---
title: "Voorafgaande beslissing 2024.0074 · Vennootschapsbelasting, Belastingneutrale splitsing"
description: "Vennootschapsbelasting, Belastingneutrale splitsing, Zakelijke overwegingen. Belgische voorafgaande beslissing nr. 2024.0074 van 12 maart 2024."
url: "https://juriel.be/nl/rulings/2024-0074-vennootschapsbelasting-belastingneutrale-splitsing-zakelijke-overwegingen-f0d8"
lang: "nl"
---

# Vennootschapsbelasting, Belastingneutrale splitsing, Zakelijke overwegingen, Belastingfraude of -ontwijking · VENNOOTSCHAPSBELASTING - Belastingneutrale splitsing - Zakelijke overwegingen - Belastingfraude of –ontwijking - BTW - Overdracht van een bedrijfsafdeling - Overdracht van (on)roerende, geldmiddelen en vorderingen - REGISTRATIERECHTEN - Inbreng van een algemeenheid van goederen - PERSONENBELASTING - Divers inkomen - Schenking van aandelen

**Nummer**

2024.0074

**Datum**

12 maart 2024

## Over het document

**Verzameling**

Voorafgaande beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

99 paragrafen

Fiche van de FOD Financiën

Voorafgaande beslissing nr. 2024.0074 d.d. 12.03.2024

*VENNOOTSCHAPSBELASTING* · *Belastingneutrale splitsing* · *Zakelijke overwegingen* · *Belastingfraude of –ontwijking*

*BTW* · *Overdracht van een bedrijfsafdeling* · *Overdracht van (on)roerende, geldmiddelen en vorderingen*

*REGISTRATIERECHTEN* · *Inbreng van een algemeenheid van goederen*

*PERSONENBELASTING* · *Divers inkomen* · *Schenking van aandelen*

## Samenvatting

De splitsing van een familiale exploitatievennootschap A, waarbij de vermogensbestanddelen worden ondergebracht in een nieuw op te richten vennootschap en een bestaande vennootschap B met het oog op het uitwerken van een nalatenschapsregeling, beantwoordt aan het bepaalde in artikel 183*bis*, WIB 92 en kan plaatsvinden onder het belastingneutraal stelsel als bedoeld in artikel 211, § 1, WIB 92.

De overdracht van de vermogensbestanddelen naar de nieuw op te richten vennootschap ingevolge de splitsing van vennootschap A valt onder de toepassing van de artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw.

De overdracht van het onroerende goed, dat btw‑technisch niet meer nieuw is en waarvoor geen recht op aftrek werd uitgeoefend omdat het gebouw met vrijstelling van btw wordt verhuurd, samen met de ermee verband houdende roerende goederen die onroerend zijn geworden door incorporatie, naar de bestaande vennootschap B ingevolge de splitsing van vennootschap A is vrijgesteld van btw op basis van artikel 44, § 3, 1°, a) W.Btw.

De overdracht van de samen met het gebouw verhuurde roerende goederen, waarvoor geen recht op aftrek is uitgeoefend, naar de bestaande vennootschap B ingevolge de splitsing van vennootschap A is vrijgesteld van btw overeenkomstig artikel 44, § 2, 13°, W.Btw.

De overdracht van de geldmiddelen en de vordering (in R/C) naar de bestaande vennootschap B ingevolge de splitsing van vennootschap A is vrijgesteld van btw overeenkomstig artikel 44, § 3, 7°, W.Btw.

De splitsing van vennootschap A kan genieten van de vrijstelling van evenredige registratierechten zoals voorzien in artikel 117, § 1, federaal W.Reg., evenwel met een minimumheffing gelijk aan het algemeen vast recht bij toepassing van artikel 167, federaal W.Reg.

Artikel 90, eerste lid, 1° of 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92 is niet van toepassing ten name van de aanvragers-natuurlijke personen bij de daaropvolgende schenking van aandelen onder voorbehoud van het vruchtgebruik aangezien de overdracht gebeurt om niet.

