---
title: "Voorafgaande beslissing 2024.0370 · Inkomstenbelasting, beleggingsvennootschap"
description: "Inkomstenbelasting, beleggingsvennootschap, dividend, definitief belast inkomen. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2024.0370 van 18 juni 2024."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2024-0370-inkomstenbelasting-beleggingsvennootschap-dividend-definitief-belast-0e73"
lang: "nl"
---

# Inkomstenbelasting, beleggingsvennootschap, dividend, definitief belast inkomen, roerende voorheffing, rechtsmisbruik

**Nummer**

2024.0370

**Datum**

18 juni 2024

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

98 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2024.0370 d.d. 18.06.2024

*Inkomstenbelasting* · *Beleggingsvennootschap* · *Dividenden*

*DBI* · *Roerende Voorheffing VVPR* · *Antimisbruik*

*BTW* · *Alternatieve instelling voor collectief beheer* · *Financieel beheer* · *Administratief beheer* · *Vrijstelling*

## Samenvatting

1\. Gelet op hetgeen bepaald werd bij Voorafgaande Beslissing # dd. dd/mm/yyyy, zijnde dat Voorafgaande beslissing # dd. dd/mm/yyyy niet ter discussie wordt gesteld door de toetreding van K in het kapitaal van Y waarbij Y haar kwalificatie als beleggingsvennootschap behoudt in de zin van artikel 2, §1, 5°, f) WIB92, is de bepaling van artikel 202, §2, eerste lid WIB92 overeenkomstig artikel 202, §2, derde lid, 3° WIB92 niet van toepassing op de carried interest en catch-up verdeeld door Y.

2\. De bedragen die door Y aan X uitgekeerd worden in haar hoedanigheid van houder van Y carried aandelen kwalificeren als dividenden in de zin van artikel 18, eerste lid, 1° WIB92.

3\. De toekenning van carried interest en de catch-up is voor wat betreft de toepassing van artikel 18, eerste lid, 1° WIB92 verantwoord door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelasting in de zin van artikel 344, §1 WIB92.

4\. De dividenden die met gebruik van middelen uit de structuur door X aan haar aandeelhouder(s) zullen worden uitgekeerd zullen in aanmerking komen voor het VVPRbis-regime, op voorwaarde dat voldaan is aan alle voorwaarden van artikel 269, § 2 WIB92.

5\. Zowel de financiële als administratieve beheersvergoeding die door X aan Z gefactureerd worden voor het beheer van Y zijn van btw vrijgesteld op basis van [artikel 44, §3, 11° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44).

## I. Voorwerp van de aanvraag

1\. De aanvraag strekt ertoe de bevestiging te verkrijgen dat:

1.1. de toetreding van K tot het aandeelhouderschap van Y geen invloed heeft op de status van Y als beleggingsvennootschap in de zin van het WIB92 (bevestiging van de ruling # van dd/mm/yyyy);

1.2. de carried interest en de catch-up fiscaal behandeld zullen worden als uitgekeerde dividenden in de zin van artikel 18, eerste alinea, 1° WIB92 voor de toepassing van het WIB92 in hoofde van de Aanvrager en als DBI in hoofde van de Aanvrager overeenkomstig artikel 202, §2, alinea 3, 3° WIB92, Y kwalificerend als beleggingsvennootschap; afwezigheid van fiscaal misbruik overeenkomstig artikel 18, lid 1, 1° WIB92 met betrekking tot artikel 344, §1 WIB92;

1.3. de beheersvergoedingen die de Aanvrager aan Z factureert voor het beheer van Y zijn vrijgesteld van btw op basis van [artikel 44, § 3, 11° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44);

1.4. de dividenden die met gebruik van middelen uit de structuur die door de Aanvrager aan zijn aandeelhouder(s) zullen worden uitgekeerd, zullen in aanmerking komen voor de VVPRbis-regeling.

## II. Beslissing

2\. De aanvrager heeft in de aanvraag de voorwaarden vervat in de artikelen 21 en 22 van de voormelde wet van 24 december 2002 nageleefd.

3\. X is een managementvennootschap die een Key Executive van Y zal worden.

