Fiche van de FOD Financiën
Voorafgaande beslissing nr. 900.325 dd. 06.07.2010
Inkomstenbelasting · Personenbelasting · Belasting over de toegevoegde waarde · Economische activiteit · Belastbaar inkomen · Beroepsinkomen · Divers inkomen · Fotovoltaïsche zonnepanelen · Privé-doeleinden · Recht op aftrek
Samenvatting
Directe belastingen - personenbelasting
De inkomsten van de verhandeling van groenestroomcertificaten (GSC) kunnen in casu niet beschouwd worden als belastbare inkomsten (noch als beroepsinkomen noch als divers inkomen). De inkomsten van het verstrekken van advies en het voeren van publiciteit omtrent lage energiewoningen en inzonderheid m.b.t. de gebruikte technieken, dienen in casu gekwalificeerd te worden als diverse inkomsten zoals bedoeld in het artikel 90,1°, WIB 92.
Btw
De verhandeling van de GSC niet aan de btw onderworpen is indien de productie van de zonnepanelen enkel gebruikt wordt voor privé doeleinden. De verhandeling van de GSC aan de btw is onderworpen indien de productie van de zonnepanelen ook gebruikt wordt voor het verlenen van advies en voeren van publiciteit zodat de aanvrager in die mate recht op aftrek zou kunnen uitoefenen van de btw geheven op de kosten (o.a. aankoop, onderhoud) met betrekking tot de productie van elektriciteit. De aanvrager is een btw-belastingplichtige voor de activiteiten van adviesverlening en het voeren van publiciteit.
I. Voorwerp van de aanvraag
1. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of:
Directe belastingen
1.1. dat de inkomsten van de verhandeling van de groenestroomcertificaten en het verstrekken van advies en het voeren van publiciteit omtrent lage energiewoningen en inzonderheid m.b.t. de gebruikte technieken (isolatie, ventilatie, warmtepomp,…) gekwalificeerd dienen te worden als inkomsten van een beroepsactiviteit zoals bedoeld in artikelen 23, §1, 1° of 2° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92), dan wel als diverse inkomsten zoals bedoeld in het artikel 90,1°, WIB 92.
Belasting over de toegevoegde waarde
1.2. de aanvrager voor het verhandelen van groenestroomcertificaten op zich btw-belastingplichtige is als:
1.2.1. hij de groenestroomcertificaten via de netbeheerder verhandelt en dus niet rechtstreeks op de markt, en
1.2.2. hij de volledige elektriciteitsproductie voor eigen gebruik bestemt en deze dus niet (gedeeltelijk) verkoopt, en
1.2.3. als hij geen andere economische activiteiten verricht;
1.3. in dat geval:
1.3.1. dient hij als btw-belastingplichtige te worden geïdentificeerd (artikel 4, §1 W.BTW) en
1.3.2. voor de verhandeling van de groenestroomcertificaten o.a. periodieke btw-aangiften in te dienen (artikel 53, §1, 2° W.BTW) waarbij de maatstaf van heffing van de verhandelde groenestroomcertificaten tevens het bedrag omvat betaald door de netbeheerder, zijnde op heden 350,00 EUR per groenestroomcertificaat (artikel 26, 1ste lid W.BTW);
1.4. de aanvrager voor het verstrekken van advies en het voeren van publiciteit eveneens als btw-belastingplichtige dient te worden geïdentificeerd (artikel 4, § 1, van het btw-wetboek) en of ook deze prestaties belastbare handelingen vormen waarvoor een periodieke btw-aangifte dient ingediend te worden (artikel 53, §1, 2° W.BTW);
1.5. hetzelfde geldt wanneer hij beide voorgaande activiteiten uitoefent;
1.6. de aanvrager voor de inkomende handelingen, geviseerd door artikel 20, §2, van K.B. nr. 1, bestemt en gebruikt voor een of beide van de onder de bovenstaande bedoelde economische activiteiten (inzonderheid deze m.b.t. de verhandeling van de groenestroomcertificaten) alsook voor privé-doeleinden, de verlegging van de heffing ingesteld door artikel 51, § 4 W.BTW en KB nr. 1, artikel 20 dient toe te passen;
1.7. de aanvrager de btw in aftrek kan brengen (artikel 45, § 1 W.BTW), voor zover de betreffende investeringsgoederen in zijn bedrijfsvermogen worden opgenomen en effectief gebruikt worden voor een of beide van bovenstaande economische activiteiten;
1.8. het percentage dat voor aftrek in aanmerking komt, zal bepaald worden in samenspraak met de administratie (K.B. nr. 3, artikel 1, § 2, 2de lid).