## I. Voorwerp van de aanvraag

**1.** De aanvraag strekt ertoe bevestiging te krijgen dat:

•de splitsing van vennootschap A, waarbij haar vermogensbestanddelen worden overgedragen aan een nieuw op te richten vennootschap (NewCo) en aan de bestaande vennootschap B, kan gebeuren met toepassing van het vrijstellingsregime zoals bedoeld in artikel 211, § 1 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (hierna WIB 92);

•de overdracht van de vermogensbestanddelen die naar aanleiding van de voormelde splitsing worden overgedragen aan NewCo, kan plaatsvinden onder de toepassing van de artikelen [11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) en [18, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (hierna W.Btw);

•de overdracht van de vermogensbestanddelen die naar aanleiding van de voormelde splitsing worden overgedragen aan vennootschap B, kan plaatsvinden met vrijstelling van btw overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, a), W.Btw, artikel 44, § 3, 7°, W.Btw en artikel 44, § 2, 13°, W.Btw;

•de overdracht van het vastgoed dat naar aanleiding van de voormelde splitsing worden overgedragen aan respectievelijk NewCo en vennootschap B, belast wordt met het evenredige registratierecht aan het tarief van 0% door toepassing van artikel 117, § 1 van het Wetboek der Registratie-, hypotheek-, en griffierechten (hierna federaal W.Reg.), met een minimumheffing gelijk aan het algemeen vast recht van 50 EUR bij toepassing van artikel 167 federaal W.Reg.;

•naar aanleiding van de schenking met voorbehoud van vruchtgebruik geen diverse inkomsten in de zin van de artikelen 90, eerste lid, 1° en 9°, WIB 92 worden gerealiseerd.

## II. Omschrijving van de verrichtingen door de aanvragers

**2.** Vennootschap A is een exploitatievennootschap die naast het aanhouden van vastgoed en twee deelnemingen tevens diensten aan vennootschap X en vennootschap W levert.

**3.** De aandelen van vennootschap A zijn eigendom van de heer R en mevrouw S, elk ten belope van de helft (50%). De heer R bezit daarnaast tevens alle aandelen van vennootschap X en een deel van de aandelen van vennootschap Y.

**4.** De heer R en mevrouw S wensen een nalatenschapsregeling te treffen waarbij hun vermogen middels schenking (onder voorbehoud van het vruchtgebruik) wordt overgedragen aan hun drie kinderen. Het is daarbij de bedoeling dat elk van hun drie kinderen een gelijkwaardig deel van hun vermogen toebedeeld krijgt en dit rekening houdend met de wensen, interesses en toekomstplannen van elk kind.

## III. Beslissing

### *III.A. Betreffende de toepassing van artikel 211, § 1, WIB 92 inzake de splitsing van vennootschap A*

**5.** Om de beoogde overdracht van drie gelijkwaardige delen van het vermogen van de heer R en mevrouw S in het kader van de nalatenschapsregeling mogelijk te maken, wenst men vooreerst over te gaan tot de splitsing van vennootschap A waarbij enerzijds alle activa en passiva verbonden aan de dienstverleningsactiviteiten aan vennootschap X en vennootschap W, de participaties in vennootschap V en vennootschap W en gebouw 1 worden overgedragen aan een nieuw op te richten vennootschap, NewCo, en anderzijds alle activa- en passivabestanddelen m.b.t. gebouw 2 en geldmiddelen worden overgedragen aan de recent opgerichte vennootschap B, tegen uitgifte van aandelen aan de aandeelhouders van de te splitsen vennootschap.

**6.** De geplande splitsing beantwoordt aan de definitie van een gemengde splitsing als vermeld in artikel 2, § 1, 6°/1, f), WIB 92.

**7.** Na de verrichting zijn de activiteiten en alle bestanddelen van vennootschap A op een zodanig wijze opgedeeld dat de heer R en mevrouw S nadien kunnen overgaan tot de schenking (onder voorbehoud van het vruchtgebruik) van de aandelen van de verkrijgende vennootschappen aan het kind dat interesse heeft in de betrokken bestanddelen/activiteiten, waardoor de continuïteit ervan kan worden gegarandeerd.

**8.** Ingeval van een splitsing in toepassing van artikel 211, § 1, WIB 92 worden de verkrijgende vennootschappen, overeenkomstig de bepalingen van artikel 213, WIB 92, bij het bepalen van het gestorte kapitaal en van de voorheen gereserveerde winst die ingeval van splitsing bij elk van de overnemende of verkrijgende vennootschappen in aanmerking worden genomen, geacht het gestorte kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves van de gesplitste vennootschap evenredig met de fiscale nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen of verkregen. De aanvragers hebben bevestigd dat de omdeling van de fiscale vermogensbestanddelen conform het bepaalde in artikel 213, WIB 92 zal gebeuren. Dit blijkt ook uit het overgemaakte ontwerp van de splitsingsstaat. Vennootschap A beschikt volgens de aanvragers thans niet over vrijgestelde reserves.

