800.196
Voorafgaande beslissing nr. 800.196 dd. 12.08.2008
Belasting over de toegevoegde waarde
Vrijstellingen
Instellingen van sociale aard
Bejaardenzorg
Samenvatting
X, de uitbater van een rustoord voor bejaarden die overeenkomstig de vigerende wetgeving als rusthuis erkend is door de bevoegde overheid, verleent tegen kostprijs diensten ten voordele van de bewoners (bejaarden) van serviceflats, serviceflats die door Y worden uitgebaat. Y is voor de uitbating van deze serviceflats eveneens door de bevoegde overheid erkend. X factureert deze diensten aan Y die ze vervolgens doorrekent aan de serviceflatbewoners.
Gelet op enerzijds de wettelijk verplichte samenwerkingsverbanden tussen serviceflats en rusthuizen, en anderzijds de zeer beperkte omvang van deze werkzaamheden zonder enig commercieel karakter in hoofde van X, zijn deze diensten vrijgesteld van de BTW overeenkomstig artikel 44, § 2, 2° W.BTW.
I. Voorwerp van de aanvraag
1. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of X, uitbater van een rust -en verzorgingstehuis bepaalde welvernoemde diensten aan Y, de uitbater van serviceflats, mag factureren met vrijstelling van btw overeenkomstig artikel 44 § 2,2° W.BTW.
II. Omschrijving van de verrichting
2. X is de uitbater van een rustoord voor bejaarden en is overeenkomstig de vigerende wetgeving als rusthuis erkend door de bevoegde overheid.
3. Aanpalend aan het rustoord werden door Y serviceflats opgericht. Deze serviceflats werden eveneens erkend door de bevoegde overheid.
4. X kreeg de vraag om in deze serviceflats bepaalde diensten te verstrekken ten behoeve van de serviceflatbewoners.
5. Deze diensten zullen rechtstreeks verstrekt worden aan de serviceflatbewoners, maar om organisatorische redenen zal X deze diensten evenwel rechtstreeks aan Y , serviceflatuitbater, factureren.
6. Vervolgens zal Y, tegen dezelfde kostprijs, deze dienstverlening doorrekenen aan de individuele serviceflatbewoners.
7. In dat opzicht zal X een gedetailleerde factuur overmaken aan Y waarin per serviceflatbewoner een beschrijving wordt gegeven van de verrichte diensten.
III. Beslissing
8. Overeenkomstig artikel 44 § 2 , 2° W.BTW wordt van de belasting vrijgesteld "de diensten en leveringen van goederen die nauw samenhangen met maatschappelijk werk, met de sociale zekerheid en met de bescherming van kinderen en jongeren en die worden verricht door publiekrechtelijke lichamen of door andere organisaties die door de bevoegde overheid als instellingen van sociale aard worden erkend.
Worden met name bedoeld:
•de instellingen die de bejaardenzorg tot doel hebben;
•de kinderbewaarplaatsen, de zuigelingentehuizen en de instellingen die in hoofdzaak het toezicht over jongelui en de zorg voor hun onderhoud, opvoeding en vrijetijdsbesteding tot doel hebben;
•de instellingen voor gezinshulp;
•de centra voor levens- en gezinsvragen;
•de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen;
•de psycho-medisch-sociale centra en de centra voor leerlingenbegeleiding;
•de instellingen die de gehandicaptenzorg tot doel hebben;
•de instellingen die de begeleiding, de omkadering of de opvang van personen die zich in materiële of morele moeilijkheden bevinden tot doel hebben;
•de instellingen bedoeld in het koninklijk besluit van 17 december 2003 betreffende de subsidiëring van instellingen die voorzien in een gespecialiseerde begeleiding voor burgers die betrokken zijn in een gerechtelijke procedure;
•de externe diensten erkend bij het koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende de externe diensten voor preventie op het werk;"
9. Deze opsomming is evenwel niet uitputtend. Alle diensten en leveringen van goederen die nauw samenhangen met maatschappelijk werk, met de sociale zekerheid en met de bescherming van kinderen en jongeren en die worden verricht door publiekrechtelijke instellingen of door andere organisaties die door de bevoegde overheid als instellingen van sociale aard worden erkend, zijn van de belasting vrijgesteld. (cfr Beslissing nr E.T. 94.156, van 25.07.2005, gepubliceerd op fisconet).
