---
title: "Koninklijk besluit nr. 27 van 26 juni 1973, met betrekking tot de regeling voor de voldoening"
description: "Belgisch koninklijk besluit nr. 27 van 26 juni 1973 met betrekking tot de regeling voor de voldoening : slachtdier, levensmiddel."
url: "https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-27-juni-betrekking-regeling-voldoening-belasting-f0c8"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/codes/tva/arretes-royaux/ar-27-juin-mesures-tendant-assurer-paiement-8c15"
---

Van kracht

# Koninklijk besluit nr. 27 van 26 juni 1973, met betrekking tot de regeling voor de voldoening · Koninklijk besluit nr. 27 van 26 juni 1973 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, ten aanzien van vlees van slachtdieren

**Besluit**

nr. 27

## Over het document

**Verzameling**

Koninklijke besluiten

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

13 artikelen

(Uitvoering van artikel 54 van het Wetboek)

Officieuze coördinatie nr. 3 – Laatstelijk gewijzigd met ingang van 10.01.2026 bij:

17 december 2025. - Koninklijk besluit tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 2, 3, 4, 8, 10, 18, 19, 22, 27, 41, 44, 53 en 59 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde, bl. 99208, Numac:2025009888

## art. 1

(Tekst met ingang van 10.01.2026)\[historiek\]

1) Voor elke slachting van een dier van de runder-, varkens-, schapen-, geiten-, paarden-, muilezel- of ezelsoort, die verricht wordt in een slachthuis of in een private slachterij, is de exploitant van het slachthuis of van de slachterij verplicht een slachtaangifte op te maken in tweevoud, op een formulier waarvan het model is bepaald door de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde. Deze formulieren worden door die administratie verkocht; ze moeten door de exploitant van het slachthuis of van de slachterij worden genummerd volgens een jaarlijkse en ononderbroken reeks nummers.

lid 2 In de slachthuizen moet de aangifte worden opgemaakt na het binnenkomen van het dier in het slachthuis maar vóór het wegnemen van het geslachte dier en uiterlijk de dag na het slachten.

lid 3 In de slachterijen moet de aangifte worden opgemaakt op het tijdstip van het binnenkomen van het dier in de slachterij.

lid 4 Het eerste exemplaar van de aangifte is bestemd voor de eigenaar van het geslachte dier, het tweede exemplaar voor de exploitant van het slachthuis of van de slachterij. Deze personen zijn verplicht het exemplaar van de slachtaangifte in hun bezit te bewaren en het op ieder verzoek van de ambtenaren van het Ministerie van Financiën voor te leggen.

lid 5 De aangiften worden door de exploitant van het slachthuis of van de slachterij ondertekend; zij worden eveneens ondertekend door de eigenaar of eigenaars van het dier of door de aangestelde of de lasthebber van de eigenaar of eigenaars.

2) De exploitant van een slachthuis moet een register houden overeenkomstig het model bepaald door de administratie \[…\], waarin hij naarmate van het binnenkomen van de dieren in het slachthuis, aantekening houdt van het aantal dieren van iedere groep volgens de classificatie die wordt gebruikt voor de slachtaangiften, de datum en het uur van binnenkomen, de identiteit van de aangever en van de eigenaar(s) en het nummer van het merkteken tot individualisering bedoeld in § 3 van dit artikel. Die gegevens worden later aangevuld met de datum of de data van slachting, het gewicht van de geslachte dieren, de nummers van de slachtaangiften, alsmede met iedere andere vermelding te bepalen door of vanwege de Minister van Financiën.

lid 2 De bladzijden van het register worden genummerd. Op de eerste bladzijde vermeldt de exploitant van het slachthuis, voluit, onder zijn handtekening, het aantal bladzijden dat het register bevat.

lid 3 Het in het eerste lid bedoelde register mag op elektronische wijze worden gehouden, in welk geval het tweede lid niet van toepassing is.

3) In de slachthuizen moet de exploitant bij het binnenkomen van de dieren in zijn inrichting aan ieder dier een merkteken tot individualisering geven waaraan het model is bepaald door de administratie \[…\].

lid 2 De merktekens tot individualisering worden aan de exploitant verschaft door die administratie. Zij bestaan uit twee merkplaatjes die hetzelfde nummer dragen en zij worden gegeven in stijgende volgorde van de nummering.

lid 3 Zodra de dieren geslacht zijn hecht de exploitant van het slachthuis een merkplaatje aan het achterste deel van iedere helft van deze dieren. Indien de dieren niet worden gehalveerd, moeten de beide merkplaatjes worden gehecht aan het achterste deel van het geslachte dier. De merkplaatjes mogen niet worden weggenomen vóór het versnijden.

