Wat op die datum veranderde
3 gewijzigde passages op 3 189 ingevoegde woorden 150 geschrapte woordenVergeleken met de versie van 01.04.2019
Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 93undeciesD, werd opgeheven met ingang van 01.01.2020 (Art. 25, W 13.04.2019, B.S. 30.04.2019, pg. 41412). Deze wetswijziging is niet van toepassing op het administratieve dwangbevel inzake belasting over de toegevoegde waarde dat ter kennis werd gebracht of werd betekend vóór de datum van haar inwerkingtreding (Art. 138, W 13.04.2019
lid 1geschrapte tekst: Openbare ambtenaren of ministeriële officieren, belast met de openbare verkoping van roerende goederen waarvan de waarde ten minste 250 EUR bedraagt, zijn persoonlijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting over de toegevoegde waarde en bijbehoren die de eigenaar op het ogenblik van de verkoping verschuldigd is, indien zij niet ten minste acht werkdagen vooraf, bij ter post aangetekende brief, de voor de eigenaar van die goederen bevoegde ontvanger ervan verwittigen. einde van de schrapping. ingevoegde tekst: (Opgeheven bij de wet van 13 april 2019 uitgezonderd voor de gevallen bedoeld in artikel 138 van die wet) (1) einde van de invoeging.
lid 2geschrapte tekst: Wanneer de verkoping heeft plaatsgehad, geldt de kennisgeving van het bedrag der belasting over de toegevoegde waarde en bijbehoren door de bevoegde ontvanger bij ter post aangetekende brief, uiterlijk daags vóór de verkoping, als beslag onder derden in handen van de in het eerste lid vermelde openbare ambtenaren of ministeriële officieren. einde van de schrapping. ingevoegde tekst: (1) Het artikel zoals van kracht vóór 01.01.2020, blijft evenwel van toepassing op het administratieve dwangbevel dat ter kennis werd gebracht of werd betekend vóór 01.01.2020. einde van de invoeging.
lid 3geschrapte tekst: (2) Deze versie is niet van toepassing op het dwangbevel dat ter kennis werd gegeven of betekend werd vóór 01.04.2019 (Art. 19, W 26.11.2018, B.S. 04.12.2018, pg. 93842) einde van de schrapping. ingevoegde tekst: De Wet tot invoering van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van 13.04.2019 is niet van toepassing op het administratieve dwangbevel inzake belasting over de toegevoegde waarde dat ter kennis werd gebracht of werd betekend voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 1°); op fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen opgenomen in een kohier, een bijzonder kohier of een innings- en invorderingsregister, uitvoerbaar verklaard voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 5°); op fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, andere dan deze waarvan de inning en de invordering verzekerd zijn in toepassing van de wet van 21 februari 2003 tot oprichting van een Dienst voor alimentatievorderingen bij de FOD Financiën, die het voorwerp hebben uitgemaakt van een in kracht van gewijsde getreden rechterlijke beslissing houdende veroordeling tot hun betaling, voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 6°). einde van de invoeging.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Opeenvolgende versies
4 versies eerste op 07.01.2007| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 10.01.2024van kracht | Voor de gevallen waarin het artikel nog steeds van toepassing is, werd de tekst van het eerste lid gewijzigd | W 28.12.2023, B.S. 29.12.2023 |
| 01.01.2020getoond | het artikel werd opgeheven | W 13.04.2019, B.S. 30.04.2019 |
| 01.04.2019 | het artikel werd gewijzigd | W 26.11.2018, B.S. 04.12.2018 |
| 07.01.2007 | het artikel werd ingevoegd | W 27.12.2006, B.S. 28.12.2006 |