---
title: "Artikel 85 van het Belgische Btw-Wetboek, versie van 01.01.2028"
description: "Tekst van Artikel 85 van het Belgische Btw-Wetboek zoals hij gold van 01.01.2028 tot 01.01.2028. § 1, zevende lid en § 3, wordt vervangen"
url: "https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2028-01-01"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/codes/tva/article-85/version-2028-01-01"
---

Niet meer van kracht

# Artikel 85 van het Belgische Btw-Wetboek · Deze versie is vervangen. De geldende tekst staat op de pagina van het artikel.

**Artikel**

85

**Periode**

01.01.2028

**Wijziging**

§ 1, zevende lid en § 3, wordt vervangen

**Bron**

W 12.05.2024, B.S. 30.05.2024

## Wat op die datum veranderde

10 gewijzigde passages op 14 28 ingevoegde woorden 340 geschrapte woorden 1 alleen leestekens

Vergeleken met de versie van 01.01.2025

Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 85, § 1, zevende lid en § 3, wordt vervangen (Art. 57, W 12.05.2024, B.S. 30.05.2024, Ed. 2, pg. 68168, Numac: 2024003880). Deze wijziging treedt in werking voor alle of bepaalde categorieën van houders van een ondernemingsnummer, evenals voor natuurlijke personen, op een datum respectievelijk te bepalen door de Koning, en ten laatste op 01.01.2028 (Art. 222, W 12.05.2024

Op die datum geschrapt

art. 85, § 3, lid 1 geschrapte tekst: In afwijking van het eerste lid kan de belastingschuldige, mits hij een uitdrukkelijke verklaring in die zin aflegt, er evenwel voor opteren om de innings- en invorderingsberichten uitsluitend op elektronische wijze, te ontvangen. In dit geval geldt de aanbieding op elektronische wijze als rechtsgeldige verzending van het innings- en invorderingsbericht. einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 2 geschrapte tekst: De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van de in het tweede lid bedoelde procedure. einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 3 geschrapte tekst: (\*) Artikel 22, van de wet van 12.03.2023 ( B.S. 23.03.2023, pg. 33328, Numac: 2023041020) bepaalt: einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 4 geschrapte tekst: “De Koning kan een latere datum van inwerkingtreding bepalen dan die vermeld in artikel 21, eerste lid, zonder dat die datum later mag zijn dan 1 januari 2025. einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 5 geschrapte tekst: In geval van toepassing van het eerste lid, worden de in artikel 138, tweede lid, van de wet van 13 april 2019 tot invoering van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, zoals ingevoegd bij artikel 16, en de in artikelen 19, 20 en 21, tweede en derde lid, vermelde data verlengd met hetzelfde aantal maanden als het aantal maanden waarmee de inwerkingtreding van deze wet wordt uitgesteld.”. einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 6 geschrapte tekst: (\*\*) Artikel 20, van de wet van 12.03.2023 ( B.S. 23.03.2023, pg. 33328, Numac: 2023041020) bepaalt: einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 7 geschrapte tekst: “Alle bedragen die op de debetzijde van de rekeningen-courant zijn ingeschreven in de zin van artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 24 van 29 december 1992 met betrekking tot de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, zoals van toepassing voor de inwerkingtreding van deze wet \[01.01.2024\], met uitzondering van de bedragen die aan de belastingplichtigen worden teruggegeven, worden opgenomen in het innings- en invorderingsregister vanaf 1 februari 2024, overeenkomstig artikel 85 van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde.”. einde van de schrapping.

art. 85, § 3, lid 8 geschrapte tekst: (\*\*\*) Het minimumbedrag van de in artikel 85, § 1, eerste lid, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde bedoelde belastingschuld die aanleiding kan geven tot invordering bedraagt 2,50 euro. (Art. 30, KB 17.12.2024, B.S. 24.12.2024, pg. 141374, Numac : 2024011600). Dit KB treedt in werking op 01.02.2025 (Art. 32, KB 17.12.2024) einde van de schrapping.

Naar de tekst van deze versie

## Tekst

3 paragrafen 0 punten van kracht op 01.01.2028

## § 1

lid 1Bij niet-betaling van de belastingschuld bestaande uit de belasting, nalatigheidsinteresten, fiscale geldboeten en toebehoren, wordt deze opgenomen in een innings- en invorderingsregister, die de uitvoerbare titel vormt voor de invordering van de belastingschuld en deze concretiseert. geschrapte tekst: (\*\*\*) einde van de schrapping.

lid 2De belastingschuld kan het voorwerp uitmaken van verbeterende innings- en invorderingsregisters in het geval van een latere wijziging, om welke reden dan ook, van de bedragen opgenomen in het innings- en invorderingsregister overeenkomstig het eerste lid.

lid 3De verantwoording van de belastingschuld wordt uiterlijk een maand vóór de opname ervan in het in het eerste of tweede lid bedoelde innings- en invorderingsregister, ter kennis gebracht van de belastingschuldige, behalve indien de rechten van de Schatkist in het gedrang komen. In dat laatste geval wordt zij ten laatste op het ogenblik dat de belastingschuld in een innings- en invorderingsregister wordt opgenomen aan de belastingschuldige ter kennis gebracht.