4\. Y is een fonds dat op dd/mm/yyyy door het L team werd opgericht. Y werd opgericht als een technologiefonds met als doel een aanzienlijke waarde te creëren voor zijn investeerders door te investeren in technologie vennootschappen in de beginfase of aan het begin van hun ontwikkelingscyclus - en dus met een sterk groeipotentieel - om hun innovatieactiviteiten te ondersteunen.

5\. K heeft een belang van ongeveer # EUR in Y genomen als onderdeel van een tweede closing die, samen met nieuwe bijdragen van # EUR van bestaande investeerders en # EUR van nieuwe investeerders, het fonds van een initieel bedrag van # EUR naar ongeveer # EUR bracht.

6\. Deze investering was afhankelijk van de onafhankelijkheid van Y en het managementteam (bestaande uit de Key Executives), evenals een aanzienlijke investering door de Key Executives (van # EUR tot # EUR). Gezien de banden die bestonden tussen Y en L maakte de door K nagestreefde onafhankelijkheid een reorganisatie van het management van Y noodzakelijk.

7\. Deze reorganisatie hield voornamelijk de volgende veranderingen in:

7.1. Oprichting van Z (beheerder van het Y fonds na de investering van K).

7.2. De beheersdiensten van Z worden uitbesteed aan L en de Manco’s waaronder X (zij zullen Z factureren voor hun beheersdiensten).

7.3. Inschrijving op Y aandelen door Key Executives (al dan niet via hun ManCo) en door Z (in afwachting van nieuwe Key Executives).

Hoewel X ook Key Executive is heeft zij de Y aandelen van Z nog niet overgenomen (dit zou gebeuren in de loop van yyyy). X zal niet op bijkomende Y aandelen inschrijven.

7.4. Y zal 2 soorten van aandelen creëren: hurdle aandelen (in handen van de investeerders - met uitzondering van Key Executives) en carried aandelen (in handen van de Key Executives - natuurlijke personen of via hun ManCo).

### *II.A. Kwalificatie als beleggingsvennootschap*

8\. Onder een beleggingsvennootschap zoals gedefinieerd in artikel 2, §1, 5°, f) WIB92, wordt verstaan, enigerlei vennootschap die het gemeenschappelijk beleggen van kapitaal tot doel te heeft.

9\. Bij voorafgaande beslissing # dd. dd/mm/yyyy werd bevestigd dat Y kwalificeert als een beleggingsvennootschap in de zin van artikel 2, §1, 5°, f) WIB92. De reorganisatie houdt in bepaalde gevallen een wijziging in van de feiten die in de verkregen beslissing werden voorgesteld. Deze wijzigingen zijn de volgende:

9.1. Y werd opgericht voor een duurtijd van # jaar die # maal met # jaar verlengd kon worden. Met de toetreding van K is de looptijd van Y aangepast en bedraagt nu een initiële looptijd van # jaar die # maal met # jaar verlengd kan worden.

9.2. Y werd beheerd door L, een dochtervennootschap van M. Om te voldoen aan de eis van onafhankelijkheid van K werd het beheer van Y toevertrouwd aan Z. Y wordt verder beheerd door een raad van bestuur, een onafhankelijke voorzitter en vertegenwoordigers van de investeerders. Het bestuur van Y omvat ook een adviescomité en een investeringscomité (samengesteld uit Key Executives).

9.3. Voor het overige blijft volgens de aanvrager het beheer van Y ongewijzigd ten opzichte van de elementen die zijn uiteengezet in Voorafgaande beslissing # dd. dd/mm/yyyy.

10\. Uit de aanvraag blijkt dat er, behoudens voorgaande, geen bijzonderheden zijn met betrekking tot de andere elementen die hebben geleid tot de vaststelling Voorafgaande beslissing # van dd/mm/yyyy.

11\. Bij Voorafgaande beslissing # dd. dd/mm/yyyy werd o.a. bevestigd dat de toetreding van K tot het aandeelhouderschap van Y geen impact heeft op de reikwijdte van besluit van Voorafgaande beslissing # dd. dd/mm/yyyy (en dus dat Y nog steeds kwalificeert als een beleggingsvennootschap in de zin van artikel 2, §1, 5°, f) WIB92).

