Koninklijk besluit nr. 1, artikel 16 · Koninklijke besluiten

Naar de tekst
Juriel

AR 1 16.05.2014 - 30.06.2021 § 1, werd gewijzigd KB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015

Zoeken
Niet meer van kracht

Koninklijk besluit nr. 1, artikel 16Deze versie is vervangen. De geldende tekst staat op de pagina van het artikel.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-16-6be0/versie-2014-05-16

Artikel
AR 1
Periode
16.05.2014 - 30.06.2021
Wijziging
§ 1, werd gewijzigd
Bron
KB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015

Wat op die datum veranderde

1 gewijzigde passage op 3 3 ingevoegde woorden 5 geschrapte woorden

Vergeleken met de versie van 01.01.2013

Wat de FOD erover zegt : De tekst van KB nr. 1, artikel 16, § 1, werd gewijzigd met ingang van 16.05.2014 (Art. 1, KB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015, Ed. 2

Naar de tekst van deze versie

Tekst

3 paragrafen 0 punten van kracht van 16.05.2014 tot 30.06.2021

§ 1

De belastingplichtigen die in artikel 15, §§ 1 en 2, van het Wetboek bedoelde leveringen van goederen verrichten en die niet de keuze hebben uitgeoefend zoals voorzien in § 1, derde lid, en in § 2, tweede lid, b), van deze bepaling moeten op elk ogenblik in staat zijn om ten behoeve van de ambtenaren van de geschrapte tekst: Administratie van einde van de schrapping. ingevoegde tekst: administratie belast met einde van de invoeging. de belasting over de toegevoegde waarde, geschrapte tekst: registratie en domeinen, einde van de schrapping. voor het lopend kalenderjaar het totale bedrag te bepalen van hun leveringen die in aanmerking komen voor de berekening van de drempels bedoeld in artikel 15, § 1, tweede lid, 1°, en § 2, eerste lid, 2°, van het Wetboek.

§ 2

Voor de toepassing van artikel 53bis, § 1, van het Wetboek geldt de in paragraaf 1 bedoelde verplichting eveneens voor de in artikel 25ter, § 1, tweede lid, 2°, van het Wetboek bedoelde belastingplichtigen en niet-belastingplichtige rechtspersonen die niet de in het tweede lid van die bepaling voorziene keuze hebben uitgeoefend, wat betreft het totale bedrag, voor het lopende kalenderjaar, van hun in die bepaling beoogde intracommunautaire verwervingen van goederen.

§ 3

De toepassing van paragrafen 1 en 2 kan worden geregeld door of vanwege de Minister van Financiën wanneer zij dit noodzakelijk achten om de toepassing van de belasting en het toezicht op de juiste heffing ervan te verzekeren.

Opeenvolgende versies

4 versies eerste op 01.01.1993
Van krachtWijzigingBron
01.07.2021van kracht§ 1, werd vervangenKB 29.06.2021, B.S. 01.07.2021
16.05.2014getoond§ 1, werd gewijzigdKB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015
01.01.2013§ 1, werd vervangen; § 2 en § 3 werden gewijzigdKB 19.12.2012, B.S. 31.12.2012, Ed 1
01.01.1993het artikel werd ingevoerdKB 29.12.1992