**9.** Vennootschap A heeft een belastbare basis en beschikt niet over overgedragen fiscaal aftrekbare bestanddelen. Aangezien de verkrijgende vennootschappen een nieuw op te richten vennootschap en een recent opgerichte vennootschap zijn, beschikken deze evenmin over dergelijke bestanddelen. Uit de door de aanvragers aangeleverde prognoses blijkt dat beide verkrijgende vennootschappen winstgevend zullen zijn.

**10.** De aanvragers‑natuurlijke personen hebben bevestigd dat zij niet de intentie hebben om hun aandelen van de verkrijgende vennootschappen, behoudens de hierboven beschreven schenking in het kader van een familiale opvolging, te vervreemden.

**11.** Op basis van de door de aanvragers verstrekte inlichtingen kan worden aangenomen dat de splitsing van vennootschap A plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft in de zin van artikel 183*bis*, WIB 92.

**12.** De verkrijgende vennootschappen zijn binnenlandse vennootschappen.

**13.** Derhalve kan worden besloten dat aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92 is voldaan, zodat de splitsing van vennootschap A kan worden verricht onder het belastingneutraal regime zoals bedoeld in artikel 211, § 1, WIB 92.

**14.** De onderhavige beslissing is gebaseerd op de elementen zoals deze door de aanvragers vermeld werden. De DVB spreekt zich, ondanks het vermelde in randnummer 10 niet uit over de mogelijke toepassing van antimisbruikbepalingen (artikel 183*bis* of artikel 344, § 1, WIB 92, …) ten gevolge van verrichtingen die niet omschreven zijn in deze beslissing, zoals bijvoorbeeld de eventuele toekomstige overdracht, op een andere wijze dan middels schenking (al dan niet met voorbehoud van het vruchtgebruik), van de aandelen van NewCo en/of vennootschap B. Bij een latere overdracht van deze aandelen op een andere wijze dan middels schenking (al dan niet met voorbehoud van het vruchtgebruik), is deze beslissing niet langer geldig, tenzij de DVB in een avenant aan de beslissing de geldigheid ervan zou bevestigen.

### *III.B. Betreffende de btw inzake de splitsing van vennootschap A*

#### III.B.1. Betreffende de toepassing van de artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw

**15.** Overeenkomstig artikel 11 W.Btw wordt niet als een levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in een vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten. Artikel 18, § 3, W.Btw bevat hetzelfde principe met betrekking tot diensten.

**16.** Deze artikelen zijn de omzetting in het Belgisch BTW Wetboek van de artikelen [19](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-19) en [29](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29) van de Richtlijn 2006/112/CE van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (vroeger artikelen [5, § 8](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-5), en [6, § 5](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-6), van de zesde richtlijn 77/388/CE van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid‑Staten inzake omzetbelasting – Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag).

**17.** In haar arrest van 27 november 2003 – zaak [C‑497/01](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest), Zita Modes Sarl c. Administration de l’enregistrement et des domaines heeft het Europese Hof van Justitie verduidelijkt dat het begrip “overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen onder bezwarende titel, om niet of in de vorm van een inbreng in een vennootschap” moet worden uitgelegd dat daaronder valt de overdracht van een handelszaak of van een autonoom bedrijfsonderdeel met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend, en dat daaronder niet valt de verkoop van goederen zonder meer, zoals de verkoop van een voorraad producten.

**18.** De artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw zijn derhalve van toepassing wanneer de overdracht betrekking heeft op een geheel van elementen bestaande uit lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend.

**19.** In onderhavige aanvraag betekent dit concreet dat vennootschap A alle vermogensbestanddelen die verband houden met gebouw 1 en de dienstverlenende activiteiten (waaronder knowhow, cliënteel en eventueel andere bestanddelen die op vandaag niet tot uiting komen in de boekhouding van vennootschap A, maar n.a.v. de splitsing wel mee overgaan) integraal zal overdragen aan een nieuw op te richten vennootschap, NewCo.