II. Beslissing
II.A. Directe belastingen
II.A.1.Algemeen
2. Overeenkomstig de bepalingen van artikel 23, §1, WIB 92 zijn beroepsinkomsten inkomsten die rechtstreeks of onrechtstreeks voortkomen uit werkzaamheden van alle aard.
3. Overeenkomstig de bepalingen van artikel 24, 1ste lid, 1°, WIB 92 bestaat winst uit inkomsten van alle nijverheids-, handels- of landbouwondernemingen die voortkomen uit alle verrichtingen gedaan door de inrichtingen van die ondernemingen of door toedoen daarvan.
4. Overeenkomstig de bepalingen van artikel 27, 1ste lid, WIB 92 zijn baten alle inkomsten uit een vrij beroep, een ambt of post en alle niet als winst of als bezoldigingen aan te merken inkomsten uit een winstgevende bezigheid.
5. Overeenkomstig de bepalingen van artikel 90, 1°, WIB 92 zijn diverse inkomsten onverminderd het bepaalde in 8° en 10°, winst uit of baten, hoe ook genaamd, die zelfs occasioneel of toevallig, buiten het uitoefenen van een beroepswerkzaamheid, voortkomen uit enige prestatie, verrichting of speculatie of uit diensten bewezen aan derden, daaronder niet begrepen normale verrichtingen van beheer van een privé-vermogen bestaande uit onroerende goederen, portefeuillewaarden en roerende voorwerpen.
6. Uit het nr. 23/11 Com. IB 92 blijkt dat in de praktijk zich soms moeilijkheden voordoen om de categorie te bepalen waartoe bepaalde inkomsten behoren. Sommige inkomsten kunnen immers naar gelang van de omstandigheden beroepsinkomsten zijn of inkomsten van onroerende of van roerende goederen of nog diverse inkomsten of zelfs inkomsten die niet belastbaar zijn.
7. Uit het nr. 23/35 Com. IB 92 blijkt dat onder winstgevende bezigheid wordt verstaan, wanneer ze door een natuurlijke persoon wordt uitgeoefend, een geheel van verrichtingen die voldoende talrijk en onderling verbonden zijn om een gewone en voortgezette bezigheid uit te maken en die, vallend buiten de grenzen van het normale beheer van een privé-vermogen, een beroepskarakter hebben (Cass., 6.5.1969, Grazia en de Mesmay, Bull. 475, blz. 1067; id., 24.9.1968, Petit, Bull. 466, blz. 1345).
