Beslissing Btw nr. E.T.103.851 dd. 25.04.2005
Tussenpersonen inzake verzekeringen - Averij-Commissarissen
Krachtens artikel 44, § 3, 4°, van het BTW-Wetboek zijn van de belasting vrijgesteld de handelingen van verzekering, herverzekering, met inbegrip van de daarmee samenhangende diensten verricht door makelaars en lasthebbers, met uitzondering evenwel van de diensten als schade-expert.
Bij de beoordeling van de draagwijdte van deze vrijstelling met betrekking tot de diensten verricht door makelaars en lasthebbers dient rekening te worden gehouden met het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 3 maart 2005 in de zaak C-472/03 (Arthur Andersen & C° Accountants c.s.). Overeenkomstig nr. 36 van dat arrest zijn de essentiële aspecten van de functie van verzekeringsbemiddeling, beoogd door voornoemde vrijstelling, onder meer het zoeken van nieuwe klanten en het in contact brengen van deze klanten met de verzekeraar.
In het geval de tussenkomst van een makelaar of lasthebber inzake verzekeringen vrijgesteld is van de belasting, zijn de diensten die samenhangen met handelingen van verzekering en herverzekering verricht door deze personen eveneens vrijgesteld. Bedoeld worden onder meer beheer, bemiddeling, innen van premies, de schaderegeling welke al dan niet de bevoegdheid omvat om de verzekeraar te binden ten aanzien van de verzekerde die schade heeft geleden, enz.
De hiervoor beoogde "samenhangende diensten" zijn anderzijds niet vrijgesteld indien ze worden verricht door andere personen dan makelaars of lasthebbers (tussenpersonen) inzake verzekeringen wiens handelingen vrijgesteld zijn op grond van artikel 44, § 3, 4°, van het BTW-Wetboek.
In tegenstelling met wat wordt gezegd onder de nrs. 9-15 van de aanschrijving nr. 10 van 19 maart 1979, kan de tussenkomst van een averij-commissaris, die uitsluitend wordt belast met het regelen van schadegevallen en het daarbij verrichten van bepaalde diensten opgesomd in die aanschrijving, bijgevolg niet langer worden vrijgesteld op grond van de hiervoor beoogde bepaling.
In de mate dat deze personen diensten verrichten voor de noden van schepen of vliegtuigen zoals bedoeld in artikel 42, §§1 en 2, van het BTW-Wetboek, kunnen deze diensten worden vrijgesteld van de belasting op basis van artikel 42, § 1, eerste lid, 3° of 5°, of artikel 42, § 2, eerste lid, 3° of 5°, van het voornoemd Wetboek indien wordt voldaan aan de bepalingen opgenomen in de aanschrijvingen nr. 24 van 29 augustus 1978 of nr. 6 van 8 april 1983.
Voor zover de ter zake gestelde voorwaarden worden nageleefd, kunnen de diensten verricht door de bedoelde personen eveneens worden vrijgesteld op grond van de artikelen 39, § 1, 3° en 41, § 1, 2° of 5°, van het BTW-Wetboek.
Opdat de betrokken belastingplichtigen zich tijdig in orde zouden kunnen stellen met dit gewijzigde standpunt heeft de administratie beslist om de voormelde regeling vanaf 1 juli 2005 toe te passen.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.