**20.** Toetsend aan onderhavige casus dient gesteld dat naar aanleiding van de hierboven beschreven overdracht alle activa en passiva die verbonden zijn aan deze activiteiten zullen overgaan naar de nog op te richten vennootschap NewCo. Zowel op technisch als op organisatorisch vlak heeft deze overdracht betrekking op een bedrijfsafdeling. De bestaande autonome economische activiteit van vennootschap A zal uiteindelijk worden voortgezet door de nog op te richten vennootschap NewCo.

**21.** Hierbij dient te worden opgemerkt dat de overdracht in de btw-aangifte, conform de administratieve instructies betreffende een overdracht bij toepassing van de artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw, moet worden verwerkt.

**22.** De aanvragers verklaren dat de nieuw op te richten vennootschap NewCo een btw‑belastingplichtige zal zijn die, in de mate dat er btw zou verschuldigd zijn op de overdrachten, recht op btw-aftrek heeft.

**23.** Derhalve kan worden besloten dat de overdracht van alle vermogensbestanddelen die verband houden met gebouw 1 en de dienstverlenende activiteiten door vennootschap A aan NewCo in het kader van de splitsing van vennootschap A onder de toepassing valt van de artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw.

#### III.B.2. Betreffende de toepassing van artikel 44, § 3, 1°, a) W.Btw, artikel 44, § 3, 7°, W.Btw en artikel 44, § 2, 13°, W.Btw

**24.** Ingevolge de splitsing van vennootschap A zullen tevens alle vermogensbestanddelen van vennootschap A die verband houden met gebouw 2, dat met vrijstelling van btw verhuurd wordt door vennootschap A aan vennootschap X, evenals de activa die niet toerekenbaar zijn aan een welbepaald actiefbestanddeel en/of activiteit, aan de bestaande vennootschap B worden overgedragen.

**25.** Meer bepaald blijkt uit de splitsingsbalans van vennootschap A dat volgende vermogensbestanddelen zullen worden overgedragen aan vennootschap B:

•het onroerend goed bestaande uit het gebouw, evenals de ermee verband houdende roerende goederen, waaronder de elektronische apparatuur en de installaties, die onroerend zijn geworden door incorporatie;

•de overige roerende goederen, waaronder het meubilair en de kantooruitrusting, die zich in het gebouw bevinden, en niet onroerend zijn geworden door incorporatie;

•de geldmiddelen die vennootschap A op haar bankrekening heeft staan, evenals de vordering (in R/C) die zij heeft t.a.v. de heer R en mevrouw S.

**26.** Aangezien de overgedragen activa de overnemer niet toelaten een autonome economische activiteit uit te oefenen, moet worden vastgesteld dat zij niet beschouwd kunnen worden als een "algemeenheid van goederen of een bedrijfsafdeling" in de zin van de artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw. In die omstandigheden dient voor ieder overgedragen actiefbestanddeel het toepasselijke btw‑regime afzonderlijk te worden bepaald.

*III.B.2.1. Gebouw 2 en de ermee verband houdende roerende goederen die onroerend zijn geworden door incorporatie*

**27.** Overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, a) W.Btw is de levering van uit hun aard onroerende goederen van de btw vrijgesteld.

**28.** Worden evenwel uitgesloten de levering van gebouwen, gedeelten van gebouwen en het bijhorende terrein bedoeld in artikel 1, § 9, W.Btw, wanneer hun vervreemding wordt verricht uiterlijk op 31 december van het tweede jaar volgend op het jaar van de eerste ingebruikneming of de eerste inbezitneming van de goederen bedoeld in artikel 1, § 9, 1°, W.Btw door:

•hetzij een in artikel 12, § 2, W.Btw, beoogde belastingplichtige die voornoemde goederen bedoeld in artikel 1, § 9, 1°, W.Btw, heeft opgericht of heeft laten oprichten of met voldoening van de belasting heeft verkregen;

•hetzij een in artikel 8, § 1, W.Btw, beoogde belastingplichtige;

•hetzij elke andere belastingplichtige, wanneer hij op de door de Koning te bepalenwijze kennis heeft gegeven van zijn bedoeling een dergelijke vervreemding te verrichten met voldoening van de belasting.

**29.** De heer R en mevrouw S bevestigen dat gebouw 2 btw‑technisch niet meer nieuw is, zodat moet worden vastgesteld dat de overdracht van het onroerend goed, samen met de ermee verband houdende roerende goederen die onroerend zijn geworden door incorporatie, vrijgesteld zullen zijn van btw overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, a) W.Btw.