12\. Artikel 202, §2, eerste lid, WIB92 bepaalt dat de in §1, 1° en 2°, vermelde inkomsten, behalve voor zover deze voortkomen uit de toepassing van artikel 211, § 2, derde lid, of van bepalingen met een gelijkaardig effect in een andere Lidstaat van de Europese Economische Ruimte, slechts aftrekbaar zijn in zoverre:

1° op de datum van toekenning of betaalbaarstelling van deze inkomsten, de vennootschap die de inkomsten verkrijgt in het kapitaal van de vennootschap die ze uitkeert, een deelneming bezit van ten minste 10 % of met een aanschaffingswaarde van ten minste 2.500.000 EUR;

2° deze inkomsten betrekking hebben op aandelen die gedurende een ononderbroken periode van ten minste één jaar in volle eigendom worden of werden behouden.

13\. Artikel 202, §2, derde lid, 3° WIB92 bepaalt dat de voorwaarden vermeld in het eerste lid evenwel niet van toepassing zijn op de inkomsten die worden verleend of toegekend door beleggingsvennootschappen en gereglementeerde vastgoedvennootschappen.

14\. Aangezien in artikel 202, §2, derde lid WIB92 in algemene bewoordingen sprake is van “beleggingsvennootschap”, heeft het begrip beleggingsvennootschap de betekenis die er aan gegeven wordt door de definitie vermeld in artikel 2, §1, 5°, f) WIB92.

15\. De kwalificatie van Y als een beleggingsvennootschap in de zin van artikel 2, §1, 5°, f) WIB92 impliceert dat:

15.1. X in aanmerking komt voor de DBI-aftrek op de dividenden uitgekeerd door Y, en dit ongeacht de participatiegraad en de houdperiode van haar investering (voor zover de voorwaarden van artikel 203 WIB92 voldaan zijn) en dit conform artikel 202, §2, derde lid, 3° WIB92;

15.2. de eventuele meerwaarden op aandelen die X zou realiseren bij verkoop van haar Y aandelen overeenkomstig artikel 192, §1, eerste lid WIB92 vrijgesteld zijn van de vennootschapsbelasting, en dit ongeacht de participatiegraad en houdperiode van haar investering in Y (voor zover de voorwaarden van artikel 203 WIB92 voldaan zijn), en dit gelet op de verwijzing van artikel 192, §1, eerste lid WIB92 naar artikel 202, §1 en §2 WIB92 (en dus ook de uitzonderingsbepaling zoals voorzien onder artikel 202, §2, derde lid, 3° WIB92).

### *II.B. Kwalificatie als dividenden*

16\. De aanvrager wenst de bevestiging te krijgen dat de carried interest en de eventuele catch-up die door Y wordt uitgekeerd beschouwd kan worden als een dividend in de zin van artikel 18 WIB92.

17\. Artikel 18, eerste lid, 1° WIB92 stelt dat: “dividenden omvatten 1° alle voordelen toegekend door een vennootschap aan aandelen en winstbewijzen hoe ook genaamd, uit welken hoofde en op welke wijze ook verkregen”.

18\. Artikel 18/4 Com.IB stelt bovendien dat artikel 18, eerste lid, 1°, WIB92 de voordelen van aandelen en winstbewijzen beoogt, hoe ook genaamd, verkregen van een vennootschap, en maakt geen onderscheid tussen de verscheidene soorten van aandelen, ongeacht \[…\] hun eventuele bijzondere toestand in de vennootschap, naargelang ze een deel van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen, alleen recht geven op een deel van de winst, het aandelen met of zonder stemrecht betreft enz.

19\. Artikel 18/7 Com.IB stelt dat de bevoorrechte of prioriteitsaandelen van dezelfde aard zijn als de gewone aandelen, maar er een voorkeurrecht aan verbonden is om, vóór alle uitkering, een deel vooraf te nemen van de jaarlijkse winst of bij de verdeling van het maatschappelijk vermogen. Deze aandelen worden gecreëerd ofwel bij de oprichting van de vennootschap om een voordeel te verschaffen aan bepaalde aandeelhouders die men wil begunstigen, ofwel bij een kapitaalverhoging om inschrijvers aan te trekken.