10. Met organisaties erkend door de bevoegde overheid worden beoogd:
10.1. hetzij de instellingen die een formele erkenning genieten, in de gevallen waarin in een formele erkenning door de bevoegde federale, regionale of gewestelijke overheid wordt voorzien;
10.2. hetzij de instellingen waarvan de diensten en nauw daarmee samenhangende leveringen van goederen worden verricht in overeenstemming met de voor die instellingen geldende reglementering (ibidem);.
11. In casu stelt zich de vraag of het verrichten van de specifiek beschreven diensten door het erkende rusthuis X en gefactureerd aan de serviceflatuitbater Y beoogd worden door artikel art. 44, §2, 2 ° W.BTW.
12. Terzake moet eerst worden vastgesteld dat X als bejaardentehuis erkend is door de bevoegde overheid waardoor er geen twijfel bestaat dat X een instelling van sociale aard is.
13. Uit enerzijds de aard van die diensten en anderzijds uit de hoedanigheid van de begunstigden (de bewoners van de serviceflats) blijkt dat deze diensten moeten beschouwd worden als diensten die nauw samenhangen met maatschappelijk werk (bejaardenverzorging).
14. X zal deze dienstverlening rechtstreeks verstrekken aan de serviceflatbewoners. Om organisatorische redenen zal evenwel deze dienstverlening gefactureerd worden aan de serviceflatuitbater Y die vervolgens deze dienstverlening tegen dezelfde kostprijs zal doorrekenen aan de serviceflatbewoners.
15. In dat opzicht zal X een gedetailleerde factuur overmaken aan de serviceflatuitbater Y waarin per serviceflatbewoner een beschrijving wordt gegeven van de verrichte diensten. De serviceflatuitbater Y verricht hierdoor in feite kosteloos de rol van mandataris voor het financiële aspect.
16. Het optreden van X kadert bovendien in de verplichting opgelegd door de bevoegde overheid aan de serviceflatuitbaters om zich in te schakelen in de bestaande samenwerkingsverbanden van relevante voorzieningen voor bejaarden uit de gemeente en/of regio evenals in de verplichting om een functioneel samenwerkingsverband af te sluiten met minstens één rusthuis uit de regio die aan kwalitatieve normen beantwoordt.
17. In casu worden beide voorzieningen voor bejaardenzorg nauwelijks geografisch gescheiden zodat voor de serviceflatuitbater Y een samenwerking met X aangewezen en te verkiezen is boven een samenwerking met derden.
18. Er wordt bovendien vastgesteld dat bijna alle serviceflatbewoners ooit rusthuisbewoner worden en door de samenwerking de serviceflatbewoners het rusthuis reeds leren kennen waardoor een eventuele latere overstap gemoedelijker en vlotter kan verlopen.
19. Tevens zal X deze diensten niet op een commerciële manier aan derden verstrekken. Anderzijds zullen deze diensten tegen kostprijs worden verstrekt. Gelet op de zeer beperkte omvang kunnen deze diensten ook niet beschouwd worden als een aparte werkzaamheid in hoofde van X.
20. Tenslotte moet nog worden vastgesteld dat deze specifieke verplichting opgelegd aan de serviceflatuitbater (om zich in te schakelen in de bestaande samenwerkingsverbanden van relevante voorzieningen voor bejaarden uit de gemeente en/of regio evenals in de verplichting om een functioneel samenwerkingsverband af te sluiten met minstens één rusthuis uit de regio) uitsluit dat bovenstaande diensten door commerciële vennootschappen zonder sociaal oogmerk zouden verstrekt kunnen worden. De toepassing van art. 44 § 2,2° W.BTW kan op zichzelf dus geen aanleiding geven tot concurrentieverstoring.
21. Gelet op wat voorafgaat beslist het College van de DVB dat bovenstaande dienstverlening die door X tegen kostprijs aan de serviceflatbewoners zullen verstrekt worden vrijgesteld zijn van de belasting overeenkomstig artikel 44, §2, 2°, W.BTW.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.