4) De runderen, varkens, paarden, muilezels en ezels, geslacht in de slachthuizen, moeten onmiddellijk na de keuring en na het wegnemen van de slachtafval worden gewogen. Door of vanwege de Minister van Financiën kunnen evenwel, per slachthuis de tijdstippen worden bepaald waarbinnen de weging moet worden verricht.

lid 2 De exploitant van het slachthuis en de eigenaar van het dier zijn verantwoordelijk dat deze dieren ter weging worden aangeboden. Het juiste gewicht van het geslachte dier moet, onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar van het dier, op een onuitwisbare wijze worden vermeld op het achterste deel van iedere helft van het dier. De exploitant vermeldt het totale gewicht van de geslachte dieren in het register bedoeld in § 2 van dit artikel.

lid 3 De weging moet worden verricht door middel van een automatisch weegtoestel dat voldoet aan de voorwaarden te bepalen door de Minister van Financiën.

## art. 2

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 2, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2Wanneer een dier wordt geslacht dat aan twee of meer personen toebehoort, bewaart degene van de eigenaars die het dier slacht of doet slachten, voor gemeenschappelijke rekening, het eerste exemplaar van de slachtaangifte, dat bovendien moet worden aangevuld met de vermelding van het deel of de fractie van het dier dat aan iedere eigenaar toebehoort. De mede-eigenaar(s) moet(en), met het oog op de controle aantekening houden van de in deze omstandigheden gedane slachtingen, van het deel of van de fractie van het dier dat aan ieder van hen toebehoort en van de naam van degene die het exemplaar van de slachtaangifte bewaart.

## art. 3

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 3, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2 De vleeskeurder mag in de slachthuizen het stempel waarvan sprake in de besluiten betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel slechts aanbrengen op de dieren waaraan de merkplaatjes bedoeld in artikel 1, § 3, zijn gehecht.

## art. 4

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 4, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2De praktizerende veearts die de keuring doet in de gevallen bedoeld in de wetten en besluiten betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, wordt gelijkgesteld met de vleeskeurder voor de toepassing van dit koninklijk besluit; hij is aan dezelfde verplichtingen onderworpen.

## art. 5

[1 document](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-27-juni-betrekking-regeling-voldoening-belasting-f0c8/documenten?point=ar27-art5)

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 5, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2De gemeenten en de exploitanten van slachthuizen en slachterijen moeten aan de ambtenaren van het Ministerie van Financiën, zonder verplaatsing, inzage verlenen van de registers van de slachtaangiften en van de registers van de binnengekomen dieren, die ze moeten houden krachtens de besluiten betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel.

lid 3De eigenaars van de geslachte dieren moeten aan die ambtenaren, zonder verplaatsing, de kwitanties en ontvangstbewijzen ter inzage voorleggen, die ze hebben ontvangen ter uitvoering van die besluiten.

## art. 6

[3 documenten](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-27-juni-betrekking-regeling-voldoening-belasting-f0c8/documenten?point=ar27-art6)

(De tekst van KB nr. 27, artikel 6, § 3, tweede lid, inleidende zin, werd gewijzigd met ingang van 16.05.2014 (Art. 27, KB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015 – Ed. 2, pg. 13872, erratum B.S. 17.04.2015, pg. 22342, vervangen door erratum B.S. 27.04.2015, pg. 23413))

1) De exploitanten van de slachthuizen moeten, zonder verplaatsing, aan de ambtenaren van het Ministerie van Financiën de niet gebruikte merktekens tot individualisering die ze in voorraad hebben, alsmede het register dat ze moeten houden krachtens artikel 1, § 2, ter inzage voorleggen. Deze verplichting slaat ook op de merktekens tot individualisering die reeds werden gegeven met betrekking tot nog niet geslachte dieren.

lid 2 Een zelfde verplichting wordt opgelegd aan de vleeskeurders ten aanzien van de individuele eenzelvigheidskaarten die ze opmaken voor de runderen krachtens de besluiten betreffende de bestrijding van de veeziekten en van de rundertuberculose, wanneer die kaarten nog niet zijn overhandigd aan de diergeneeskundige inspecteur.

2) De ambtenaren van het Ministerie van Financiën hebben dag en nacht vrije toegang tot de slachthuizen. Ze kunnen de exploitant van het slachthuis verplichten de geslachte dieren bedoeld in artikel 1, § 4, te wegen, ten einde te kunnen verifiëren of het gewicht juist vermeld is op het achterste deel van iedere helft van deze dieren.

3) Ieder jaar, vóór 31 maart, moeten de exploitanten van slachthuizen en van slachterijen aan de administratie een opgave toesturen, voor iedere eigenaar die in de loop van het vorige jaar in hun instellingen dieren heeft geslacht of laten slachten.

lid 2 Die opgave wordt opgesteld op een formulier overeenkomstig het model bepaald door de administratie \[…\] en moet de volgende vermeldingen bevatten:

1° naam en adres van de eigenaar;

2° het registratienummer dat hem werd toegekend voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde of, bij ontstentenis van een registratienummer, de vermelding "niet-belastingplichtige";

3° het aantal dieren van iedere soort die hij in de loop van het vorige jaar in de instelling heeft geslacht of laten slachten;

4° indien het gaat om een slachthuis, het slachtgewicht van de runderen, varkens, paarden, muilezels en ezels afzonderlijk, die de eigenaar in de loop van het vorige jaar in de instelling heeft geslacht of laten slachten;

5° ieder ander gegeven door of vanwege de Minister van Financiën te bepalen.

