Verrekenprijzen, Correcties, Maatstaf van heffing, Teruggaaf, verrekenprijs, teruggave · Voorafgaande beslissingen

Naar de tekst
Juriel

800.464 17 maart 2009

Zoeken

Verrekenprijzen, Correcties, Maatstaf van heffing, Teruggaaf, verrekenprijs, teruggaveVerrekenprijzen - Correcties - Maatstaf van heffing - Teruggaaf

https://juriel.be/nl/rulings/800-464-verrekenprijzen-correcties-maatstaf-heffing-teruggaaf-f91d

Nummer
800.464
Datum
17 maart 2009

Over het document

Verzameling
Voorafgaande beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

47 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 800.464 dd. 17.03.2009

Verrekenprijzen · Correcties · Maatstaf van heffing · Teruggaaf · Artikel 77, §1, 2° en §1bis, 1° btw-wetboek

Samenvatting

Wanneer bij leveringen van goederen aanpassingen dienen te gebeuren tussen verbonden ondernemingen op grond van de toepassing van een verrekenprijsmethode dienen deze aanpassingen voor de toepassing van de btw behandeld te worden als een aanpassing van de maatstaf van heffing van de leveringen van goederen die in de betrokken periode hebben plaatsgevonden. De aanpassingen die tot terugbetalingen ten voordele van de koper van de goederen leiden moeten als prijsverminderingen in de zin van artikel 77, § 1, 2° en § 1bis, van het btw-wetboek behandeld worden.

De DVB is niet bevoegd om zich uit te spreken over de uitreiking van een creditnota door een belastingplichtige die in een ander lidstaat gevestigd is..

De beslissing wordt enkel gepubliceerd in de taal waarin de aanvraag werd ingediend.

I. Voorwerp van de aanvraag

1. De aanvraag strekt ertoe te vernemen welke btw behandeling van toepassing is op de correcties in het kader van de vooropgestelde verrekenprijspolitiek en welke praktische btw-afhandeling hieraan dient te worden gegeven.

II. Omschrijving van de verrichting

2. De NV A is de Belgische verkoopsmaatschappij van de groep. De onderneming treedt op als distributeur ('distributor') voor andere vennootschappen binnen de groep (in hoofdzaak voor haar niet Europese principaal, de vennootschap B).

3. De NV X zal goederen afnemen van 4 leveranciers, namelijk vennootschap B, vennootschap C, vennootschap D en vennootschap E. Omdat het verbonden ondernemingen betreft wordt het arm's length karakter van de verkopen beoordeeld en dringen zich eventuele correcties op met betrekking tot de gehanteerde prijzen.

III. Beslissing

Prijscorrecties

4. Wanneer in het kader van leveringen van goederen correcties dienen te gebeuren tussen verbonden ondernemingen op basis van de toepassing van de verrekenprijsmethode dienen deze correcties voor de toepassing van de btw behandeld te worden als een correctie van de maatstaf van heffing van de leveringen van goederen die in de beschouwde periode hebben plaatsgevonden;

5. In onderhavig geval moeten de correcties die door de verbonden leveranciers ten voordele van de NV A worden toegestaan, beschouwd worden als prijsverminderingen in de zin van artikel 77, § 1, 2° en artikel 77, § 1bis, 1° van het btw-wetboek.

6. Overeenkomstig artikel 1, alinea's 1 en 2, van KB 4, met betrekking tot de teruggaven inzake belasting over de toegevoegde waarde wordt de teruggaaf ingesteld bij de artikelen 77, §§ 1 en 1bis, en 77 bis, van het btw-wetboek, naar gelang van het geval verleend aan degene die de belasting aan de Staat heeft voldaan of aan degene die in het bezit is van een invoerdocument dat hem als geadresseerde aanwijst en dat de betaling van de belasting vaststelt. Hij die voor de voldoening van de belasting gehouden is een aangifte in te dienen, wordt geacht de belasting aan de Staat te hebben voldaan wanneer hij ze heeft opgenomen in het bedrag van de verschuldigde belasting in de aangifte en hij de belasting heeft voldaan die deze aangifte vaststelt. Door of vanwege de Minister van Financiën kan, in de gevallen en onder de voorwaarden door of namens hem te bepalen, worden afgeweken van het eerste lid van dit artikel.

Correctie met betrekking tot de binnenlandse leveringen

7. Voor de lokale leveringen van goederen die in België plaatsgevonden hebben, is de leverancier, in casu vennootschap B (met een Belgisch btw-nummer) de rechthebbende op de teruggaaf.

8. De leverancier is evenwel niet verplicht teruggaaf te vragen wanneer de oorspronkelijke handeling betrekking heeft op een levering of een dienst, hier te lande verricht voor een belastingplichtige die gehouden is een aangifte beoogd in artikel 53, § 1, eerste lid, 2° van het btw-wetboek in te dienen en die de hem oorspronkelijk in rekening gebrachte btw integraal en definitief in aftrek heeft kunnen brengen. De creditnota maakt dan uiteraard geen melding van de btw en de medecontractant moet ook geen btw aan de Staat terugstorten (laatste alinea nr. 549 van de btw handleiding).