8. Uit het nr. 23/36 Com. IB 92 blijkt dat men aan de hand van de feiten moet uitmaken of bepaalde verrichtingen een winstgevende bezigheid zijn. Als feitelijke gegevens die op het uitoefenen van een winstgevende bezigheid met beroepskarakter kunnen wijzen, komen, buiten het aantal, de onderlinge verbondenheid, de aard en de snelle opeenvolging van de gedane verrichtingen, o.m. in aanmerking de belangrijkheid ervan, de organisatie die ze impliceren, de omstandigheid dat ertoe is overgegaan met behulp van ontleende gelden en in samenwerking tussen twee of meer personen, het feit dat een nevenactiviteit nauw verband houdt met de hoofdactiviteit van de betrokken belastingplichtige of in het verlengde van diens beroepsactiviteit ligt. De enige omstandigheid dat een in het kader van een nevenactiviteit gedane verrichting nauw verband houdt met de hoofdactiviteit van de belastingplichtige of in het verlengde ervan ligt, volstaat echter niet om die verrichting als een winstgevende bezigheid in de zin van artikel 27, WIB 92, aan te merken. Daartoe moet immers evenzeer voldaan zijn aan het algemeen principe dat de activiteit moet kaderen in "een geheel van verrichtingen die voldoende talrijk en onderling verbonden zijn".
9. In het nr. 90/3 Com. IB 92 staan twee voorwaarden vermeld voor de belastbaarheid van winst of baten als diverse inkomsten. Praktisch alle winst of baten, hoe ook genaamd, die tegelijkertijd aan de beide onderstaande voorwaarden voldoen, zijn belastbaar als diverse inkomsten : (I) behaald zijn buiten het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid en (II) niet voorkomen uit het normaal beheer van een privévermogen bestaande uit onroerende goederen, portefeuillewaarden en roerende voorwerpen.
II.A.2. De verhandeling van de groenestroomcertificaten
10. Uit het voorgaande blijkt dat de kwalificatie van de inkomsten uit de verhandeling van de groenestroomcertificaten een feitenkwestie is.
11. Volgens een vaste rechtspraak is er sprake van een beroepswerkzaamheid, indien het om een geheel van verrichtingen gaat die voldoende talrijk en onderling verbonden zijn om een gewone en voortgezette bezigheid uit te maken. Of bepaalde verrichtingen een beroepswerkzaamheid vormen, moet aan de hand van de feiten worden uitgemaakt. Als feitelijke gegevens die op het uitoefenen van een beroepswerkzaamheid kunnen wijzen, komen, buiten het aantal, de onderlinge verbondenheid, de aard en de snelle opeenvolging van de gedane verrichtingen, onder meer in aanmerking, de belangrijkheid ervan, de organisatie die ze impliceren, de omstandigheid dat ertoe is overgegaan met behulp van ontleende gelden en in samenwerking tussen twee of meer personen, het feit dat een nevenactiviteit nauw verband houdt met de hoofdactiviteit van de betrokken belastingplichtige of in het verlengde van diens beroepsactiviteit ligt.
12. In het antwoord van de parlementaire vraag d.d. 20.05.2008 van de heer Prévot en in het antwoord van de parlementaire vraag d.d. 15.07.2009 van de heer Gilkinet staat telkens duidelijk vermeld wat de personenbelasting betreft, worden de inkomsten uit de verkoop van de groenestroomcertificaten, verworven door privéleveranciers van groene stroom, niet beschouwd als belastbare inkomsten, voor zover die energie geproduceerd wordt door installaties die uitsluitend in de privésfeer gebruikt worden.
13. In casu wordt de installatie van zonnepanelen van de aanvrager op zijn privé-woning geplaatst en deze installatie zal de groene stroom opwekken, en bijgevolg groenestroomcertificaten generen. Zo wordt de installatie uitsluitend in de privésfeer gebruikt:
13.1. de investering van de zonnepanelen bestaat slechts uit 84 zonnepanelen met een piekvermogen per paneel van 85 Wp of voor de volledige installatie 7140 kWh;
13.2. de installateurs van de zonnepanelen beramen de opbrengst van de installatie van de aanvrager, omgezet in groenestroomcertificaten, op een 5 à 6-tal groenestroomcertificaten per jaar;
13.3. de installatie heeft geen dubbele meter maar slechts een terugdraaiende meter vermits de installatie maar een maximaal vermogen heeft van minder dan 10.000 kWh, in casu 7140 kWh.