*III.B.2.2. De overige roerende goederen*

**30.** Overeenkomstig artikel 44, § 2, 13°, W.Btw is de levering van goederen die uitsluitend ten behoeve van een op grond van artikel 44 W.Btw vrijgestelde activiteit werden aangewend vrijgesteld van btw, mits voor deze goederen geen recht op aftrek is genoten.

**31.** Zoals hierboven vermeld, wordt gebouw 2 met vrijstelling van btw verhuurd door vennootschap A aan vennootschap X. Dit geldt tevens voor de roerende goederen, andere dan deze die onroerend zijn geworden door incorporatie, waaronder het meubilair en de kantooruitrusting, die samen met het gebouw worden verhuurd aan vennootschap X.

**32.** Aldus dient te worden vastgesteld dat de samen met het gebouw verhuurde roerende goederen worden gebruikt voor een activiteit die op grond van artikel 44 W.Btw van btw is vrijgesteld, zodat voldaan is aan de toepassingsvoorwaarde van artikel 44, § 2, 13°, W.Btw. Meer bepaald worden deze goederen gebruikt in het kader van een van btw vrijgesteld onroerende verhuring.

**33.** Aangezien aan de toepassingsvoorwaarde van artikel 44, § 2, 13°, W.Btw is voldaan – en voor zover voor vermelde goederen geen recht op aftrek is genoten – dient te worden besloten dat de overdracht ervan kan plaatsvinden met vrijstelling van btw.

*III.B.2.3. De geldmiddelen en de vordering (in R/C)*

**34.** Artikel 44, § 3, 7°, W.Btw bepaalt dat handelingen betreffende deposito's, rekening-courantverkeer, schuldvorderingen, cheques en andere handelspapieren met uitzondering van de invordering van schuldvorderingen van btw zijn vrijgesteld.

**35.** Voor wat de overdracht van de geldmiddelen en de vordering (in R/C) betreft, moet worden vastgesteld dat dit, gelet op de aard van de overgedragen bestanddelen, een handeling in de zin van artikel 44, § 3, 7°, W.Btw uitmaakt die als dusdanig van btw is vrijgesteld.

### *III.C. Betreffende de toepassing van artikel 117, § 1, federaal W.Reg. inzake de splitsing van vennootschap A*

**36.** Inzake de splitsing is artikel 117, § 1, federaal W.Reg. van toepassing: het bij artikel 115 federaal W.Reg. bepaalde recht is niet verschuldigd in geval van inbreng van de universaliteit der goederen van een vennootschap, bij wijze van fusie, splitsing of anderszins, in een of meer nieuwe of bestaande vennootschappen.

**37.** Deze bepaling is evenwel slechts toepasselijk op voorwaarde dat:

•de vennootschap die de inbreng doet de zetel van haar werkelijke leiding of haar statutaire zetel heeft op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen;

•eventueel na aftrek van de op het tijdstip van de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen, de inbreng uitsluitend vergoed wordt, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde of, bij gebrek aan een nominale waarde, van de fractiewaarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt. Indien het Belgisch of buitenlands recht dat de verkrijgende vennootschap beheerst niet in een begrip gelijkaardig aan dat van het kapitaal van een naamloze vennootschap voorziet, wordt met de fractiewaarde gelijkgesteld, de inbrengwaarde, zoals die blijkt uit de jaarrekening, van alle door de aandeelhouders of vennoten toegezegde inbrengen in geld of in natura, met uitzondering van de inbrengen in nijverheid, in voorkomend geval verhoogd met de reserves die op grond van een statutaire bepaling slechts aan de aandeelhouders of vennoten kunnen worden uitgekeerd mits een statutenwijziging, dit alles gedeeld door het aantal aandelen.

**38.** Bij de splitsing van vennootschap A naar twee verkrijgende vennootschappen, zal de inbreng worden gedaan door een Belgische vennootschap. Hierdoor is voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng wordt gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

**39.** De inbreng zal uitsluitend worden vergoed in aandelen en er zal geen opleg in geld worden betaald door de verkrijgende vennootschappen.

