Artikel 28 octies, Zesde richtlijn 77/388 · Europese wetgeving

Naar de tekst
Juriel

01.01.2007 28 octies 01.01.2006

Zoeken
Niet meer van kracht

Artikel 28 octies, Zesde richtlijn 77/388Tot voldoening van de belasting gehouden personen

https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-28octies

Opgeheven op
01.01.2007
Artikel
28 octies
Geconsolideerde versie van
01.01.2006

Over het document

Verzameling
Europese wetgeving
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

19 paragrafen

Artikel 21 wordt vervangen door:

„Artikel 21

Tegenover de schatkist tot voldoening van de belasting gehouden personen

1. In het binnenlandse verkeer is de belasting over de toegevoegde waarde verschuldigd:

a) door de belastingplichtige die een belastbare levering van goederen of een belastbare dienst verricht, met uitzondering van de onder b), c) en f) bedoelde gevallen. Wanneer de belastbare levering van goederen of de belastbare dienst wordt verricht door een niet in het binnenland gevestigde belastingplichtige, kunnen de lidstaten onder door henzelf vast te stellen voorwaarden bepalen dat de belasting verschuldigd is door degene voor wie de belastbare levering van goederen of de belastbare dienst wordt verricht;

b) door de belastingplichtige ontvanger van een dienst als bedoeld in artikel 9, lid 2, onder e), of de voor BTW-doeleinden in het binnenland geregistreerde ontvanger van een in artikel 28 ter, punten C, D, E en F, bedoelde dienst, wanneer de dienst door een niet in het binnenland gevestigde belastingplichtige wordt verricht;

c) door degene voor wie de belastbare levering van goederen is bestemd wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:

— de belastbare handeling is een levering van goederen die onder de voorwaarden van artikel 28 quater, punt E, lid 3, wordt verricht,

— degene voor wie deze levering is bestemd, is een andere belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon die voor BTW-doeleinden in het binnenland is geregistreerd,

— de door de niet in het binnenland gevestigde belastingplichtige uitgereikte factuur is in overeenstemming met artikel 22, lid 3.

De lidstaten kunnen evenwel een afwijking van deze verplichting toestaan wanneer de niet op het grondgebied van het land gevestigde belastingplichtige in dat land een fiscaal vertegenwoordiger heeft aangewezen;

d) door eenieder die de belasting over de toegevoegde waarde vermeldt op een factuur —————;

e) door de persoon die een belastbare intracommunautaire verwerving van goederen verricht;

f) door de voor BTW-doeleinden in het binnenland geregistreerde afnemer aan wie goederen worden geleverd onder de in artikel 8, lid 1, onder d) of e), bepaalde voorwaarden, wanneer deze goederen worden geleverd door een niet in het binnenland gevestigde belastingplichtige.

2. In afwijking van het bepaalde in lid 1 geldt het volgende:

a) Indien degene die volgens lid 1 de belasting verschuldigd is, een niet in het binnenland gevestigde belastingplichtige is, kunnen de lidstaten hem de mogelijkheid geven een fiscaal vertegenwoordiger aan te wijzen als degene die in zijn plaats de belasting verschuldigd is. Deze mogelijkheid is afhankelijk van de voorwaarden en uitvoeringsbepalingen die iedere lidstaat vaststelt.

b) Wanneer de belastbare handeling wordt verricht door een niet in het binnenland gevestigde belastingplichtige en er met het land van het hoofdkantoor of de vestiging van deze belastingplichtige geen rechtsinstrument van gelijke strekking is overeengekomen als in de Richtlijnen 76/308/EEG ( 11 ) en 77/799/EEG ( 12 ) en Verordening (EEG) nr. 218/92 van de Raad van 27 januari 1992 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de indirecte belastingen (BTW) ( 13 ), kunnen de lidstaten bepalen dat een door deze belastingplichtige aangewezen fiscaal vertegenwoordiger tot voldoening van de belasting wordt gehouden.

3. In de in de leden 1 en 2 bedoelde situaties kunnen de lidstaten bepalen dat een andere persoon dan degene die tot voldoening van de belasting is gehouden, hoofdelijk verplicht is de belasting te voldoen.

4. Bij invoer is de belasting over de toegevoegde waarde verschuldigd door degene(n) die als zodanig door de lidstaat van invoer wordt (worden) aangewezen of erkend.”

Geconsolideerde tekst gepubliceerd door het Publicatiebureau van de Europese Unie, per artikel opgesplitst en opnieuw opgemaakt · Licentie CC BY 4.0

Rechtspraak

4

Europese Unie

4

Conclusie van de advocaat-generaalC-395/1112.09.2012

Beschikking 2004/290/EG

Hof van JustitieC-141/2001.12.2022

Belastingplichtigen

Hof van JustitieC-590/1311.12.2014

Indirecte belastingen, recht op aftrek

Bekijk alle 4

Bekijk de 4 documenten