14. De website van de VREG geeft aan dat in Vlaanderen het elektriciteitsverbruik van een doorsnee gezin 3.500 à 4.000 kWh bedraagt. Als er echter met elektriciteit wordt verwarmd, kan het verbruik veel hoger oplopen.
15. In de beginfase voorziet de aanvrager dat, indien het rendement van de panelen in werkelijkheid het door de leverancier vooropgestelde rendement haalt, de injectie in het distributienet groter zal zijn dan de afname (onder voorbehoud van effectieve vaststellingen: geraamde productie: 5.700 kWh per jaar; geraamd verbruik: 4.500 kWh per jaar). Na verloop van tijd, daalt het rendement van de panelen en verhoogt het verbruik van de installaties, zodat kan voorzien worden dat op termijn de productie en het verbruik naar elkaar zullen toegroeien.
16. De VREG maakt een indeling in installaties met fotovoltaïsche zonnepanelen op de volgende wijze: Een installatie met fotovoltaïsche zonnepanelen met een maximaal AC-vermogen van de omvormers ≤10.000 kWh en de installaties boven dit vermogen van 10.000 kWh. De aanvrager zit bij de gewone installatie van ≤10.000 kWh, hij heeft een maximaal vermogen voor zijn volledige installatie van 7.140 kWh.
17. Wetende dat per jaar per geproduceerde 1000 kWh groene stroom de producent van deze groene stroom een groenestroomcertificaat bekomt, zijn de in casu 5 à 6 groenestroomcertificaten per jaar niet exuberant veel. Aangezien voor indienstname van de installatie in 2010 per groenestroomcertificaat een opbrengst van 350 EUR is gegarandeerd, zal de totale opbrengst uit de verkoop 1750 of 2100 EUR bedragen.
18. De terugdraaiende meter is bedoeld voor een installatie met een vermogen voor louter persoonlijk gebruik. De aanvrager zal groene stroom produceren die wordt gemeten op zijn productiemeter. De stroom die hij onder de vorm van een huishoudelijke afnemer zal verbruiken komt op de gewone teller te staan. Hetgeen hij meer produceert dan dat de aanvrager verbruikt, injecteert hij in het net, zonder enige vergoeding maar draait de teller wel terug en de meterstand zakt.
19. Om de groenestroomcertificaten te verhandelen moet de aanvrager enkel door een derde zonnepanelen laten plaatsen op het dak van zijn privé-woning en zijn meterstand van zijn productiemeter van zijn zonnepanelen doorgeven aan de bevoegde instantie die dan op zijn beurt een vergoeding van 350 EUR per geproduceerde 1000 kWh aan de aanvrager uitbetaalt. Dergelijke handelingen kunnen niet worden aangemerkt als een winstgevende bezigheid voor de toepassing van artikel 23 WIB 92.
20. In feite gaat de aanvrager een woning bouwen met een zo laag mogelijk energieverbruik. Dit impliceert verschillende handelingen waaronder het bestuderen van het aanbod op de markt, het onderhandelen met leveranciers van bouwmaterialen en installaties, het aangaan van kredieten, het aangaan van contracten met aannemers die voorafgegaan zijn door offertes, het aanvragen van groenestroomcertificaten, ed. Dit zijn handelingen die éénieder die een woning bouwt, uitvoert.
21. Gelet op het voorgaande zullen de inkomsten uit de verkoop van groenestroomcertificaten niet worden aangemerkt als inkomsten van een beroepsactiviteit noch als diverse inkomsten.
II.A.3. Het verlenen van advies en het voeren van publiciteit
22. Net als het verkopen van de groenestroomcertificaten is ook de kwalificatie van de inkomsten uit het verlenen van advies en het voeren van publiciteit een feitenkwestie.