lid 4In afwijking van het derde lid, wordt voor de belasting die in een aangifte ingediend door de belastingplichtige opgenomen is, alsmede voor de ermee verbonden nalatigheidsinteresten, toebehoren en proportionele fiscale geldboeten, de kennisgeving van de verantwoording geacht te zijn gebeurd op het tijdstip en door het loutere feit van de indiening van deze aangifte.

lid 5Voor de belastingschuld die voortvloeit uit een in artikel 53, § 1ter, zesde lid, bedoelde vervangende aangifte, met inbegrip van nalatigheidsinteresten, toebehoren en daarmee verband houdende proportionele fiscale geldboeten, wordt de kennisgeving van de verantwoording geacht plaats te hebben gehad op de datum van uitwerking van de kennisgeving van die vervangende aangifte.

lid 6Voor de belasting, die het voorwerp van een schulderkenning uitmaakt, alsmede voor de ermee verbonden nalatigheidsinteresten, toebehoren en proportionele fiscale geldboeten, wordt de kennisgeving van de verantwoording geacht te zijn gebeurd op het tijdstip en door het loutere feit van de ondertekening van de schulderkenning.

lid 7Behoudens in de gevallen bedoeld in het vierde tot zesde lid, is de datum van kennisgeving de derde werkdag volgend op de datum ingevoegde tekst: van terbeschikkingstelling van het bericht verzonden door middel van een beveiligd elektronisch platform einde van de invoeging. waarop de verantwoording van de belastingschuld werd afgegeven aan de aanbieder van de universele postdienst. ingevoegde tekst: De terbeschikkingstelling langs elektronische weg geldt als kennisgeving van de verantwoording van de belastingschuld. einde van de invoeging.

gewijzigd

lid 8Mits de uitdrukkelijke toestemming van de belastingschuldige, kan de verantwoording van de belastingschuld hem uitsluitend ter kennis worden gebracht op elektronische wijze. In dat geval geldt de terbeschikkingstelling op elektronische wijze als rechtsgeldige kennisgeving van de verantwoording van de belastingschuld.

lid 9De Koning bepaalt de toepassingsmodaliteiten van de in het achtste lid bedoelde procedure, alsook het minimumbedrag van de in het eerste lid bedoelde belastingschuld die aanleiding kan geven tot de invordering.

lid 10Het derde tot het negende lid zijn niet van toepassing op de belastingschuld die voortvloeit uit de toepassing van de artikelen 66 en 67.

## § 2

lid 1De innings- en invorderingsregisters worden opgemaakt en uitvoerbaar verklaard door de administrateur-generaal van de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde of door de door hem gedelegeerde ambtenaar.

lid 2De Federale Overheidsdienst Financiën vertegenwoordigd door de Voorzitter van het Directiecomité is de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van de Verordening (EU) 2016/679.

lid 3De Koning regelt de wijze van opmaak van de innings- en invorderingsregisters.

## § 3

Van zodra het innings- en invorderingsregister uitvoerbaar wordt verklaard, wordt de opname van de fiscale schuld in dit register aan de belastingschuldige ter kennis gebracht door de geschrapte tekst: verzending, onder gesloten omslag, einde van de schrapping. ingevoegde tekst: verzending einde van de invoeging. van een innings- en invorderingsbericht. Dit vermeldt de datum van uitvoerbaarverklaring van het innings- en invorderingsregister waarop het betrekking heeft.

## Opeenvolgende versies

9 versies eerste op 01.01.1993

| Van kracht | Wijziging | Bron |
| --- | --- | --- |
| 01.01.2028 getoond | § 1, zevende lid en § 3, wordt vervangen toekomstig recht | W 12.05.2024, B.S. 30.05.2024 |
| [01.01.2025](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85) van kracht | § 1, derde lid werd gewijzigd; in § 1 werd tussen het derde en het vierde lid een lid ingevoegd; in § 1 werd het zesde lid, dat het zevende lid werd, vervangen; in § 1 werd het zevende lid, dat het achtste lid werd, vervangen en het bestaande achtste lid werd opgeheven; in § 3, werd het eerste lid gewijzigd en werd het tweede lid vervangen, met ingang van 01.01.2025 | W 26.01.2021, B.S., 10.02.2021 |
| [01.01.2023](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2023-01-01) | § 1, eerste lid, werd gewijzigd | W 20.11.2022, B.S. 30.11.2022 |
| [03.11.2022](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2022-11-03) | § 2, tweede lid, werd gewijzigd | W 16.10.2022, B.S. 24.10.2022 |
| [01.01.2020](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2020-01-01) | de §§ 4, 5 en 6, werden opgeheven | W 13.04.2019, B.S. 30.04.2019 |
| [01.04.2019](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2019-04-01) | Het artikel werd vervangen | W 26.11.2018, B.S. 04.12.2018 |
| [16.05.2016](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2016-05-16) | § 1, werd gewijzigd | W 27.04.2016, B.S. 06.05.2016 |
| [16.05.2014](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-2014-05-16) | § 1, eerste lid, werd gewijzigd | W 25.04.2014, B.S. 16.05.2014 |
| [01.01.1993](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-85/versie-1993-01-01) | het artikel werd gewijzigd | W 28.12.1992 |
