Beslissing Btw nr. E.T.109.807 dd. 22.12.2005
BTW-tarief van toepassing op een individueel waterzuiveringsstation
In de antwoorden op de parlementaire vragen nr. 983 van 25 maart 1994 van de heer volksvertegenwoordiger Pierco en nr. 797 van 1 oktober 2001 van de heer volksvertegenwoordiger Wauters, werd verduidelijkt dat de levering met plaatsing van een intensief individueel waterzuiveringsstation(ondergrondse tank) het tarief van 6 % kon genieten, voor zover aan alle voorwaarden van rubriek XXXI van tabel A van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 in zake BTW-tarieven werd voldaan.
Volgens deze antwoorden kan de levering met plaatsing van een extensief individueel waterzuiveringsstation of waterzuiveringsbekken (tanks in openlucht en zuivering door planten) daarentegen voormeld verlaagd tarief niet genieten, in de mate waarin het werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen m.b.t. dergelijke installatie geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, maar eerder behoren tot het domein van bebouwingswerkzaamheden of tuinaanleg, meer bepaald omwille van de esthetische meerwaarde die dergelijke installatie geeft aan de woonomgeving.
Op vraag van de heer Minister van financiën heeft de administratie deze problematiek opnieuw onderzocht.
Ondanks de argumenten die voor de toepassing van het normale tarief pleiten, moet er echter worden vastgesteld dat een extensief individueel waterzuiveringsstation of waterzuiveringsbekken waarop de afvoer van huishoudelijk afvalwater is aangesloten en dat bestemd is voor de zuivering ervan, vandaag de dag onbetwistbaar een bestanddeel vormt van de sanitaire installatie van een woning, in dezelfde mate als een intensief individueel waterzuiveringsstation.
Om die reden kan de levering met plaatsing van bestanddelen van een dergelijk station bijgevolg het verlaagd BTW-tarief bedoeld in voormelde rubriek XXXI genieten, voor zover uiteraard alle andere voorwaarden van deze bepaling vervuld zijn.
De belastingplichtigen die het normale tarief hebben toegepast voor de handelingen die, rekening houdend met wat voorafgaat, het verlaagd tarief bedoeld in voormelderubriek XXXI hadden kunnen genieten, kunnen hun recht op teruggaaf van de teveel geïnde belasting uitoefenen mits het naleven van de formaliteiten van artikel 79 van het BTW-Wetboek en van artikel 4van het koninklijk besluit nr. 4 van 29 december 1969 met betrekking tot de teruggaven inzake BTW, en mits uiteraard de toepassing van de regels inzake verjaring.
De hiervoor uiteengezette principes zijn mutatis mutandis van toepassing voor de rubrieken XXXII,XXXIII van tabel A en rubriek X van tabel B van de bijlage bij voornoemd koninklijk besluit nr. 20.