23. In casu vermoedt de aanvrager de volgende inkomsten op jaarbasis te kunnen bekomen:
23.1. Een basispakket: Voor het basispakket van de door de aanvrager te verrichten prestaties zal hij op jaarbasis 1.000 EUR ontvangen en dit gedurende vijf jaar. Dit pakket zal bestaan uit telefonisch advies aan 40 EUR per uur en advies ter plaatse aan potentiële klanten van de leverancier/installateur van zonnepanelen en ventilatiesysteem aan 60 EUR per uur;
23.2. Aanvullende prestaties: Eens voormelde limiet bereikt, zal de aanvrager - per bijkomend uur advies op zijn adres - 60 EUR per uur ontvangen;
23.3. Commissies: Naast voormelde vergoedingen, zal de aanvrager tevens een commissie ontvangen op de omzet van de zonnepanelen en of ventilatiesystemen die ingevolge zijn tussenkomst verkocht worden;
23.4. Opendeurdagen: Tevens heeft de leverancier/installateur de aanvrager verzocht advies en informatie te verstrekken tijdens door hem te organiseren opendeurdagen. Hiervoor krijgt de aanvrager voor het eerste uur 100 EUR en voor elk volgend uur 60 EUR;
23.5. Alle voormelde bedragen zijn exclusief btw.
24. Deze prestaties zijn onvoldoende talrijk, liggen in het verlengde van de bouw van de privé-woning, vergen geen investeringen, liggen niet in het verlengde van de beroepsactiviteit van de aanvrager en kunnen bijgevolg niet worden aangemerkt als een winstgevende bezigheid voor de toepassing van artikel 23 WIB 92.
25. Het nr. 90/7, 2° Com. IB 92 stelt dat als in artikel 90, 1°, WIB 92, bedoelde diverse inkomsten zijn o.m. belastbaar: 2° de erelonen voor raadgevingen gegeven buiten het kader van een eigenlijk beroep.
26. Het nr. 90/7, 3° Com. IB 92 stelt dat als in artikel 90, 1°, WIB 92, bedoelde diverse inkomsten zijn o.m. belastbaar: 3° de commissielonen, buiten het uitoefenen van een beroepswerkzaamheid verkregen om verscheidene partijen met elkaar in contact te brengen.
27. Uit de voorbereidende werken bij de wet, die het huidig artikel 90,1°, WIB 92 invoerde (Doc. Kamer 1961-1962, Doc 264) blijkt dat de:
27.1. wetgever heeft willen reageren op de rechtspraak welke winsten of baten van verrichtingen, die slechts occasioneel, toevallig of niet dikwijls genoeg voorkomen, uitsluit van de kwalificatie "beroepsinkomsten", waardoor deze winsten onbelast bleven. Opdat er sprake zou zijn van een winstgevende bezigheid is het immers nodig dat een geheel van verrichtingen voorligt welke zich vaak genoeg voordoen om een voortdurende en gewone bedrijvigheid uit te maken;
27.2. beschouwde inkomsten van verschillende bronnen kunnen voortkomen: prestaties voor derden, verrichtingen van commerciële of industriële aard, speculaties op goederen, toevallige adviezen, en dergelijke meer.
28. Gelet op het voorgaande kan men deze inkomsten uit het verlenen van advies en het voeren van publiciteit beschouwen als een divers inkomen als bedoeld in artikel 90, 1°, WIB 92.
II.B. Belasting over de toegevoegde waarde
II.B.1. Algemeen
29. Overeenkomstig artikel 20 van de wet van 24 december 2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken spreekt de DVB zich overeenkomstig de van kracht zijnde bepalingen uit hoe de wet wordt toegepast op een bijzondere situatie of verrichting die op fiscaal vlak nog geen uitwerking heeft gehad.
30. De DVB doet derhalve geen algemene theoretische uitspraak over hypothetische vragen.
31. Na de zeer moeizame verkregen verduidelijkingen omtrent de concrete feitelijke omstandigheden van de verrichtingen, is de DVB slechts in de mogelijkheid om uitspraak te doen over de volgende vragen:
31.1. Is de aanvrager btw-belastingplichtige voor het verstrekken van advies en het voeren van publiciteit?
31.2. Wat is de btw-behandeling van de levering van stroom en verhandeling van groenestroomcertificaten door de aanvrager ?