20\. Naar aanleiding van de intrede van K in Y kent Y 2 soorten van aandelen: hurdle aandelen (in handen van de investeerders - met uitzondering van Key Executives) en carried aandelen (in handen van de Key Executives - natuurlijke personen of via hun ManCo, waaronder de aanvrager, L en Z).

21\. De houders van soort de carried interest aandelen van Y genieten een bijzonder uitkeringsrecht:

21.1. elke aandeelhouder verdient zijn investering in 1e rang terug;

21.2. de investeerders die hurdle aandelen bezitten ontvangen een vast preferent (hurdle) dividend;

21.3. de houders van carried aandelen zullen via dividenden (i) een “catch-up” ontvangen om de hurdle te recupereren die niet werd behaald onder randnummer 21.3 en (ii) een carried interest ontvangen die overeenstemt met # % van het uit te keren saldo (de resterende # % wordt pro rata verdeeld over de hurdle aandelen).

22\. De carried aandelen leveren alleen een rendement op na het gerealiseerd rendement op de hurdle aandelen, d.w.z. #-keer het toegezegde kapitaal van Y.

23\. De aanvrager stelt dat de houders van carried aandelen een groter risico lopen dan houders van hurdle aandelen. Het rendement dat houders van carried aandelen waarschijnlijk zullen behalen zou in dit stadium niet zeker, bepaald of vast te stellen zijn.

24\. De uitkeringen die door Y zullen worden gedaan en die toekomen aan de houders van de carried aandelen (zijnde o.a. X) maken aldus dividenden uit in de zin van artikel 18, eerste lid, 1° WIB92 (met uitzondering van terugbetalingen van kapitaal).

25\. Uit de aanvraag blijkt dat de uitkeringen die Y zal doen aan de carried aandeelhouders, voor wat betreft de toepassing van artikel 18 WIB92, verantwoord is door volgende andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, §1 WIB92:

25.1. De carried interest staat los van de (volgens de aanvrager marktconforme) vergoeding die de Manco’s (waaronder X op basis van onderaanneming) en Z zouden ontvangen voor de beheersdiensten die zij zullen verlenen. Deze vergoeding voor beheersdiensten vormt voor deze vennootschappen een belastbare winst.

25.2. Het recht op een carried interest beloont de houders van carried aandelen voor het aanzienlijke risico dat zij lopen vanaf het moment dat Y wordt opgericht (in dit geval vanaf het moment dat de statuten worden gewijzigd nadat K is toegetreden tot de aandeelhoudersstructuur van Y).

25.3. In het geval van Y zullen de carried aandelen in handen zijn van de Key Executives (natuurlijke personen of via hun Manco) waaronder X, L en Z voor de duur van Y. Deze aandelen nemen deel aan het ondernemings- en aandeelhoudersrisico tijdens deze periode.

25.4. Op dit moment zou er geen vast en bepaald rendement toe te schrijven zijn aan de carried aandelen. De carried interest weerspiegelt specifiek het onzekere rendement dat het kenmerkt.

### *II.C. VVPRbis*

26\. Artikel 269, §2, eerste lid WIB92 stelt:

> “In afwijking van paragraaf 1, 1°, wordt het tarief van de roerende voorheffing op de dividenden, met uitzondering van de in artikel 18, eerste lid, 2° ter, en 3°, bedoelde dividenden, verlaagd in zoverre dat:
>
> 1° de vennootschap die deze dividenden uitkeert, een vennootschap is die als kleine vennootschap wordt aangemerkt voor het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbare tijdperk waarin de kapitaalinbreng is gedaan;
>
> 2° die dividenden voortkomen uit nieuwe aandelen op naam uitgegeven ter gelegenheid van de oprichting van de vennootschap of een verhoging van haar kapitaal;
>
> 3° de volstorting van het kapitaal dat deze aandelen vertegenwoordigt, volledig gebeurt door middel van nieuwe inbrengen in geld;
>
> 4° deze inbrengen in geld niet voortkomen uit de verdeling van belaste reserves die overeenkomstig artikel 537, eerste lid, worden onderworpen aan een verlaagde roerende voorheffing zoals bedoeld in datzelfde lid;
>
> 5° de uitgifte van de aandelen gedaan is vanaf 1 juli 2013;
>
> 6° de belastingplichtige deze aandelen op naam ononderbroken in volle eigendom heeft behouden vanaf hun uitgifte;
>
> 7° deze dividenden zijn verleend of toegekend uit de winstverdeling voor het tweede boekjaar volgend op dat van de verrichte inbreng bij de oprichting van de vennootschap of bij een kapitaalverhoging, of voor volgende boekjaren.”

