1. Na raadpleging van het BTW-Comité kunnen de lidstaten voor de volgende door een belastingplichtige verrichte of voor een belastingplichtige bestemde handelingen, vrijstelling verlenen binnen de grenzen van het bedrag waarvoor deze belastingplichtige in de afgelopen twaalf maanden heeft uitgevoerd:
a) de intracommunautaire verwerving van goederen door de belastingplichtige alsmede de invoer en de levering van goederen bestemd voor de belastingplichtige die deze goederen betrekt met het oog op hun uitvoer uit de Gemeenschap, al dan niet na verwerking;
b) de diensten in verband met de uitvoeractiviteit van de betreffende belastingplichtige.
2. De lidstaten die gebruikmaken van de in lid 1 bedoelde mogelijkheid tot vrijstelling, verlenen, na raadpleging van het BTW-Comité, deze vrijstelling ook voor handelingen die betrekking hebben op de door de belastingplichtige onder de in artikel 138 gestelde voorwaarden verrichte leveringen, ten belope van het bedrag van de leveringen die hij onder dezelfde voorwaarden in de voorafgaande twaalf maanden heeft verricht.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Geconsolideerde tekst gepubliceerd door het Publicatiebureau van de Europese Unie, per artikel opgesplitst en opnieuw opgemaakt · Licentie CC BY 4.0