31.3. Heeft de aanvrager recht op btw-aftrek?
31.4. Toepassing van artikel 20, Koninklijk Besluit nr. 1 voor de levering met plaatsing van de zonnepanelen en het onderhoud ervan.
II.B.2. Het verlenen van advies en het voeren van publiciteit
32. Overeenkomstig artikel 4 van het btw-wetboek is eenieder die in de uitoefening van een economische activiteit geregeld en zelfstandig, met of zonder winstoogmerk, hoofdzakelijk of aanvullend, leveringen van goederen of diensten verricht die in dit Wetboek zijn omschreven, ongeacht op welke plaats de economische activiteit wordt uitgeoefend.
33. De aanvrager is burgerlijk ingenieur en als werknemer tewerkgesteld bij een onderneming. Voor deze activiteit is de aanvrager geen btw-belastingplichtige.
34. Uit de verstrekte informatie blijkt dat de aanvrager de bedoeling heeft om zelfstandig en op regelmatige wijze belastbare btw-handelingen te stellen van adviesverlening en voeren van publiciteit m.b.t. zonnepanelen, ventilatiesystemen en dergelijke energiebesparende systemen.
35. Zo werd medegedeeld dat hij de bedoeling heeft om bij herhaling op afgesproken tijdstippen de potentiële klanten van de installateurs/leveranciers de concrete uitvoering van de betreffende technieken te laten zien, hen het belang van die technieken aan te tonen (en in een latere fase hen bovendien aan te tonen welke besparingen het gebruik van die technieken in de praktijk opleveren), hen tevens uiteen te zetten waarom uiteindelijk voor een bepaalde installateur/leverancier werd gekozen alsook hen te wijzen op de mogelijke problemen die zich tijdens de installatie hebben voorgedaan en hoe deze kunnen vermeden worden. Een en ander zou gebeuren door vergelijking van de verschillende op de markt zijnde systemen en/of functionaliteiten per techniek (vb. optie voor vloerverwarming dan wel voor centrale verwarming, vergelijken van de verschillende bestaande functionaliteiten van het ventilatiesysteem type D) alsmede aan de hand van vergelijkende studies waaruit blijkt dat de materialen gebruikt door de installateur/leverancier - naar het inzicht van de aanvrager- van betere kwaliteit zijn dan die van zijn concurrenten, door de degelijkheid van het door hem uitgevoerde werk te laten zien, door de beperktheid van de geluidshinder van de technieken concreet aan te tonen en hoe men ertoe gekomen is, ...). Voor een verdere bespreking van de activiteiten zie hoger.
36. Tevens werd bevestigd dat de aanvrager deze activiteiten zeker zal verrichten en dat de leverancier/installateur er bovendien op staat dat hij spoedig deze activiteiten zal aanvangen.
37. De aanvrager zal de hoedanigheid van btw-belastingplichtige verkrijgen voor de activiteiten van adviesverlening en het voeren van publiciteit waardoor hij principieel onderworpen is aan de periodieke aangifteverplichting.
II.B.3. De verhandeling van de groenestroomcertificaten
38. Tevens blijkt dat de aanvrager de bedoeling heeft om stroom te leveren en groenestroomcertificaten te verkopen.
a) levering van stroom
39. Gezien de installatie een maximaal vermogen van minder dan 10 kW heeft, zal de aanvrager, bij toepassing van artikel V.2.4.2., § 1, van het Technisch Reglement Distributie Elektriciteit Vlaams Gewest, opteren voor een terugdraaiende meter.
