verplichting tot uitreiking van een rekening of een ontvangstbewijs.
Wanneer hij handelingen verricht als bedoeld in artikel 22, § 1, 1°, 2° en 3° van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, is de belastingplichtige gehouden aan zijn klant een rekening of een ontvangstbewijs uit te reiken.
Die rekening of dat ontvangstbewijs is een controledocument dat dient om de uitvoering van een dienst vast te stellen op het tijdstip waarop die dienst wordt verricht en om de heffing van de belasting na te gaan.
Gelet op het feit dat de belastingplichtige die de in artikel 56, § 2, van het BTW-Wetboek bedoelde vrijstellingsregeling van de belasting geniet geen BTW in rekening mag brengen aan zijn klanten voor de handelingen die hij verricht én hij evenmin BTW moet storten aan de Schatkist, staat de administratie toe dat die belastingplichtige geen rekening of ontvangstbewijs moet uitreiken.
Die vrijgestelde belastingplichtige mag echter wel een rekening of ontvangstbewijs uitreiken, maar moet op dat document zijn BTW-identificatienummer (zonder de letters BE), de vermelding "Kleine onderneming onderworpen aan de vrijstellingsregeling van belasting" en de vermelding "bedrag (BTW niet toepasselijk)" in de plaats van de vermelding "bedrag (BTW inbegrepen)" aanbrengen.