## art. 7

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 7, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2De exploitanten van slachthuizen of van slachterijen, alle personen die slachtdieren slachten of doen slachten of die handel in vlees drijven en alle voortbrengers van bereid of verduurzaamd vlees moeten aan de ambtenaren van het Ministerie van Financiën, zonder verplaatsing, inzage verlenen van de certificaten van oorsprong of van de bescheiden die als zodanig gelden, alsmede van de controleboekjes op de prijzen, van de boekjes waarin de inkopen en verkopen van dieren of van vlees worden aangetekend, die ze moeten ontvangen of uitreiken krachtens de wettelijke of reglementaire bepalingen betreffende de controle op de vleesprijzen of het algemeen bestuur van de diergeneeskundige politie.

## art. 8

[1 document](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-27-juni-betrekking-regeling-voldoening-belasting-f0c8/documenten?point=ar27-art8)

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 8, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2Eenieder die voertuigen gebruikt voor het vervoer van slachtdieren of van vlees, moet aan de ambtenaren van het Ministerie van Financiën, zonder verplaatsing, inzage verlenen van de boekjes waarin hij, overeenkomstig de wettelijke en reglementaire beschikkingen betreffende de gezondmaking van de vervoermiddelen die gediend hebben voor dieren, aantekening houdt van het vervoer en van de ontsmettingen van die voertuigen.

## art. 9

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 9, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2 Door of vanwege de Minister van Financiën mag onder de door of namens hem te stellen voorwaarden, in biezondere gevallen worden afgeweken van de bepalingen van artikel 1 tot 8.

## art. 10

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 10, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2Dit besluit vervangt het koninklijk besluit nr. 27, van 15 december 1970, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, ten aanzien van vlees van slachtdieren.

## art. 11

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 11, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2Dit besluit treedt in werking op 1 oktober 1973.

## art. 12

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 12, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973)

lid 2Het koninklijk besluit van 27 juli 1972, dat het koninklijk besluit nr. 27, van 15 december 1970, heeft gewijzigd, en waarvan de datum van inwerkingtreding werd bepaald op 1 juli 1973 door artikel 1 van het koninklijk besluit van 16 maart 1973, wordt opgeheven op datum van dit besluit.

## art. 13

lid 1(De tekst van KB nr. 27, artikel 13, is van toepassing met ingang van 01.10.1973 (KB 26.06.1973))

lid 2Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.

lid 3Recente wijzigingen van KB nr. 27

lid 417 december 2025. - Koninklijk besluit tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 2, 3, 4, 8, 10, 18, 19, 22, 27, 41, 44, 53 en 59 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde, bl. 99208, Numac:2025009888

lid 5Wijzigingen met ingang van 10.01.2026

lid 6 24 januari 2015 - Koninklijk besluit tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 2, 3, 4, 7, 9, 10, 11, 15, 19, 23, 24, 27, 31, 46, 47, 48, 50, 54 en 56 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit van 7 juni 2007 tot uitvoering van de artikelen [84quinquies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84quinquies) tot [84decies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84decies) van het wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S. 20.02.2015, Ed. 2, pg. 13872, erratum B.S. 17.04.2015, pg. 22342, vervangen door erratum B.S. 27.04.2015, pg. 23413)

lid 7Wijzigt met ingang van 16.05.2014 :

lid 8art. 1 (§ 1, eerste lid; § 2, eerste lid en § 3, eerste lid, gewijzigd)

lid 9art. 6 (§ 3, tweede lid, inleidende zin, gewijzigd)

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 54](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-54) 1 voorkomen

[WBTW art. 84decies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84decies) 1 voorkomen

[WBTW art. 84quinquies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-84quinquies) 1 voorkomen

## Rechtspraak

1

### België

1

Hof van Cassatie 25.11.1988

#### [Slachthuizen, Beroepslokaliteiten, Begrip](https://juriel.be/nl/rechtspraak/slachthuizen-beroepslokaliteiten-begrip-recht-vrije-cassatie-brussel-1988-11-25-5e72)

art. 6, § 2

## Administratieve doctrine

2

[Omzendbrieven 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-27-juni-betrekking-regeling-voldoening-belasting-f0c8/documenten?type=omzendbrieven)

3 documenten hangen aan een welbepaald punt van het artikel. De koppeling wordt in de tekst van de documenten gelezen.

[Bekijk de 3 documenten](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-27-juni-betrekking-regeling-voldoening-belasting-f0c8/documenten)