9. In casu maakt vennootschap B het verbeterend stuk (creditnota) op voorzien door artikel 12 van KB 1 met betrekking tot de regeling tot voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde zonder vermelding van de btw en de NV A dient ook geen btw te regulariseren in haar btw aangifte;

10. Gelet op het feit dat de verbeterende creditnota betrekking kan hebben op verschillende uitgereikte facturen gedurende een bepaalde periode kan worden aanvaard dat deze creditnota geen referentie maakt naar de uitgereikte facturen voorzover ze duidelijk melding maakt van de periode waarvoor de facturen werden uitgereikt.

11. Het bedrag van de correctie moet in de vakken 81 en 85 van de btw aangifte van NV A worden aangebracht;

12. Indien evenwel vennootschap B (met Belgisch btw-nummer) zijn recht op teruggaaf toch zou willen uitoefenen dan dient dat te gebeuren onder de voorwaarden voorzien door KB 4, artikel 4 en in dat geval zou NV A de terug te storten btw moeten opnemen in vak 63.van haar btw aangifte.

Correctie met betrekking tot de ingevoerde goederen

13. Krachtens artikel 2, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 4, wordt de in artikel 77, § 1bis, van het Wetboek bedoelde teruggaaf niet verleend wanneer ze betrekking heeft op de invoer van een goed dat geen bedrijfsmiddel is en de geadresseerde een belastingplichtige is die gehouden is een maandaangifte of een kwartaalaangifte in te dienen en die de bij de invoer voldane belasting volledig in aftrek kan brengen.

14. Inderdaad, in dat geval heeft de belastingplichtige, die de belasting bij de invoer heeft voldaan, die belasting normaal afgetrokken in zijn aangifte met betrekking tot het tijdvak waarin de invoer heeft plaatsgehad. Indien de teruggaaf hem zou worden toegestaan, zou hij eveneens de vooraf verrichte aftrek moeten herzien en het ten onrechte afgetrokken bedrag moeten terugstorten aan de Schatkist.

15. De creditnota uitgereikt door vennootschap B dient enkel opgenomen te worden in vak 81, 85 en 87 van de btw aangiften van NV A.

Correctie met betrekking tot de intracommunautaire verwervingen

16. Overeenkomstig artikel 1, alinea 2 van KB 4 is de rechthebbende op teruggaaf in dat geval NV A.

17. Hoewel de teruggaaf hier niet uitgesloten is door KB 4, moet ook worden vastgesteld dat ze geen zin zou hebben omdat in dat geval NV A de teruggeven btw aan de schatkist zou moeten terugbetalen vermits de initiële verschuldigde btw werd afgetrokken.

18. De creditnota's uitgereikt door vennootschappen B en C dienen dan enkel in de vakken 81, 84 en 86 van de btw aangiften van NV A opgenomen te worden.

Verwerking in de intrastat aangifte

19. De rapportering in de intrastat aangifte van leveringen door vennootschap C of D dient te gebeuren conform het KB van 9 januari 2005. Deze rapportering aan de Nationale Bank van België betreft een bevoegdheid van de FOD economische zaken zodat de DVB niet bevoegd is om zich hierover uit te spreken.

Uitreiking van een globale credit nota door vennootschap C voor leveringen vanuit Nederland en Frankrijk

20. De DVB is niet bevoegd om een beslissing te nemen mbt de administratieve verplichtingen (uitreiking van credit nota's) van een in een andere lidstaat gevestigde belastingplichtige. Deze vraag dient dus als onontvankelijk verklaard te worden.

21. In dat verband is de DVB wel de mening toegedaan dat wanneer vennootschap C een globale credit nota uitreikt voor de leveringen vanuit Nederland en Frankrijk, deze niet meer beantwoordt aan de verplichtingen die worden opgelegd door artikel 262 en volgende van de Richtlijn 2006/112/EG.

Gelet op wat voorafgaat beslist het College van de DVB dat:

22. de correcties ten voordele van NV A in het kader van de toegepaste verrekenprijsmethode moeten worden behandeld als prijsverminderingen in de zin van artikel 77 §1, 2°, en 77 §1, bis, 1°, van het btw-wetboek;

23. de door vennootschap B uitgereikte credit nota's geen vermelding moeten maken van de btw;

24. deze credit nota's niet moeten verwijzen naar de oorspronkelijk uitgereikte facturen voorzover ze duidelijk melding maken van de periode waarvoor de facturen werden uitgereikt;

25. de door de leveranciers uitgereikte credit nota's in de btw-aangifte van NV A dienen opgenomen te worden zoals hiervoor voorzien.

26. de aanvraag mbt de globalisatie van de door vennootschap C uit te reiken credit nota's onontvankelijk is;

27. de vraag m.b.t. de rapportering in de intrastat aangifte onontvankelijk is;

Aangehaalde teksten

5