40. De jaarlijkse afrekening van de energieleverancier aan de eindklant bij het gebruik van een meter met terugdraaiend telwerk is een compensatie tussen de door hem geleverde elektriciteit en de door de klant op het net gezette productie. Indien het resultaat hiervan een hoeveelheid geleverde elektriciteit is, wordt daarvoor een factuur uitgereikt aan de klant. Indien zich evenwel de situatie voordoet waarbij de klant meer energie aan het net heeft geleverd dan hij heeft afgenomen, ontvangt hij van de energieleverancier een "nul" factuur. De eindklant ontvangt geen creditnota en er wordt hem geen vergoeding betaald voor de teruggeleverde energiehoeveelheid. De levering van de overproductie gebeurt bijgevolg niet onder bezwarende titel.
41. Aangezien de levering van stroom aan de elektriciteitsleveranciers door de aanvrager om niet gebeurt, is deze handeling, overeenkomstig artikel 2 van het btw-wetboek, niet aan btw onderworpen.
b) verhandeling van groenestroomcertificaten
42. De verhandeling van groenestroomcertificaten die werden verkregen ten gevolge van de eigen elektriciteitsproductie, maakt een dienst uit als bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 7° van het btw-wetboek.
43. In tegenstelling tot de levering van stroom bij een terugdraaiende meter, wordt de verhandeling van groenestroomcertificaten daarentegen wel onder bezwarende titel verricht, inzonderheid tegen een huidige verkoopprijs van 350 EUR per certificaat.
44. Overeenkomstig artikel 2 van het btw-wetboek zijn enkel aan de btw onderworpen de leveringen van goederen of de diensten die door een als zodanig handelende belastingplichtige worden verricht.
45. Terzake moet derhalve een onderscheid worden gemaakt naargelang de zonnepanelen enkel voor privé gebruik dienen of gedeeltelijk voor privé en gedeeltelijk voor belaste beroepsgebruik dienen waardoor de aanvrager een gedeeltelijke recht op aftrek zou genieten.
46. In het eerste geval is de verhandeling van de groenestroomcertificaten niet aan de btw onderworpen vermits de aanvrager niet als belastingplichtige handelt.
47. In het tweede geval, gelet de panelen ook gebruikt worden voor belastingplichtige doeleinden is de verhandeling van de groenestroomcertificaten voor het geheel aan de btw onderworpen, tegen het normale tarief.
II.B.4. Recht op btw-aftrek
48. Overeenkomstig artikel 45 van het btw-wetboek mag elke belastingplichtige, op de belasting die hij verschuldigd is, in aftrek brengen de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten, van de door hem ingevoerde goederen en de door hem verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen, in de mate dat hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van:
1° belaste handelingen.
2° …
49. De btw geheven van de goederen en diensten gebruikt voor de activiteiten van adviesverstrekking en het voeren van publiciteit is derhalve aftrekbaar door de aanvrager. Anderzijds is de btw geheven van goederen en diensten voor privé gebruik of voor zijn werknemersactiviteiten niet aftrekbaar. In geval van gemengd gebruik zal de aftrek moeten bepaald worden in overleg met de bevoegde btw-controle.
50. Aangezien de levering van stroom aan de elektriciteitsleveranciers door de aanvrager om niet gebeurt, heeft de aanvrager slechts recht op aftrek van de btw geheven van de kosten m.b.t. de elektriciteitsproductie (o.a. aankoop en onderhoud panelen) in de mate hij de door hem opgewekte elektriciteit aanwendt voor zijn belastbare activiteiten met recht op btw-aftrek. In casu zou het het geval kunnen zijn indien b.v. hij een gedeelte van zijn productie voor de verlichting en/of de verwarming van een kantoor in zijn woning zou gebruiken en het kantoor zou dienen om zijn belaste activiteiten van adviesverlening of voeren van publiciteit te verrichten. De omvang van de aftrek zal moeten bepaald worden in overleg met de bevoegde btw-controle.