27\. Artikel 269, §2, tweede lid WIB92 stelt:

De roerende voorheffing bedraagt:

1° 20 % voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling voor het tweede boekjaar volgend op dat van de verrichte inbreng bij de oprichting van de vennootschap of bij een kapitaalverhoging;

2° 15 % voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling voor het derde boekjaar volgend op dat van de verrichte inbreng bij de oprichting van de vennootschap of bij een kapitaalverhoging, of voor volgende boekjaren.

28\. Artikel 269, §2, elfde lid WIB92 stelt:

De onderschreven sommen bij de uitgifte van de aandelen moeten volledig volstort zijn en aan deze aandelen mag geen voorkeursrecht verbonden zijn ten aanzien van de deelname in het kapitaal of in de winst of ten aanzien van de verdeling van het maatschappelijk vermogen.

29\. X werd door mevrouw N, als enige aandeelhouder, opgericht op dd/mm/yyyy.

30\. Op voorwaarde dat voldaan is aan de alle voorwaarden van artikel 269, §2 WIB92 zullen de dividenden die door X worden uitgekeerd in aanmerking komen voor het verlaagde tarief inzake roerende voorheffing op basis van artikel 269, §2, tweede lid WIB92.

### *II.D. BTW*

31\. Na de intrede van K in het kapitaal van Y is het beheer van Y toevertrouwd aan Z die bij de FSMA is geïdentificeerd als de beheerder van Y en die het beheer van Y uitbesteedt aan L en de Manco’s, waaronder (voor de toekomst) X.

32\. De aanvrager wenst de bevestiging te krijgen dat de beheersvergoedingen die door X worden gefactureerd aan Z voor het beheer van Y vrijgesteld zijn van BTW op basis van [artikel 44, §1, 11° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44).

33\. [Artikel 44, §3, 11°, b) WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) stelt:

> “§3. Van de belasting zijn nog vrijgesteld: \[…\]
>
> 11° het beheer van:
>
> \[…\] b) de instellingen voor collectieve belegging bedoeld in de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve beleggingen en hun beheerders;”

34\. Om te beoordelen of de diensten die X (in onderaanneming van Z) voor Y zal verlenen onder de btw-vrijstelling van [artikel 44, §3, 11° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) valt dient rekening te worden gehouden met de Europese BTW reglementering zoals geïnterpreteerd door het Hof van Justitie alsook met de specifiek eigen wetgeving en reglementering die van toepassing is op de AICB. Daarnaast heeft de [Circulaire nr. AOIF 22/2008 (E.T. 113.316) dd. 17.06.2008](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/22-2008-aoif-exoneration-gestion-administrative-financiere-5f0d) de btw-vrijstelling van [artikel 44, §3, 11° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) verder verduidelijkt.

35\. De diensten van financieel en administratief beheer zijn vrijgesteld van btw overeenkomstig [artikel 44, § 3, 11° WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44), maar materiële en technische diensten vallen niet onder deze btw-vrijstelling en dienen aan de btw te worden onderworpen. Deze btw-vrijstelling geldt ook op prestaties van financieel en administratief beheer uitgevoerd in onderaanneming.

36\. Er dient bijgevolg te worden besloten dat de diensten van financieel en administratief beheer die X als onderaannemer van Z zal verrichten de vrijstelling zoals voorzien in artikel 44, §3, 11° W.BTW genieten.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 7 voorkomens