**40.** Vermits er tevens passiva worden overgedragen, moet in principe rekening worden gehouden met de toepassing van artikel 120, eerste lid, federaal W.Reg., de zogenaamde gemengde inbreng op basis waarvan a rato van het passief evenredige rechten verschuldigd zijn. In hetzelfde artikel 120 federaal W.Reg. en meer bepaald in het derde lid wordt er echter een uitzondering voorzien voor het geval de universaliteit van de goederen wordt ingebracht. De splitsing van vennootschap A naar twee verkrijgende vennootschappen gebeurt door inbreng van het gehele vermogen, zowel actief en passief, van de te splitsen vennootschap, waardoor er wordt voldaan aan de notie van een universaliteit van goederen, zoals bepaald in artikel 117, § 1, federaal W.Reg.

**41.** Gelet op het voorgaande kan worden gesteld dat de splitsing van vennootschap A voldoet aan alle voorwaarden voor de vrijstelling van evenredige registratierechten zoals voorzien in artikel 117, § 1, federaal W.Reg.

**42.** Voor de toepassing van de registratierechten worden de verrichtingen beoordeeld op het tijdstip van de inbreng zelf, zijnde de datum van het verlijden van de notariële akte, zonder retroactiviteit.

### *III.D. Betreffende de toepassing van artikel 90, eerste lid, 1° en 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92 inzake de schenking van aandelen*

**43.** Naar aanleiding van de splitsing van vennootschap A zullen de heer R en mevrouw S elk 50% van de aandelen van NewCo verkrijgen en zullen zij (rekening houdend met de aandelen die reeds in het bezit zijn van kind 3 bij de oprichting van vennootschap B) samen ook het merendeel van de aandelen van vennootschap B verkrijgen.

**44.** De splitsing van vennootschap A zal worden gevolgd door een schenking onder voorbehoud van vruchtgebruik van:

•de aandelen van vennootschap X door de heer R aan kind 1;

•de aandelen van NewCo door de heer R en mevrouw S aan kind 2, die reeds actief is binnen de groep en in naam en voor rekening van de vennootschap diensten verstrekt aan vennootschap X en vennootschap W;

•de aandelen van vennootschap B door de heer R en mevrouw S aan kind 3;

•de aandelen van vennootschap Y door de heer R aan zijn drie kinderen, waarbij het de bedoeling is dat de toebedeling gebeurt in functie van de waarde van elke kavel teneinde tot een situatie te komen waarin elk kind *in globo* een gelijke waarde toebedeeld krijgt zonder dat iemand financieel wordt benadeeld.

**45.** Overeenkomstig artikel 90, eerste lid, 1° WIB 92 vormen de winsten of baten, hoe ook genaamd, die zelfs occasioneel of toevallig, buiten het uitoefenen van een beroepswerkzaamheid, voortkomen uit enige prestatie, verrichting of speculatie of uit diensten bewezen aan derden, diverse inkomsten.

**46.** Overeenkomstig artikel 90, eerste lid, 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92 vormen de meerwaarden op aandelen die zijn verwezenlijkt naar aanleiding van de overdracht onder bezwarende titel (verkoop, ruil en inbreng in vennootschap) van die aandelen buiten het uitoefenen van een beroepswerkzaamheid, eveneens diverse inkomsten.

**47.** De artikelen 90, eerste lid, 1° en 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92 zijn slechts van toepassing indien er enige meerwaarde op de overdracht van aandelen wordt gerealiseerd.

**48.** De realisatie van een meerwaarde veronderstelt echter dat er een prestatie tegenover de overdracht staat. Dit is echter niet het geval bij een schenking (al dan niet met voorbehoud van het vruchtgebruik) waarbij de overdracht gebeurt om niet.

**49.** Derhalve kan worden besloten dat er naar aanleiding van de schenking met voorbehoud van vruchtgebruik door de heer R en mevrouw S geen diverse inkomsten in de zin van de artikelen 90, eerste lid, 1° of 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92 worden gerealiseerd.

## Aangehaalde teksten

7

[WBTW art. 11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) 1 voorkomen

[WBTW art. 18](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-18) 1 voorkomen

[Zesde richtlijn 77/388 art. 5](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-5) 1 voorkomen

[Zesde richtlijn 77/388 art. 6](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-6) 1 voorkomen

[btw-richtlijn 2006/112 art. 19](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-19) 1 voorkomen

[btw-richtlijn 2006/112 art. 29](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-29) 1 voorkomen

[C-497/01, arrest van 27 november 2003](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-497-01-arrest) 1 voorkomen