51. Is ook aftrekbaar de btw geheven van de kosten die uitsluitend een rechtstreeks verband houden met de verhandeling (verkoop zelf) van groenestroomcertificaten.
II.B.5. Verlegging van heffing: artikel 20 KB nr.1
52. Art. 20, §1 van het Koninklijk Besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde bepaalt dat, in afwijking van artikel 51, § 1, 1° van het Wetboek, de medecontractant van de in België gevestigde belastingplichtige die een van de in § 2 aangeduide handelingen verricht, de belasting die over de handeling verschuldigd is moet voldoen wanneer hij zelf een belastingplichtige is gehouden tot het indienen van een in artikel 53, eerste lid, 3° van het Wetboek bedoelde aangifte of een niet in België gevestigde belastingplichtige die hier te lande een aansprakelijk vertegenwoordiger heeft laten erkennen overeenkomstig artikel 55, §1 of § 2 van het Wetboek. Hij moet deze belasting voldoen op de in § 4 voorgeschreven wijze.
53. De aanvrager zal als gedeeltelijk belastingplichtige principieel onderworpen zijn aan de periodieke aangifteverplichting zodat de werken in onroerende staat, bedoeld in § 2 van bovenstaand artikel 20 van KB nr. 1, verricht door een in België gevestigde belastingplichtige zal dienen te worden gefactureerd met verlegging van heffing voor zover de productie van elektriciteit tenminste gedeeltelijk bestemd wordt voor belaste doeleinden.
54. In geval van volledig privé aanwending is artikel 20 van KB 1 niet van toepassing en dient de leverancier van de panelen de btw op de factuur aan te rekenen.
II.C. Conclusie
II.C.1. Wat betreft de directe belastingen
55. De inkomsten van de verhandeling van de groenestroomcertificaten kunnen niet beschouwd worden als belastbare inkomsten (noch als beroepsinkomen noch als divers inkomen).
56. De inkomsten van het verstrekken van advies en het voeren van publiciteit omtrent lage energiewoningen en inzonderheid m.b.t. de gebruikte technieken (isolatie, ventilatie, warmtepomp,…) dienen gekwalificeerd te worden als diverse inkomsten zoals bedoeld in het artikel 90, 1°, WIB 92.
II.C.2. Wat betreft de belasting over de toegevoegde waarde
57. De aanvrager een btw-belastingplichtige is voor de activiteiten van adviesverlening en het voeren van publiciteit.
58. De levering van stroom aan de elektriciteitsleveranciers door de aanvrager niet aan btw onderworpen is.
59. De verhandeling van de groenestroomcertificaten aan de btw is onderworpen indien de productie van de zonnepanelen ook gebruikt wordt voor het belaste verlenen van advies en voeren van publiciteit zodat de aanvrager in die mate recht op aftrek zou kunnen uitoefenen van de btw geheven op de kosten (o.a. aankoop, onderhoud) met betrekking tot de productie van elektriciteit.
60. De verhandeling van de groenestroomcertificaten niet aan de btw is onderworpen indien de productie van de zonnepanelen enkel gebruikt wordt voor privé doeleinden.
61. De aanvrager recht op aftrek heeft van de kosten met betrekking tot de productie van elektriciteit (o.a. aankoop, onderhoud panelen) in de mate dat deze productie gebruikt wordt voor het belaste verlenen van advies en het voeren van publiciteit.
62. De aanvrager recht op aftrek heeft van de btw met betrekking tot de kosten die een rechtstreeks verband houden met de verhandeling van de groenestroomcertificaten indien deze verhandeling aan de btw is onderworpen;
63. De verlegging van heffing voorzien door artikel 20, KB nr. 1 van toepassing is op de levering met plaatsing van de zonnepanelen voor zover de productie ervan tenminste gedeeltelijk voor de belaste werkzaamheden van adviesverlening en het voeren van publiciteit wordt gebruikt.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.